Kom maar, migranten!

Kan Europa bootvluchtelingen niet gewoon toelaten? Ze wéten dat hier werk is, dus ze zullen blijven komen. „Laat mensen toe als er vraag is, en ze zullen weer teruggaan als de vraag wegvalt. Sterker, dat gebeurt al.”

Veerdiensten voor Afrikaanse arbeidsmigranten. Visa voor Afrikanen waarmee ze een jaar in Europa mogen solliciteren. Seizoensquota voor Afrikaanse arbeidsmigranten om te werken in de bouw en de landbouw. Arbeidscontracten waarbij je rechteloos begint en langzaam sociale rechten opbouwt. En wie weet: Europese opleidingen in Zuid-Soedan om Afrikaanse verpleeghulpen op te leiden voor de Europese markt.

Stuk voor stuk zijn ideeën die in het huidige politieke klimaat neerkomen op einde carrière voor een politicus. Ideeën die ver afstaan van de politieke werkelijkheid.

Toch blijven migratie-experts ze opperen. Speciaal VN-gezant voor de rechten van vluchtelingen François Crépeau brak bijvoorbeeld deze week in The Guardian nadrukkelijk een lans voor de economische vluchtelingen, de jongens uit Senegal, Nigeria en Soedan die ook op de boten zitten. Jonge Afrikanen wagen de gevaarlijke reis, omdat ze weten dat er in Europa plek voor ze is aan de onderkant van de arbeidsmarkt, zei hij. „Europa weigert het bestaan van een illegale arbeidsmarkt te erkennen. Maar de migranten weten door hun eigen netwerken dat die bestaat. Ze weten dat er werk is.”

Deze mannen hadden voor de val van dictator Gaddafi waarschijnlijk werk gevonden in de Libische olie-industrie. Nu Libië is veranderd in een gevaarlijke chaos, wagen ze de sprong naar Europa.

Denk: ‘intelligenter’ migratiebeleid

In het politieke debat over migratie lijkt het vaak te gaan tussen de hardliners die migratie willen stoppen en de humanitair bewogenen die roepen om meer opvang en hulp.

Ondertussen pleiten migratiewetenschappers voor een intelligenter migratiebeleid. Migratie is een onvermijdelijk gevolg van de kloof tussen arm en rijk, de „tijdelijke oplossing voor een lelijke fase waarin voorspoed nog niet geglobaliseerd is”, schrijft bijvoorbeeld de ontwikkelingseconoom Paul Collier in zijn twee jaar geleden verschenen boek Exodus. Het is niet te stoppen, maar wel te sturen. Volgens Collier wijst onderzoek uit dat migratie gunstig is voor landen van aankomst, van herkomst (door het geld dat wordt teruggestuurd) én voor migranten zelf.

Maar: dit alleen in beperkte mate. Bij te veel migratie scheurt het sociale weefsel in landen van aankomst en lijden landen van vertrek onder de brain drain.

Niet potdicht en niet wagenwijd open

De deur moet dus niet potdicht of wagenwijd open, ‘hij moet op een kier.’

Met de huidige, dichte deur veroorzaakte Europa vorig jaar 3.279 doden in de Middellandse Zee en dit jaar al 1.654. Die deur onthoudt Syrische oorlogsvluchtelingen en onderdrukte Eritreeërs het asiel waar ze volgens humanitaire verdragen recht op hebben. De deur hield de honderdduizenden illegalen in Europa (alleen al vorig jaar kwamen meer dan 276.000 illegalen binnen) niet tegen. Evenmin voorkwam hij de verstopping van de nauwe asieldoorgang doordat ook economische migranten hier doorheen willen.

Het nieuwe tienpuntenplan dat de EU deze week presenteerde (en die de regeringsleiders vandaag zullen bespreken) zal daar geen verandering in brengen, zegt de Nederlandse migratiewetenschapper Leo Lucassen, directeur Onderzoek van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam. „Dat verrijkt het huidige falende restrictieve beleid met een paar sympathieke initiatieven. We halen de mensen die in het water vallen er nu weer uit. Maar het zal de mensenstroom niet tegenhouden. Hoogstens zullen de mensensmokkelaars zeggen dat de overtocht gisteren weer moeilijker en dus 2.000 euro duurder is geworden.”

Slimmer sturen van migratiestroom

Europa kan en moet veel meer doen om de migrantenstromen te scheiden en slimmer te sturen, zei VN-gezant Crépeau tegen The Guardian.

Italië stelde gisteren voor om registratiecentra ten zuiden van Libië in te richten, om mensensmokkelaars de wind uit de zeilen te nemen en asielzoekers daar te scheiden van de economische migranten.

Voor deze laatste groep zou Europa verder moeten experimenteren met arbeidsmigratie, vindt Leo Lucassen. „Arbeidsmigratie pakt het probleem op een fundamentelere manier aan. Ik gebruik graag de metafoor van ademen. De arbeidsmarkt moet kunnen ademen. Laat mensen toe als er vraag is, en ze zullen weer teruggaan als de vraag wegvalt. Sterker, dat gebeurt al. Zowel Spanje als Italië heeft in het afgelopen decennium in de landbouw arbeidsmigranten toegelaten en ook gelegaliseerd.” Nu Spanje door de crisis bijna 24 procent werkeloosheid heeft, trekken deze migranten inderdaad weer weg. Crépeau wees op de 1,5 miljoen Oost-Europeanen die na 2005 naar het Verenigd Koninkrijk trokken. Van hen is tweederde inmiddels weer terug.

Moeilijk erin betekent niet meer eruit

„Juist de hoge drempels die Europa opwerpt, maken dat wie eenmaal zijn leven heeft gewaagd om binnen te komen, niet meer weggaat”, zegt Lucassen. „De boodschap moet zijn: als het je lukt om hier werk te vinden, kun je geld verdienen. En als het niet lukt, kun je ook weer terug”, zegt Lucassen. „Laten varen dus die veerpont. Laten we nadenken over quota, of visa die mensen het recht geven hier één a twee jaar naar werk te zoeken.”

Lucassen denkt niet dat het toelaten van economische migranten een aanzuigende werking zal hebben. „Kijk naar de arbeidsmigranten uit Oost-Europa die we hebben toegelaten. De voorspelde golf aan Bulgaren en Roemenen is uitgebleven. Er is wat verdringing op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld bij vrachtwagenchauffeurs, maar er is geen ontwrichting. Terwijl de reis voor hen heel makkelijk is in vergelijking met die van Afrikanen. De Afrikanen die de overtocht maken en hem overleven, zijn niet de armsten en de domsten. Ze hebben veel geld moeten betalen, ze hebben lef en ondernemingslust.”

Toch moeten we de match tussen het aanbod van de laag- en ongeschoolde Afrikaanse arbeiders en de vraag uit het krimpende, vergrijzende Europa ook niet overschatten. „Er is niet langer veel plaats voor ongeschoolden op de Europese arbeidsmarkt, zeker niet sinds de crisis”, zegt Piet Emmer, emeritus hoogleraar migratiegeschiedenis aan de Universiteit van Leiden. „Onze arbeidsmarkt wordt alleen maar technologischer en gespecialiseerder.”

Misschien met een snufje Qatar

Maar veruit het grootste obstakel bij het versoepelen van migratie is wat de Britse politiek econoom Martin Ruhs de ‘prijs van rechten’ heeft genoemd. Er is een wisselwerking tussen de toegang en de kansen die staten migranten kunnen bieden. Het ene uiterste is Qatar, waar migranten geen rechten hebben, maar wel kansen. Het andere uiterste is Europa. Een hoog beschermingsniveau, maar voor de meesten verboden toegang. Als Europa migranten hulp wil bieden, zal het een snufje Qatar moeten toevoegen.

„Ontegenzeggelijk moet je mensen zich het systeem in laten verdienen,” zegt Lucassen. „Sociale zekerheden moeten getrapt worden toegekend. Maar ook dat doen we al. Iemand uit Krakau die in Venray aankomt en daar ontdekt dat de asperges al gestoken zijn, heeft niet onmiddellijk recht op een Nederlandse uitkering.”

Maar kan Europa nieuwe groepen ongeschoolde arbeiders uit andere culturen aan? Wordt met een versoepeling van migratiebeleid niet de bodem gelegd voor nieuwe ‘multiculturele drama’s?

Paul Collier erkent dit gevaar, en pleit voor meer dwang: spreiding van migrantenkinderen over scholen en het pas toelaten van nieuwe migranten als de vorige lichting de taal spreekt en geïntegreerd is. „De kiem van het multiculturele drama, als je het dan per se zo wilt noemen,” zegt Leo Lucassen, „was de massale gezinshereniging in de jaren tachtig. En die kwam op gang juist doordat de grenzen dichtgingen voor arbeidsmigranten.”

„Laten we niet bang zijn voor mobiliteit,” zei Crépeau tegen The Guardian. „Mobiliteit is juist wat we nodig hebben.”