„Ik wilde lakschoentjes”

Elke week vertelt iemand over zijn of haar eigenzinnige kledingstijl. Ulrike Sterman verzamelt laarzen en schoenen. „Ik zou een goeie zijn voor dat tv-programma over hoarders.”

Foto Jan Willem Kaldenbach

Ulrike Sterman (70), kunstenaar uit Arnhem

Zijn uw laarzen vintage?

„Ja, ze komen uit de jaren zeventig of het begin van de jaren tachtig . Ik ben dol op het korte, spitse neusje van toen. Ik heb veel laarzen uit die tijd bewaard, maar ik koop ze ook op rommelmarkten en in kringloopwinkels. Het kan me niks schelen als ze zijn gedragen door mensen met zweetvoeten of enge ziektes.”

Hoeveel paar schoenen heeft u?

„Zo’n tachtig paar laarzen en iets van 250 paar schoenen. Hoge hakken en plat. Alleen sneakers heb ik weinig. Ik bewaar mijn schoenen in dozen en zakken, en ze liggen door het hele huis heen. En dan heb ik nog mijn verzamelingen. Ik heb plastic schoenen verzameld, en ook een tijd skischoenen uit de jaren zestig en zeventig. Ik zou een goeie zijn voor dat TV-programma over hoarders.”

U gooit nooit een paar weg?

„Af en toe, als ze echt versleten zijn. Maar dat gebeurt bijna nooit. En dan nog: ik heb wel eens een tas gemaakt van het bovenwerk van een paar paarse laarzen van Maud Frizon die helemaal op waren.”

Bent u altijd al zo dol geweest op schoenen?

„Als klein kind al. Ik wilde altijd lakschoentjes, maar ik moest van die degelijke juchtleren schoenen aan. Toen ik ze dan eindelijk toch kreeg, waren ze een beetje te nauw, dus ik heb ze eigenlijk nooit gedragen. In de tijd dat ik op de kunstacademie zat, ging al mijn geld naar schoenen. Ik deed mode, dus de kleren maakte ik zelf. Ik ben ook 25 jaar de Nederlandse correspondent geweest voor een Duits schoenenvakblad.”

Beginnen uw outfits ook met uw schoenen?

„Nee hoor. Ik ben heel slordig, ik grabbel altijd iets uit een stapel. Bij mij hoeft het ook niet te kloppen. Ik wil zelfs niet dat het klopt, ik voel me daar niet prettig bij. Mijn moeder was Russisch, die had dat ook. Ik denk dat het iets Oost-Europees is.”

Milou van Rossum

m.vanrossum@nrc.nl