Mensensmokkelaars, die moet je ontregelen...

Boten laten zinken, hoge straffen opleggen en het wegnemen van de vraag. Wat is de beste manier om de organisatoren van mensenhandel aan te pakken?

Een Italiaanse patrouilleboot treft een met vluchtelingen volgepakte boot op de Middellandse Zee, woensdag. Foto Alessandro di Meo/ EPA

„Ik vroeg eens aan een bekende mensensmokkelaar of hij een grote boss was, een capo. Toen begon hij te lachen en zei dat we er nog niets van hadden begrepen. Wij zijn niet de maffia, met een sterke hiërarchische structuur, zei hij. Wij vormen een netwerk van mensen die elkaar vertrouwen.”

Andrea Di Nicola, criminoloog aan de Universiteit van Trento, heeft met zijn collega Giampaolo Muscemi twee jaar lang onderzoek gedaan naar de smokkel van migranten. „Nu krijgen mensen buikpijn als ze zien hoe bootvluchtelingen verdrinken’’, zegt hij in een telefoongesprek. „Maar je lost dit probleem niet op door migranten uit het water te vissen. Je moet je verdiepen in de wereld van de mensensmokkelaars, die moet je ontregelen. Maar dat is buitengewoon complex.’’

Mensensmokkelaars, zegt hij, zijn slimme ondernemers. „Het zijn verkopers van dromen, rationeel, flexibel, opportunistisch. Ze vormen een illegaal en crimineel reisbureau. Ze zijn steeds op zoek naar de zwakke plekken, volgen via internationale media wat er gebeurt in de verschillende EU-landen, passen zich aan. Die voortdurende veranderingen en die netwerkstructuur maken de strijd tegen hen erg moeilijk.”

Breng boten tot zinken

Een van de manieren waarop de Europese Unie de mensenhandelaren wil raken, is door de boten tot zinken te brengen voordat ze worden gebruikt. De plannen moeten nog worden uitgewerkt, maar Di Nicola vindt het alvast een goed idee. „Je treft ze waar het pijn doet, in de portemonnee.”

Maar niet iedereen is van het nut daarvan overtuigd. „Je lost het probleem van de enorme vraag niet op”, zegt Philippe Fargues, directeur van het centrum voor Migratie aan de Europese Universiteit in Florence. „De consequentie van zulke acties is dat mensen vast blijven zitten in Libië, een van de gevaarlijkste landen ter wereld. Aanpak van de mensensmokkelaars is het verkeerde antwoord op een echt probleem, en dat is de behoefde aan internationale bescherming voor mensen die op de vlucht zijn voor geweld en armoede, maar geen veilige manier hebben om asiel aan te vragen.”

Overigens zou vernietiging van de smokkelboten wel een duidelijke wending zijn in het bestaande beleid. Sinds juli 2014 mogen de kapiteins van de Italiaanse hulpschepen boten onder de 500 ton die voor het vervoer van migranten worden gebruikt, tot zinken brengen. In de praktijk is dat niet vaak gebeurd, ook al omdat vanuit het ministerie van Milieu bezwaren kwamen in verband met milieuverontreiniging. Uit politiecijfers blijkt dat van de 1.161 gevallen van illegale immigratie tussen 1 januari 2014 en 15 februari van dit jaar, er maar 150 boten tot zinken zijn gebracht; 109 boten zijn in beslag genomen. En de rest? Die werd vaak opnieuw gebruikt. Ook boten waarop door de Italiaanse kustwacht een merkteken was aangebracht nadat eerste hulp was verleend, bleken opnieuw te worden gebruikt bij andere overtochten.

Werk beter internationaal samen

Effectiever dan boten tot zinken brengen, is volgens Di Nicola betere politie-samenwerking tegen mensenhandel. In ieder land zou een speciale aanklager moeten komen die is gespecialiseerd in mensenhandel, zegt hij. En lukt het niet samen te werken met Libië omdat het daar zo’n chaos is? Laten we dan in ieder geval veel meer overleggen met Egypte en Turkije, twee andere essentiële knooppunten in de routes naar Europa.

Dit is precies wat we aan het doen zijn, zegt Wil van Gemert, adjunct-directeur van Europol. Hier wisselen Europese politiekorpsen informatie uit. Vorige maand is een speciale taakgroep ingericht voor mensenhandel. „De focus ligt nu op het redden van migranten, maar dat is niet voldoende. Er moet ook meer geld komen om de criminaliteit aan te pakken en informatie hierover uit te wisselen.” Van Gemert wijst er overigens op dat deze smokkelaars zich steeds beter organiseren. „Vorige maand hebben we ervoor gezorgd dat een internationaal smokkelnetwerk in Griekenland opgerold kon worden. Dat was goed georganiseerd: ze hadden een plaats waar paspoorten nagemaakt kon worden en adverteerden ook voor hun diensten op de sociale media.”

Pak de centrale figuren

Wat Van Gemert impliciet zegt, noemt Julien Simon van het Internationale centrum voor de ontwikkeling van migratiebeleid (ICMPD) nadrukkelijk: de strijd tegen mensensmokkelaars had jarenlang nauwelijks prioriteit. Hij herinnert zich nog hoe hij de speciale eenheid hiervoor bij Interpol maar uit een handjevol mensen bestond. „Dit moet echt veranderen. We moeten processen organiseren, met zware straffen. Dan krijgen mensensmokkelaars een duidelijke boodschap: als je mensen exploiteert en hen in gevaar brengt, ga je lange tijd de gevangenis in. De betrokken politiediensten zijn in mijn ervaring erg gemotiveerd. Ze zouden veel meer kunnen doen als ze meer middelen krijgen. Dan kan je ook proberen om een aantal van de grote vissen te vangen, de centrale figuren in de netwerken, en niet zoals nu vooral de uitvoerders.”

Maar de beste oplossing volgens veel migratiedeskundigen: ontneem de mensensmokkelaars hun werk. Zorg dat mensen in de regio asiel kunnen aanvragen. Di Nicola zegt het zo: „Dertig, veertig procent van de bootvluchtelingen komt volgens de huidige regels zonder meer in aanmerking voor asiel. Laat hen dat dichter bij huis aanvragen, desnoods in Egypte of Turkije. Anders betalen die mensen duizenden euro’s aan de mensensmokkelaars.”

Het gaat niet alleen om het voorkomen dat mensen op zee omkomen, zegt Di Nicola. Je wilt ook geldstromen naar bepaald groepen tegengaan. „Als je alleen al naar Libië kijkt, dan gaat het er ook om dat nu miljoenen euro in handen komen van Libische stammen die samenwerken met de mensenhandelaren en tegelijkertijd drugshandel en terrorisme financieren. Is dat dan wat we willen?”