Sterke Robert Gesink verrast geplaagde ploeg

Terugkeer Gesink en Ten Dam smeerolie voor Lotto

Schokkend en schuddend klimt Robert Gesink de laatste meters van de gevreesde Muur van Huy op – met een gemiddeld stijgingspercentage van 9,6 procent. Een aankomst voor muurhagedissen, noemen ze het op de Belgische televisie. De lange benen van Gesink doen pijn, maar voelen verzadigd. Een tevreden knikje naar verzorger Richard Cremers die hem na de finish opvangt. Een dikke duim omhoog vanuit de ploegleiderswagen van mecanicien Vincent Hendriks als Gesink staat uit te hijgen.

25ste bij zijn comeback, gisteren in de semiklassieker Waalse Pijl. Niet slecht, concludeert hijzelf. De pechvogel van het Nederlandse wielrennen kan weer een beetje lachen na een zware periode. „Ik voel me weer coureur”, zegt de kopman van Lotto-Jumbo, de grootste Nederlandse wielerploeg. En dan typische Gesink nuchterheid: „Ik ben niet ontevreden nadat ik er zo lang ben uitgeweest.”

Valpartijen, blessures, hartproblemen, privéproblemen – het zit Gesink vaak tegen. Zo ook dit seizoen. De winterperiode werd overheerst door ernstige complicaties bij de zwangerschap van zijn vriendin Daisy. Na de geboorte werd zoontje Bram opgenomen in het ziekenhuis.

De 28-jarige renner uit het Gelderse Varsseveld wordt opgeslokt door de problemen, wielrennen komt tijdelijk op het tweede plan. Daarbovenop komt nog een knieblessure. Een valse start van het wielerseizoen, door alle misère staat de teller op twee koersdagen in ruim drie maanden.

Rentree in de Waalse Pijl, na veel trainingen met Louis Delahaye, specialist in trainingsopbouw. Fijne plek om weer te koersen, het leven lacht je toe in het golvende landschap van Wallonië. Volle cafés aan de voet van de Muur van Huy. Door de staking van het Belgische overheidspersoneel lijkt het drukker dan normaal langs de krappe weggetjes. Op de berg in Huy hangt de lucht van braadworsten en hamburgers – en onder invloed van de voorjaarszon staan er lange rijen bij de biertap.

In die ambiance keert ook Laurens ten Dam terug, zijn vader staat hem bij een hamburgertent aan te moedigen. Ten Dam brak ruim drie weken geleden vier ribben in Catalonië, slapen gaat nog niet optimaal, maar fietsen lukt weer. Hij eindigt in de achterhoede, zonder pijn aan de ribben.

Met de inbreng van Gesink en Ten Dam komt er weer een beetje olie in de geplaagde ploeg van Lotto-Jumbo – die nog altijd wacht op de eerste overwinning dit seizoen. De geel-zwarte tenues waren gisteren veel voorin te zien – Mike Teunissen was mee in een lange ontsnapping en Wilco Kelderman eindigt als tiende.

Ploegleider Merijn Zeeman is zeer te spreken over de rentree van Gesink – die in zijn typische rechte houding veel voorin zat. „Het is ongelofelijk dat je na een trainingsperiode op zo’n niveau kan rijden in een wedstrijd in de World Tour. Daarmee verrast hij ons enorm.” Maar hij blijft voorzichtig. „Het is geen halleluja. We rijden nu toptien, een goed begin, we kunnen veel beter, het moet heel veel beter.”

Op 6 juli keert het wielercircus terug in Huy. Dan finisht de derde etappe van de Tour op de berg. Kansje voor de warmgedraaide Gesink.