Geen Grexit maar ‘Grimbo’

Vandaag is er wéér Europees overleg. Hoe nijpend is de situatie nu echt?

Grieken staan in de rij voor een gaarkeuken in Athene van de liefdadigheidsstichting Galini, van de Griekse orthodoxe kerk. De foto werd genomen in maart. Foto Reuters / Yannis Behrakis

Brussel heeft er even genoeg van: deadlines. De Griekse crisis ligt er bezaaid mee, en tot nu toe zijn ze allemaal boterzacht gebleken. Deadlines leiden tot een alles-of-niets-sfeer en tot onnodige opwinding, zo is de gedachte nadat zoveel data niks bleken op te leveren.

De vergadering die ministers van Financiën van de eurolanden vandaag in Riga houden, gold eerst ook als deadline. Intussen is duidelijk dat de onderhandelingen, over de hervormingen die Griekenland moet doorvoeren in ruil voor noodsteun (7,2 miljard euro) nog wel even doorgaan. Zeker tot een volgende vergadering op 11 mei en waarschijnlijk langer.

1 De Griekse regering trad eind januari al aan. Waarom is er nog steeds geen akkoord?

De regering heeft gebrek aan ervaring en expertise. Griekenland kent vrijwel geen ‘institutionele continuïteit’: na verkiezingen worden ook topambtenaren vervangen. Eerst wist de regering vaak niet wie ze naar vergaderingen moest sturen. Eind maart kreeg premier Alexis Tsipras in de marge van een Europese top urenlang college van onder anderen bondskanselier Merkel, over de politieke mores en procedures in de EU.

Ook is er veel gekissebis over de ‘trojka’. De drie instellingen die de Griekse plannen moeten beoordelen – Europese Centrale Bank (ECB), Europese Commissie en Internationaal Monetair Fonds (IMF) – zijn in Athene synoniem geworden voor paternalisme en vernedering. Om de Grieken tegemoet te komen heet de trojka nu ‘Brussel- groep’. Maar daarmee is de kou nog niet uit de lucht. De Grieken zijn de experts van deze groep niet erg ter wille, zo is de klacht in Brussel.

2 Wat zijn de belangrijkste twistpunten met de Grieken?

Er is een grote kloof tussen Griekenland en de schuldeisers (eurolanden en IMF) . De Griekse regering, gedomineerd door de linkse partij Syriza, is in bijna alle gevallen tegen privatiseringen, terwijl geldschieters juist willen dat staatsbedrijven en land worden verkocht. Een ander struikelblok is het minimumloon. De Griekse regering wil dat weer verhogen tot het niveau van voor de crisis, zodat de Grieken meer gaan uitgeven. De schuldeisers zijn daar tegen: de Griekse economie moet juist concurrerender worden.

Tsipras wil minder bezuinigen, omdat dit in de afgelopen jaren een ‘humanitaire crisis’ zou hebben veroorzaakt. Maar andere EU-leiders hebben de laatste jaren ook veel impopulaire maatregelen moeten nemen. Een knieval voor de Grieken ligt dus erg lastig. Het recht van Griekenland om socialer beleid te voeren wordt niet betwist, zolang de uitgaven elders worden gecompenseerd.

3 Wie heeft het voor het zeggen in de onderhandelingen?

De Griekse regering is slecht georganiseerd. Ministers trekken vaak hun eigen plan. Op cruciale momenten in de onderhandelingen passeerde Tsipras zijn minister van Financiën, Yanis Varoufakis, die nu in Brussel niet meer serieus genomen wordt.

Aan Europese zijde speelt de ECB een sleutelrol. Officieel is die onafhankelijk, maar zeker in Griekenland worden de beslissingen van de ECB gezien als zeer politiek. Het ECB-bestuur besloot in februari dat Griekse banken niet meer goedkoop kunnen lenen bij de ECB, terwijl dit onder de vorige regering wel mocht. Nu overweegt de ECB ook noodleningen aan banken aan banden te leggen. Daarmee bepaalt ECB-baas Draghi de facto de dynamiek van de onderhandelingen tussen Griekenland, de eurolanden en het IMF. De Europese Commissie is vooral bemiddelaar.

4 Is er wel tijd voor eindeloze gesprekken? Het geld raakt toch op in Griekenland?

Wanneer het geld precies op is, is de vraag die het moeilijkst te beantwoorden is. Belastinginkomsten en uitgaven zijn in Griekenland heel onregelmatig geworden. „Geen enkele minister van Financiën kan precies zeggen hoeveel geld hij nog heeft”, zei een EU-functionaris deze week. „In Griekenland is dat door de wispelturige situatie nog moeilijker te voorspellen.” Griekenland is in de afgelopen maanden al vaak failliet verklaard, maar tot nu toe heeft het al zijn schulden op tijd terugbetaald. Wel schort de regering veel binnenlandse betalingen op.

Algemeen wordt nu aangenomen dat Griekenland het tot en met juni kan uitzingen. In mei moet het land 940 miljoen terugbetalen aan het IMF, in juni 1,5 miljard. In juli en augustus wordt het heel spannend: dan moeten de Grieken 6,7 miljard euro terugbetalen aan obligaties die dan aflopen, gekocht door de ECB.

Deze week droeg de regering lokale overheden per decreet op om overschotten over te maken naar de centrale overheid, wat tot veel gesputter leidde. Dit gebeurde op aandringen van de Brussel-groep die, met het oog op de moeilijke komende maanden, wil dat de Griekse middelen in elk geval worden gecentraliseerd.

5 Dit doet denken aan 2012, het eerdere hoogtepunt van de crisis. Gaat Griekenland nu alsnog failliet en komt er een Grexit?

Griekenland zou failliet gaan als het niet aan zijn betalingsverplichtingen aan het IMF of aan de eurolanden kan voldoen. Dan zou het ook niet meer in aanmerking komen voor de huidige noodleningen van de ECB. En dan vallen de Griekse banken om en moeten kapitaalcontroles worden ingevoerd.

Afgaande op de financiële markten groeit de kans op een faillissement. De rente op 3-jarige Griekse staatsobligaties kroop de afgelopen week omhoog naar bijna 30 procent en ook de risicopremie op zogeheten credit default swaps (CDS), verhandelbare verzekeringen tegen wanbetaling, liepen op. Maar markten hebben niet altijd gelijk: in 2011-2012 waren de indicatoren nog slechter, maar toen werd een formeel faillissement afgewend. Private schuldeisers moesten na een schuldsanering verliezen nemen.

Alles hangt af van de politieke wil. De sfeer verandert zo’n beetje per dag. Vorige week leek een oplossing voor de crisis niet haalbaar, maar deze week was er weer wat optimisme te bespeuren. „Ik denk nog steeds dat we eruit komen”, zei minister van Financiën en Eurogroep-voorzitter Jeroen Dijsselbloem gisteren.

Toch wil niemand een faillissement van Griekenland uitsluiten. De ECB en de Duitse regering denken nu naar verluidt na over mogelijke scenario’s. Lange tijd gold een ‘Grexit’, euro-uittreding, als enige optie. Maar mogelijk kan ook een failliet Griekenland in de eurozone blijven.

De Griekse banken zouden moeten worden geherkapitaliseerd en verder door de ECB op de been moeten worden gehouden. Intussen zou Griekenland de ambtenarensalarissen kunnen uitbetalen in een munt die naast de euro zou bestaan, voor kortere of langere tijd. Citibank heeft intussen de term ‘Grimbo’ gemunt: limbo (voortdurende onzekerheid) over Griekenland.