...bendes geven migranten steeds aan elkaar door

In Italië zijn hoge straffen opgelegd aan organisatoren van mensen-smokkel. Tijdens de processen en door onderzoek van justitie wordt zichtbaar hoe de smokkel werkt.

Ruim duizend mensen zijn de afgelopen maanden in Italië gearresteerd op verdenking van mensensmokkel, zei premier Renzi maandag. „Dit is een criminele organisatie die bakken met geld verdient en veel levens verwoest. Ons land kan geen handel in mensenlevens toestaan en we zullen hen aanhouden.”

Dat zijn deels de ferme woorden die een politicus zoekt na een grote ramp. Schrijver Claudio Magris wees erop, in een spraakmakend commentaar waarin hij de doodstraf bepleit voor mensenhandel, dat veel van deze arrestanten al snel weer op vrije voeten worden gesteld omdat ze een bijrol hebben vervuld. Dat geldt voor veel scafisti, mensen die worden ingehuurd om de boten met de migranten te besturen.

Maar er zijn wel degelijk harde sancties toegepast. Neem de Somaliër Elmi Mouhamed Muhidin. Hij was in het najaar van 2013 in Lampedusa aangekomen, na een boottocht zonder problemen. In het opvangcentrum op dat Italiaanse eiland herkenden andere bootvluchtelingen hem. Hij was betrokken bij mishandeling, afpersing en verkrachting van migranten die via Soedan en Tsjaad probeerden in Libië te komen. Twee maanden geleden werd hij door een rechter in de Siciliaanse havenstad Agrigento veroordeeld tot dertig jaar cel. Het is voor zover bekend de zwaarste straf ooit uitgesproken tegen een mensenhandelaar. Eerder kreeg een andere mensenhandelaar in Italië twintig jaar cel.

Getuigen zeiden dat Muhidin deel uitmaakte van een groep gewapende mannen die migranten overviel tijdens hun tocht door de woestijn. Ze werden beroofd, geslagen met stokken en plastic buizen, gevangen gehouden en gedwongen hun familie te bellen om meer geld te vragen. „Om mij verder te laten gaan naar Libië,” vertelde een getuige op het proces, „moest mijn moeder in Eritrea voor 3.300 dollar haar juwelen verkopen.” De financiële afwikkeling werd geregeld via mensenhandelaren in Israël.

Muhidin werkte voor de Ethiopiër Ermias Ghermany. Die wordt samen met een landgenoot, Medhane Yehdego Redae, beschouwd als de belangrijkste mensenhandelaar op de routes via Libië. Ghermany werkt volgens de Italiaanse justitie vanuit de Libische havensteden Tripoli en Zuwarah. In juli 2014 vaardigde Italië een internationaal arrestatiebevel tegen hem uit, omdat hij er ook van wordt verdacht de rampzalige overtocht te hebben georganiseerd die op 3 oktober 2013 in een ramp met zeker 366 doden eindigde.

Deze Ghermany staat ook bovenaan de lijst van verdachten in een nieuw onderzoek, van justitie in Palermo. In het kader daarvan werden maandag 24 mensen gearresteerd, onder wie een broer van Ghermany, die via de havenstad Civitavecchia het land probeerde te verlaten. Op een persconferentie na de arrestaties schetste openbare aanklager Maurizio Scalia hoe deze groep verdachten te werk ging.

Migranten werden door bendes handelaren aan elkaar doorgegeven en moesten soms wel vier keer betalen, zei Scalia. Vier- à vijfduizend dollar voor de tocht door de woestijn, 1.500 dollar voor de overtocht van Libië naar Italië, 200 tot 400 euro voor hulp in Italië als ze uit het opvangcentrum waren gekomen, en nog eens 1.500 euro voor hulp om bij familieleden of kennissen in Noord-Europa te komen, in bijvoorbeeld Duitsland, Zweden of Noorwegen.

In Italië zelf was volgens Scalia een heel netwerk opgezet van mensen uit Eritrea, Ethiopië, Ivoorkust en Ghana. Dat was niet alleen op Sicilië actief, maar ook in Bari, Rome en Milaan.