Pijnlijke primeur: drone- aanval doodt gijzelaars

Excuses van aangedane Obama: VS wisten niet dat bij drone-aanval twee gijzelaars op basis van Al Qaeda waren.

Obama: „Ik vind het heel erg.” Foto Pablo Martinez Monsivais/AP

Bij een Amerikaanse drone-aanval in Pakistan blijken in januari twee westerse gijzelaars gedood te zijn. Dit maakte de Amerikaanse regering gisteren bekend. President Obama bood kort na de bekendmaking aangedaan zijn excuses aan. „Als president en opperbevelhebber neem ik de volledige verantwoordelijkheid voor al onze antiterroristische activiteiten. Ik vind het heel erg wat er is gebeurd en bied namens de Amerikaanse regering onze diepste verontschuldigingen aan de familie aan.”

Obama had een dag eerder al gebeld naar de familie één van de slachtoffers, de Amerikaanse hulpverlener Warren Weinstein. Hij werd met zijn Italiaanse collega Giovanni Lo Porto vastgehouden, respectievelijk sinds 2011 en 2012. Het telefoontje naar de echtgenote van Weinstein werd door medewerkers omschreven als een van de pijnlijkste momenten uit Obama’s presidentschap. „Hij nam het behoorlijk zwaar op”, zei een van hen.

Voor zover bekend is het de eerste keer dat onschuldige gijzelaars per ongeluk zijn gedood bij een Amerikaanse drone-aanval. Dit leidde ertoe dat het Witte Huis gisteren ongekende openheid betrachtte over de operatie. Normaal gesproken worden details over specifieke aanvallen zorgvuldig geheim gehouden voor journalisten en mensenrechtenorganisaties – ook al leidt dit tot jarenlange rechtszaken.

Maar nu moesten Amerikaanse regeringsfunctionarissen bekennen dat het besluit tot de aanval was genomen zonder specifieke informatie over wie zich in de directe omgeving bevond van de vermeende terreurbasis die door de drones in de gaten werd gehouden. De aanval was niet tegen een individu gericht, maar tegen de basis omdat de Amerikanen er na honderden uren inspectievluchten „vrijwel zeker” van waren dat die gebruikt werd door een Al-Qaedaleider en dat er geen burgers in de buurt waren. Volgens woordvoerder Josh Earnest het Witte Huis had het leger geen idee dat de twee gijzelaars op de basis aanwezig waren.

Opmerkelijk is dat de regering met de openbaarmaking min of meer erkent hoe onnauwkeurig de drone-aanvallen zijn, waarbij veel meer onbedoelde slachtoffers vallen dan de Amerikaanse regering wil toegeven. Onder president Obama is het gebruik van drones in de strijd tegen terrorisme sterk toegenomen, als alternatief voor grondoperaties zoals in Irak of Afghanistan. Sinds de aanslagen van 11/9 hebben de VS naar schatting 522 drone-aanvallen uitgevoerd in Pakistan, Jemen en Somalië. Daarbij zijn volgens onderzoekers 3.852 mensen omgekomen, van wie 476 burgers.

Micah Zenko, een drone-expert die is verbonden aan de denktank Council on Foreign Relations, zei tegen The New York Times dat dit incident „laat zien wat we al min of meer wisten: de meeste individuen die worden vermoord, staan niet op een dodenlijst en de regering kent hun namen niet”.

De vraag is of het incident zal leiden tot een nieuw debat over het frequente gebruik van drones in de strijd tegen terrorisme. Jarenlang kon Obama de drone-oorlog opvoeren, zonder dat hij zich hoefde te verantwoorden. Maar toen er in 2013 een publiek debat ontstond over het onderwerp, beloofde de president in een toespraak meer openheid. Dat is er echter nooit van gekomen.

Volgens Obama was de aanval in januari waarbij de Amerikaan en Italiaan om het leven kwamen „geheel in overeenstemming met de regels”. Hij zei dat hij naar aanleiding van het incident zal laten onderzoeken of die regels moeten worden aangepast. Maar door de geheimzinnigheid rondom de drone-oorlog is niet eens duidelijk wat die regels precies zijn.