Column

Niet uit te leggen

Er is zo ontzettend veel niet uit te leggen tegenwoordig. En ik moet zeggen: ik word er zelf ook een beetje gek van. De samenleving en het (grote)bedrijfsleven lijken wel ontkoppeld.

Neem een persbericht van Randstad deze week. Het uitzendconcern hield een enquête onder Nederlanders. Vraag: hoe staat u tegenover een arbeidsmarkt met uitsluitend flexibele contracten? Antwoord van tweederde: negatief.

Logische uitkomst zou ik zeggen (de meeste mensen hebben liever zekerheid), maar Randstad concludeert: „Nederland niet voorbereid op flexibele arbeidsmarkt van de toekomst.” Zorgelijk, aldus het concern. Niet: de mensen willen het niet, die flexibele arbeidsmarkt. Nee, de mensen snappen het niet, want die arbeidsmarkt komt er gewoon aan.

Nou, Randstad, volgens mij snapt de minister van Sociale Zaken het dan ook niet. Want Lodewijk Asscher veegt de laatste weken bedrijven de mantel uit omdat ze de geest van zijn nieuwe wet (de wet Werk en Zekerheid) verkeerd begrijpen. Asscher wil de „doorgeschoten flexibilisering” juist aanpakken. Daarom hebben werknemers in zijn wet niet meer pas na drie jaar maar al na twee jaar recht op een vast contract. Nu bedrijven als ING ervan worden beschuldigd in aanloop naar de wet uitzendkrachten alvast op straat te zetten omdat ze anders te veel rechten krijgen, briest Asscher in de Volkskrant: „Wat is de moraal van een bank die een salarisverhoging voor de top verdedigt die in de miljoenen loopt en tegelijk de kwetsbaarste werknemers iedere zekerheid wil onthouden? Is dat uit te leggen?”

‘Niet uit te leggen.’ Dat is hard op weg het thema van 2015 te worden. De mensen willen een vast contract, de minister wil ze daarbij helpen en het bedrijfsleven denkt: ‘Zeg, wereldvreemden, snappen jullie niet dat het vaste contract verdwijnt?’

Er is meer niet uit te leggen. De negentienjarige vakkenvuller die bij de aandeelhoudersvergadering van Ahold aan topman Dick Boer voorrekende dat hij 299 jaar zou moeten werken om hetzelfde te verdienen als Boer in één jaar, kreeg van Dick Boer een tenenkrommend antwoord: „Over de getallen die je noemt – ik denk niet dat er vandaag behoefte is daarop in te gaan.”

De behoefte mag er niet zijn, meneer Boer, de vraag zal niet verdwijnen. Zeker omdat Ahold bulkt van het geld. Zoveel zelfs dat het voor miljarden euro’s aan eigen aandelen inkoopt. Goed voor de aandeelhouders, minder goed voor het ondernemerschap en de economie.

Het is de gekke paradox van deze tijd. Geld klotst bij sommige grote bedrijven tegen de plinten, op de beurzen is het feest, maar de schurende vragen van gewone mensen blijven maar komen. Waarom heb ik geen vast contract? Waarom moet mijn bescherming tegen ontslag omlaag?

Overal in Europa zeggen burgers nu tegen regeringen: die economische politiek van jullie, die lusten we niet. Die inrichting van het financiële systeem, die vertrouwen we niet. Daar moet je wat mee.

De mensen stellen reële vragen over de inrichting van onze maatschappij. Zelfs de conservatieve Britse premier David Cameron ziet het probleem. Hij vroeg bedrijven laatst hun rijkdom te delen met de gewone Brit door de lonen te verhogen. Je hoort erin dat Cameron zonder die loonsverhoging het bedrijfsleven niet meer kan verdedigen.

Niet uit te leggen. Dat gaan we nog vaak horen dit jaar. Ik zou zeggen: probeer het eens uit te leggen.