Clintons verzwegen donaties van bedrijf dat Russen overnamen

Giften aan de Clinton-stichting zouden beleid van Hillary Clinton hebben beïnvloed.

De Clinton Foundation heeft tussen 2009 en 2013 2,35 miljoen dollar aan donaties ontvangen van een stichting van de voorzitter van een Canadees mijnbouwbedrijf. Dit bedrijf, Uranium One, met belangen in uraniumwinning in de VS, werd in die periode via verschillende transacties net verkocht aan het Russische staatsbedrijf voor kernenergie Rosatom.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken, toen onder leiding van Hillary Clinton, moest toestemming geven voor de strategisch gevoelige buitenlandse overname. De donaties van de stichting van Uranium One topman Ian Telfer zijn door de Clinton Foundation niet opgegeven. Toen Hillary Clinton als minister aantrad, bleef haar man voorzitter van de Foundation. Het Witte Huis dwong af dat de stichting donaties openbaar zou maken. Dit schrijft The New York Times.

Er is geen bewijs dat de donaties de beslissing van het ministerie van Buitenlandse Zaken direct beïnvloedden. Maar de Foundation bezorgt Hillary Clinton problemen bij de campagne die ze voert voor de Democratische presidentskandidatuur. Op de dag dat ze haar deelname aan de race bekend maakte, stapte ze uit het bestuur van de stichting.

Een centrale rol in de ophef rond de Foundation speelt het nog te verschijnen boek Clinton Cash van Peter Schweizer, een onderzoeker van de conservatieve denktank Hoover-Foundation. Volgens Schweizer liet Clinton zich bij beleidsbeslissingen beïnvloeden door donaties aan de stichting van buitenlandse regeringen. Volgens persbureau AP ontving de Clinton Foundation geld van onder meer Saoedi-Arabië, Qatar, Oman en de Verenigde Arabische Emiraten. De Stichting maakte onlangs bekend alleen nog donaties te aanvaarden van Australië, Canada, Duitsland, Nederland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk.