Meer geld is te makkelijk, krijgsmacht moet ook keuzes leren maken

„Een leger met een grotere slagkracht” is nodig, en een zevental defensie-pundits voegt meteen een gewenste budgetverhoging van tenminste 1,5 miljard euro (plus 20 procent) per jaar toe (23/4): niet genoeg manschappen, onvoldoende marineschepen en we kunnen ook maar de helft van de F35’s aanschaffen dan waar de Luchtmacht van uitging, aldus de lobbyisten.

Niets is zo simpel als om meer geld vragen. Ook bij Defensie moeten keuzes gemaakt worden. Treedt ze ook op voor ‘binnenlandse veiligheid’ zoals de heren willen? Is ter land, ter zee en in de lucht niet wat veel van het goede? Kunnen we de taken in de EU niet slimmer verdelen? Moeten we in Mali, Afghanistan en Oekraïne tegelijk kunnen optreden? Moeten we überhaupt gevechtsvliegtuigen willen – en dan nog de F35 die de beloften misschien niet nakomt en eenmaal vliegklaar een factor 2 duurder is geworden? „Nederland heeft belangrijke bijdragen geleverd aan militaire missies die internationaal werden gewaardeerd.” Stelden Irak en Afghanistan die ook op prijs, terwijl er schouderklopjes werden uitgedeeld op het NAVO-hoofdkwartier?

Een pagina NRC waarin alleen gevraagd wordt om geld, waarin een analyse van welke veiligheidsbehoeftes er worden gediend met 1,6 procent van het BNP of 5 procent van de overheidsuitgaven ontbreekt . Keuzes worden ontweken; logisch in een stuk dat onderschreven wordt door én Leon de Winter (befaamd veiligheidsdeskundige) én Jack de Vries én Dick Berlijn én Hans Wiegel én Lo Casteleijn.