De deur kan ook op kier voor migrant

Het migratiebeleid kan slimmer, zegt de expert. Ken nieuwkomers in fasen rechten toe.

Voormalige bootvluchtelingen aan het werk in een auberginekwekerij in het Spaanse Roquetas de Mar. Foto Agentur Focus

Veerdiensten voor Afrikaanse arbeidsmigranten. Visa voor Afrikanen waarmee ze een jaar in Europa mogen solliciteren. Seizoensquota voor Afrikaanse arbeidsmigranten om te werken in de bouw en de landbouw. Arbeidscontracten waarbij je rechteloos begint en langzaam sociale rechten opbouwt. En wie weet: Europese opleidingen in Zuid-Soedan om Afrikaanse verpleeghulpen op te leiden voor de Europese markt.

Stuk voor stuk ideeën die in het huidige klimaat neerkomen op het einde van hun carrière voor politici. Ideeën die ver afstaan van de politieke werkelijkheid. Toch blijven migratie-experts ze opperen. Zo brak de speciaal VN-gezant voor de rechten van vluchtelingen, de Canadees François Crépeau, deze week in The Guardian een lans voor economische vluchtelingen: de jongens uit Senegal, Nigeria en Soedan die samen met de oorlogsslachtoffers uit Syrië op de boten zitten. „Europa weigert het bestaan van een illegale arbeidsmarkt te erkennen”, zei Crépeau. „Maar de migranten weten door hun eigen netwerken dat die bestaat. Ze weten dat er werk is.” Deze mannen hadden voor de val van dictator Gaddafi waarschijnlijk werk gevonden in de Libische olie-industrie. Nu Libië is een gevaarlijke chaos is, wagen ze de sprong naar Europa.

In het politieke debat over migratie lijkt het vaak te gaan tussen de hardliners, die migratie willen stoppen, en de humanitair bewogenen, die roepen om meer opvang en hulp. Ondertussen pleiten migratiewetenschappers voor een intelligenter migratiebeleid. Migratie is het onvermijdelijk gevolg van de immense kloof tussen arm en rijk, de ‘tijdelijke oplossing voor een lelijke fase waarin voorspoed nog niet geglobaliseerd is’, schrijft bijvoorbeeld de ontwikkelingseconoom Paul Collier in zijn twee jaar geleden verschenen boek Exodus. Het is niet te stoppen, maar wel te sturen.

Brain drain

Volgens Collier wijst economisch onderzoek uit dat migratie gunstig is voor de migranten zelf, maar ook voor de landen van herkomst (door het geld dat wordt teruggestuurd) én van aankomst. Maar: in beperkte mate. Bij te véél migratie lijden de landen van vertrek onder de brain drain en scheurt in landen van aankomst het sociale weefsel. De deur moet dus niet potdicht of wagenwijd open, ‘hij moet op een kier’.

De huidige dichte deur van Europa leidde vorig jaar tot 3.279 doden in de Middellandse Zee. Dit jaar kwamen al 1.654 mensen om. De deur onthoudt Syrische oorlogsvluchtelingen en onderdrukte Eritreërs het asiel waar ze volgens humanitaire verdragen recht op hebben. De deur hield de honderdduizenden illegalen in Europa niet tegen. Bovendien leidde hij tot verstopping van de nauwe asieldoorgang, doordat ook economische migranten zich daardoorheen willen persen.

Het tienpuntenplan dat de EU deze week presenteerde zal daar geen verandering in brengen, zegt de Nederlandse migratiewetenschapper Leo Lucassen, directeur onderzoek van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam. „Dat verrijkt het huidige restrictieve, falende beleid met een paar sympathieke initiatieven. We halen de mensen die in het water vallen er nu weer uit. Maar het zal de stroom niet tegenhouden – hoogstens zullen de mensensmokkelaars zeggen dat de overtocht nu weer moeilijker en dus 2.000 euro duurder is geworden.”

Registratiecentra

Europa kan en moet veel meer doen om de migrantenstromen te scheiden en slimmer te sturen, zei ook VN-gezant Crépeau tegen The Guardian. Het Westen zou om te beginnen in vijf jaar tijd een miljoen Syriërs asiel moeten verlenen. Italië stelde gisteren al voor om registratiecentra ten zuiden van Libië in te richten, om mensensmokkelaars de wind uit de zeilen te nemen en de asielzoekers daar te scheiden van de economische migranten.

Voor deze laatste groep zou Europa vervolgens verder moeten experimenteren met arbeidsmigratie, vindt onderzoeker Lucassen. „Arbeidsmigratie pakt het probleem op een fundamentelere manier aan. De arbeidsmarkt moet kunnen ademen. Laat mensen toe als er vraag is, en ze zullen weer teruggaan als die vraag wegvalt.

Sterker nog: dat gebeurt al. Zowel Spanje als Italië heeft in het afgelopen decennium in de landbouw legaal arbeidsmigranten toegelaten.” Nu de werkloosheid in Spanje door de crisis bijna 24 procent bedraagt, trekken migranten weer weg, schreef de krant El País gisteren. Crépeau wees op de anderhalf miljoen Oost-Europeanen die na 2005 naar het Verenigd Koninkrijk trokken. Van hen is tweederde inmiddels weer terug.

„Juist door de hoge drempels die Europa opwerpt, gaat wie eenmaal zijn leven heeft gewaagd om binnen te komen niet meer weg”, zegt Lucassen. „De boodschap moet zijn: als het je lukt om hier werk te vinden, kun je wat verdienen. En als het niet lukt, kun je ook weer terug. Laten varen dus die veerpont. Laten we nadenken over quota, of over visa die mensen het recht geven hier één à twee jaar naar werk te zoeken.”

Europa moet zijn illegale arbeidsmarkt aanpakken en tegelijkertijd een legaal visumsysteem voor arbeidsmigranten opzetten, betoogde ook Crépeau. Maar de VN-gezant zei erbij dat dit weinig kansrijk is. Je ogen sluiten voor illegalen is nu eenmaal voordeliger. „We houden van de lage prijs van onze tomaten in juni. We vinden het best dat onze werkster spotgoedkoop is.”

Ook moet de match tussen het aanbod van de laag- en ongeschoolde Afrikaanse arbeiders en de vraag uit het krimpende, vergrijzende Europa niet worden overschat. „Er is niet veel plaats meer voor ongeschoolden op de Europese arbeidsmarkt, zeker niet sinds de crisis”, zegt Piet Emmer, emeritus hoogleraar migratiegeschiedenis aan de Universiteit Leiden. „En onze arbeidsmarkt wordt alleen maar technologischer en gespecialiseerder.”

Lucassen denkt niet dat het toelaten van economische migranten een aanzuigende werking zal hebben. „Kijk naar de arbeidsmigranten uit Oost-Europa die we hebben toegelaten. De voorspelde golf aan Bulgaren en Roemenen is uitgebleven. Er is wat verdringing op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld bij vrachtwagenchauffeurs, maar er is geen ontwrichting. Terwijl de reis voor hen heel makkelijk is in vergelijking met de gevaarlijke overtocht van Afrikanen. De meeste Afrikanen blijven waar ze zijn.”

Veruit het grootste obstakel bij het versoepelen van migratie is wat de Britse politiek econoom Martin Ruhs van het Oxford Migration Observatory de „prijs van rechten” noemt. Een ruimhartiger migratiebeleid kan alleen bij een magerder sociaal model.

Er is altijd een wisselwerking tussen de toegang voor en de kansen van migranten. Het ene uiterste is het model Qatar, waar migranten rechteloos zijn, maar wel aan de slag kunnen. Het andere is het model Europa: hoge niveaus van bescherming én uitsluiting. Als Europa migratie pragmatisch wil aanpakken, kan het niet anders dan een snufje Qatar toevoegen.

„Sociale zekerheden moeten getrapt worden toegekend, zegt Lucassen. „Maar dat doen we al. Iemand uit Krakau die in Venray aankomt en daar ontdekt dat de asperges al gestoken zijn, heeft niet meteen recht op een Nederlandse uitkering.”

Kan Europa, nog los van het gebrek aan politiek draagvlak, wel nieuwe groepen ongeschoolden uit andere culturen aan? Is een versoepeld migratiebeleid niet een rechte weg naar nieuwe ‘multiculturele drama’s’? Paul Collier erkent dit gevaar in zijn boek, en pleit voor quota en dwang: spreiding van migrantenkinderen over scholen en het pas toelaten van nieuwe migranten uit een land als de vorige lichting de taal spreekt en geïntegreerd is.

„De kiem voor het multiculturele drama, als je het dan per se zo wilt noemen”, zegt Leo Lucassen, „was de massale gezinshereniging in de jaren tachtig. En die kwam op gang juist doordát de grenzen dichtgingen voor arbeidsmigranten.”

„Laten we niet bang zijn voor mobiliteit”, zei François Crépeau tegen The Guardian. „Mobiliteit is juist wat we nodig hebben.”