‘Sociaal slagveld’ in thuiszorg

‘Loondump’ van 30 procent en 650 ontslagen bij marktleider TSN. Sector doet noodoproep aan minister.

Een demonstratie van enkele honderden medewerkers van de Achterhoekse thuiszorgorganisatie Sensire, in oktober 2013. Het personeel eiste duidelijkheid over het behoud van hun banen. Foto Maarten Hartman

Tot hier en niet verder. Staatssecretaris, grijp nu in. Dat is de noodoproep die de grootste bedrijven uit de thuiszorgsector vanmiddag aan staatssecretaris Van Rijn (Zorg, PvdA) deden.

In een gezamenlijk manifest waarschuwen vier organisaties dat 220.000 hulpbehoevende mensen hun thuishulp dreigen te verliezen. De banen van tienduizenden werknemers zijn onzeker.

De oorzaken hiervan zijn helder. Gemeentes zijn niet bereid voldoende te betalen voor thuiszorg. Het gevolg is dat veel bedrijven onder de kostprijs werken en verlies lijden. Dat kunnen zij niet al te lang volhouden.

TSN, de grootste thuiszorgorganisatie van Nederland, lijdt voor het derde jaar op rij een miljoenenverlies. Het concern kondigde vanmiddag aan het salaris van 4.300 werknemers tot maximaal 30 procent te verlagen. „Dat is nog conform de cao. Wij betreuren het deze medewerkers die zulk belangrijk werk doen minder te gaan belonen, maar hebben geen andere keus. Wij kunnen deze verliezen niet langer dragen”, stelt directeur Zion Jongstra. Het concern zal daarnaast 650 werknemers ontslaan in de gemeentes die gestopt zijn met financiering van thuishulpen.

Jongstra spreekt van „een sociaal slagveld” waar alleen staatssecretaris Van Rijn wat aan kan doen. „Dit is schandalig en onnodig.” Volgens hem leidt het „desastreuze beleid” ertoe dat er te veel langs elkaar heen wordt gewerkt waardoor geld wordt verspild.

In ruim een kwart van de gevallen ligt het uurtarief dat gemeenten betalen onder de kosten van een uur huishoudelijke hulp. Dat bleek onlangs uit een studie van adviesbureau Berenschot in opdracht van TSN Thuiszorg.

De onderzoekers spraken van een situatie die „niet duurzaam” is. In de sector werken ongeveer 100.000 mensen. Dit zijn veelal laag opgeleide vrouwen.

Tarieven kwart gedaald

De tarieven die gemeentes betalen zijn volgens Berenschot de laatste zeven jaar met ruim 25 procent gedaald (gecorrigeerd voor inflatie). In 2014 werd met 1,2 miljard euro evenveel uitgegeven aan huishoudelijke hulp als omgerekend in 2007. Dat budget is begin dit jaar met circa 400 miljoen verlaagd.

TSN Thuiszorg is niet de eerste thuiszorgorganisatie die de lonen eenzijdig verlaagt. Eerder kwam De Gelderse instelling Vérian met een „loondump” van 25 procent. Voor vakbonden is het moeilijk om daarmee in te stemmen omdat de organisaties ondanks de verlagingen geen baangarantie kunnen geven.

Er heeft zich ook al een aantal grote faillissementen in de thuiszorg voorgedaan. Thebe Huishoudelijke Zorg (2.000 medewerkers) ging eind vorig jaar bankroet. Begin dit jaar ging de Brabantse zorginstelling (Pantein/Vivent, 1.750 werknemers) failliet. Curatoren van Thebe constateerden dat de organisatie niet levensvatbaar was omdat gemeentes aanmerkelijk minder betalen dan het personeel kost.

Minimumtarief

Vier grote thuiszorgorganisaties eisen van Van Rijn dat hij een minimumtarief oplegt. Ook zou Van Rijn gemeentes moeten verbieden de thuishulp te schrappen, een keuze die vele gemeentes maken.

Grootste probleem is dat alleen nog geld valt te verdienen met draaideurconstructies: routes gebruiken waarbij de rechten van werknemers worden uitgehold en niemand per definitie langdurig in dienst is.

De zogeheten alfahulpen, werknemers die geen vakantiegeld krijgen, geen pensioen opbouwen en slecht verzekerd zijn tegen ziekte, rukken volgens directeur Zion Jongstra van TSN Thuiszorg op. „Als je dat zou willen als Den Haag, spreek dat dan uit.” Jongstra: „Wij zijn helemaal niet tegen een transitie in de zorg of tegen decentralisatie. Maar bij deze verhuizing is alles over de schutting gekieperd, zonder enige regie. Doel was om het eenvoudiger te maken, slimmer en goedkoper. Het resultaat is exact het tegenovergestelde. Dit is een kafkaëske situatie met honderden gemeentes die alles weer op hun eigen manier willen doen. Iedereen vindt opnieuw het wiel uit.”

„We hebben de zorg thuis opgedeeld in verschillende producten die betaald worden uit verschillende potjes en die geleverd worden door verschillende organisaties met verschillende medewerkers. Allemaal voor een en dezelfde cliënt.”

Volgens TSN bewijzen gemeentes als Rotterdam of Lelystad dat goede thuiszorg voor minder geld wél mogelijk is. Maar dan moet het wel slim georganiseerd worden.

Juist het ‘waterbedeffect’ waar critici vooraf voor waarschuwden is nu volgens Jongstra de dagelijkse realiteit: gemeentes willen mensen eerder in een duur verpleeghuis duwen omdat zij dit niet hoeven te betalen. „Wij horen nu al geluiden dat de bezuinigingen op verpleeghuizen tegenvallen”, zegt Jongstra. Volgens hem is dit een logisch gevolg van de ‘domme en perverse prikkels’ die bedacht zijn. „Wij kunnen een huis schoonhouden voor 200 euro per maand, en dat zal de gemeente moeten betalen. Het verzorgingstehuis kost de samenleving circa 6.000 per maand, een factor dertig hoger. Maar er wordt nu volop bezuinigd op dat potje van 200.”

De vraag is of het kabinet de oproep van een minimumtarief kan steunen. Juist de decentralisatie van zorgtaken van Rijksoverheid naar gemeentes zou volgens Rutte II doelmatiger zijn en daarmee goedkoper. Gemeentes krijgen daarom minder geld voor de thuiszorg van de centrale overheid. Met ingang van 1 januari is het budget met circa 30 procent verlaagd.