‘Ik kan mijn salaris goed uitleggen’

De bestuursvoorzitter van Schiphol ligt onder vuur. Met zijn salaris en de ambities van Schiphol is niets mis, zegt hij.

Jos Nijhuis, bestuursvoorzitter Schiphol:. „Het heeft geen zin om plannen te verzinnen die niet bij Nederland passen.” Foto Robin Utrecht

Voor iemand die het de laatste tien dagen zwaar te verduren heeft gehad in de publiciteit maakt Jos Nijhuis een opgewekte indruk. De kritiek lijkt de bestuursvoorzitter van Schiphol niet te raken. Slechts een enkele keer klinkt getergdheid door. „Ik ben niet het type dat treurig naast zo’n krantenkop gaat zitten en denkt: goh, wat gebeurt er toch allemaal? Ik ben een doener.” Omdat de kritiek toch wel overwaait? „Nee, nee, ik kijk daar niet luchtig naar. Ik begrijp het maatschappelijk sentiment.”

Het ‘sentiment’ rond Nijhuis begon vorige week met ophef over zijn salaris, en dan vooral over de bonus van 370.000 euro die hij in 2014 ontving. In totaal verdiende hij 900.000 euro. Nijhuis’ arbeidsovereenkomst dateert van voor de nieuwe norm van het ministerie van Financiën voor bestuurders van staatsdeelnemingen. Een bonus is nu maximaal 20 procent van het vaste salaris. De bonus van Nijhuis was 95 procent van zijn vaste salaris.

Deze week volgde het nieuws, ook in De Telegraaf, dat Schiphol de geplande nieuwbouw voor een terminal en pier uitstelt. Een knieval voor de concurrentie en een aanslag op de Nederlandse economie, was het commentaar. Politieke partijen en luchtvaartmaatschappijen toonden zich verbaasd en bezorgd. De PVV wil dat Rutte ingrijpt. Het CDA wil een discussie over de toekomst van Schiphol en luchtvaart in Nederland.

Tot nu toe reageerde Nijhuis niet op het rumoer. Nu wil hij eenmalig naar buiten treden.

Heeft u op enig moment gedacht: ik geef die bonus terug?

„Nee. Mijn contract valt nu eenmaal onder het oude beloningsbeleid. Daar zijn heldere afspraken over gemaakt. Die gelden al een paar jaar, het bedrag was ook geen nieuws. Als ik in 2017 zou doorgaan als bestuursvoorzitter, verdien ik maximaal 487.000 euro. Daar heb ik vrede mee.”

Ook al is het volgens de regels, u had een gebaar kunnen maken.

„Het politieke sentiment is nu anders dan toen we de afspraken maakten, maar de condities zijn gelijk gebleven. Ik zou er alleen afstand van doen als het slecht zou gaan met Schiphol. Dat is niet het geval.”

Vindt u het terecht dat uw beloning in een volgende termijn lager is?

„Die vraag vind ik voor mezelf niet relevant. Dat is een fact of life. De politiek heeft besloten dat voor staatsdeelnemingen het beloningsniveau gematigd moet worden. Dan heb je de keuze als bestuurder: vind je dat acceptabel of niet? Ik vind dat wel.”

Vindt u uw huidige salaris hoog?

„Mijn huidige salaris kan ik voor mezelf uitstekend verantwoorden. Ik kan goed in de spiegel kijken. Ik vind het geen exorbitante beloning.”

Met 2.000 werknemers en 1,4 miljard euro omzet is Schiphol geen gigant. Bestuurders van veel grotere bedrijven verdienen minder dan u. Welk kenmerk van een bedrijf bepaalt het inkomen van de baas?

„Ik vind de complexiteit van groot belang. En het moeten opereren in de markt. Schiphol heeft een grote rol in de samenleving, maar is tegelijk ook een hele commerciële onderneming, dankzij ons vastgoed en de winkels.”

Iedereen weet hoeveel u verdient. Wordt u daar op aangesproken?

„Dat valt wel mee. In mijn vriendenkring werd er kort over gesproken. Grappen en grollen, felicitaties en ook wel wat kritische opmerkingen.”

Wat merkt uw omgeving er van?

Nijhuis aarzelt even. „Ik weet niet of dit iets is voor de krant, maar ik noem het wel. Mijn moeder is 87, ze verblijft in een zorghotel maar leest nog alles. Met haar looprekje heeft ze die Telegraaf uit alle bakjes in het zorghotel gehaald. Ik vind het een grappig beeld. Met haar looprekje.”

Dan de ambities en de concurrentiepositie van Schiphol. Allemaal onzin wat daar afgelopen week over rondzong, volgens Nijhuis „Als ik me ergens over opwind, dan is het niet over dat inkomen, maar over het geleuter hier om heen.”

Op een grote luchtfoto toont Nijhuis de met roze stift ingetekende bouwplannen. Het aanvankelijke plan voor een kleine pier in het zogenoemde A-gebied is anderhalf jaar geleden ingeruild voor een ambitieuzer plan. Een grote pier met meer opstelplaatsen voor vliegtuigen, een terminal, een bagagekelder, uitbreiding van een parkeergarage, verplaatsing van een vrachtgebouw, aanpassing van het wegenstelsel. „Het bescheiden plan had in 2018 klaar kunnen zijn, dit plan vergt meer tijd, dat wordt 2021.”

Het halverwege bijstellen van een uitbreidingsplan getuigt niet van een visie voor de lange termijn.

„Dit is geen ad hoc plan, het is al vier of vijf jaar oud. Het is geen uitstel, we zijn alleen later klaar omdat we veel meer gaan doen dan gepland.”

Waarom koos u in eerste instantie voor de bescheiden uitbreiding?

„Vanwege de recessie en de matige opleving van de economie. Die keuze bleek niet verstandig, we moeten flink uitbreiden. In 2022 verwachten we 64 à 65 miljoen passagiers. Nu zijn dat er 55 miljoen.”

Temel Kotil, topman van het succesvolle Turkish Airlines, bevestigde deze week de bouw van een derde luchthaven bij Istanbul. Die gaat in 2018 open en is geschikt voor 150 miljoen passagiers per jaar. En u heeft moeite met een uitbreiding.

„Ik realiseer me drommels goed wat de bedreiging is van Istanbul, ze hebben ons in 2014 ingehaald. Ook van Dubai. Maar wij hebben in Nederland gekozen voor selectieve groei van Schiphol, die de overlast in een bewoon gebied beperkt houdt. In Turkije hebben ze een heel ander beleid. Het heeft geen zin om megalomane plannen te verzinnen die niet bij Nederland passen.”

In Turkije en de Golfstaten wordt niet gepolderd maar gebouwd. Is het frustrerend om te zien hoe ze Schiphol inhalen?

„Het is mij te makkelijk om de politiek en ons bestel als excuus te gebruiken. We moeten het zelf doen. Onze uitbreiding van het A-gebied, en de megaverbouwing voor centrale security die 3 juni klaar is, dat zijn onze concurrentiemiddelen. Net als onze hechte samenwerking met KLM. Ik maak me wel zorgen over de concurrentie van luchthavens die staatssteun ontvangen. De vanzelfsprekendheid van de mainport Schiphol is daardoor in de toekomst niet meer vanzelfsprekend. We moeten alle zeilen bijzetten om onze mooie luchthaven vast te kunnen houden.”