Column

Ook schaatsers in opstand tegen rendementsdenken

Topschaatsster Jorien ter Mors in hetNOS Sportjournaal. NOS

Twee dagen achter elkaar vertelden Nederlandse topschaatssters, beiden winnares van een gouden medaille in Sotsji, dat ze zonder team verder wilden gaan. Dat wil zeggen: Ireen Wüst, in RTL Late Night stralend door haar bevrijding, begint een eigen ploeg en Jorien ter Mors (NOS Sportjournaal) wil langebaan en shorttrack blijven combineren en dat past niet in het systeem.

Je kunt je bijna geen betere illustratie wensen van de kentering in de hele Nederlandse samenleving. Vroeger zaten schaatsers die goed genoeg waren in een nationale kernploeg, zoiets als de Postgiro of het ziekenfonds. Er moest privatisering en meer onderlingen competitie komen, dus zitten de beste schaatsers nu in commerciële teams. Ze verdienen er ook een stuk beter dan vroeger.

De vruchten van de privatisering werden vorig jaar volop geplukt tijdens de Winterspelen in Sotsji: de Nederlandse schaatsers hadden elkaar tot grote hoogte opgezweept en waren onverslaanbaar. De hele wereld bewonderde het Nederlandse systeem.

Dit seizoen is de terugslag enorm. De prestaties vallen tegen, juist ook bij toppers als Sven Kramer en Ireen Wüst. Sommigen onttrekken zich nu aan het systeem, dat te weinig rekening houdt met hun bijzondere talent. Wüst vindt dat zo belangrijk dat ze haar eigen geld in een ploeg stopt.

De vergelijking met de rebellie tegen het rendementsdenken aan de universiteiten, bij de banken en in de gezondheidszorg zul je weinig tegenkomen op televisie. Daar hobbelen nieuwsprogramma’s en talkshows van incident naar incident en vragen zich vooral af of het college van bestuur aan kan blijven en wat een en ander betekent voor de samenwerking in de coalitie.

Het dichtst bij een iets bredere visie op de Bed-Bad-Broodcrisis kwam gisteren een van de hoofdrolspelers, PvdA-leider Diederik Samsom in RTL Late Night. Natuurlijk debiteerde hij de anekdotes die van hem verwacht werden, over het stuk maïsbrood dat hij zondag aan zijn Leidse keukentafel voor premier Mark Rutte smeerde, voordat ze samen besloten dat ze er hoe dan ook uit moesten komen.

Maar Samsom had het ook over die mensen uit verre landen die van een beter leven dromen en Humberto Tan merkte terecht op dat het hem zichtbaar emotioneerde.

De afgelopen dagen heb ik veel gehoord over rechterlijke uitspraken, opstandige burgemeesters en het naleven van Europese verdragen, maar erg weinig over de onderliggende dynamiek van de komst van grote aantallen Afrikanen en Arabieren.

De laatste vier eeuwen zijn wij Europeanen gewend aan welvaart en internationale hegemonie als vanzelfsprekende feiten. Er zijn mensen die denken dat we onze superioriteit louter aan de Verlichting danken.

Wat ook hielp waren (neo)kolonialisme en het onderwerpen van de mensen die woonden in landen met veel bodemschatten. Sommigen van hun achterkleinkinderen komen nu hun deel opeisen in het als Eldorado ervaren werelddeel.

Wie hier nu goed te eten heeft en in een lekkere stoel zit, gaat die weelde niet zomaar afstaan. Ook al heeft het oude Europa best belang bij nieuwe goedkope arbeidskracht, er zal politiek leiderschap nodig zijn om de eigen bevolking te overtuigen van de noodzaak van een echt geglobaliseerde economie. Daar zouden we het aan de tafels en de nieuwsdesks ook eens over kunnen hebben.