Column

Iedereen kent iedereen en u kennen we nog niet

De zelfstandige kraamverzorgster uit Diemen die met zichzelf op internet adverteerde als ‘een vrolijke kraamvogel’ die van aanpakken en versgeperst fruit hield en die er op de bijbehorende foto ook zo uitzag met haar ronde brilletje en die rieten mand vol fruit aan het stuur van haar dienstfiets, gaf me onderuit de zak.

Wanneer kwam de baby? Begin augustus? En dan belde ik nu, eind april? Was ik gek? Ja, ik was gek! Veel te laat! Wat bezielde ons? Voor kraamzorg konden we alleen nog terecht bij de grote bureaus, en daar barstte het van de beginners en afdankertjes. Er zat er in ieder geval geen een tussen met een mand met vers fruit.

En verder nog een goedemiddag.

Het was niet zo dat ik met veel tegenzin een streep door haar naam trok, maar de angst om overal te laat mee te zijn had me stiekem wel te pakken.

Bij een wandeling, niet eens door mijn eigen buurt, liep ik zomaar een kinderdagverblijf binnen waar het ‘Kleurenrijk’ heette. Het was vreemd genoeg een grijze, bijna steriele ruimte, maar een kniesoor die daarover zou beginnen. Kinderdagverblijven hadden wel vaker gekke namen. In ‘Kabouterland’ verwachtte ik toch ook geen kabouters? Nee, ik was nu in Kleurenrijk en het was niet vreemd dat het hier zo grijs was.

„U komt een kijkje nemen?”

Een vrouw van middelbare leeftijd, duidelijk de manager, sprak me aan. Ze was van het slag dat meteen maar even benoemde waar ik mee bezig was zodat ik alleen nog maar ‘ja’ of ‘nee’ kon zeggen.

Ja, ik nam een kijkje en misschien ook wel twee.

Ze bleef naast me staan terwijl ik keek, wat ik dan achteraf bezien wel weer een pre vond want als je zomaar alle rondwandelende mannen ongestoord een kijkje liet nemen was je natuurlijk geen betrouwbare opvang. Ze begon over de ‘ons kent ons-cultuur’.

„Iedereen kent hier iedereen en u kennen we nog niet.”

Ik was nu een potentiële verdachte, tenminste ik dacht dat zij dat dacht en begon omdat ik het verder ook niet wist zomaar over die naam.

‘Kleurenrijk’, waar sloeg dat op?

„Dat is denk ik omdat we hier geen varkensvlees eten”, zei de mevrouw. Ze voegde eraan toe dat dit was ‘uit respect voor de mensen die geen varkensvlees eten’.

Ik zei iets als: mensen met een kleurtje, allemaal een ander kleurtje en dat het daarom dus Kleurenrijk heette, maar zij zei: “Gewoon geen boterham met ham.”

Kijkje genomen en toen maar weer gegaan.