NAM: excuses met mitsen

De Nederlandse Aardolie Maatschappij, vooral bekend van de winning van aardgas, heeft excuses aangeboden aan de Groningers die getroffen zijn door aardbevingen. Maar tegelijkertijd wenst de NAM niet als de schuldige van het leed te worden aangewezen. Althans niet als het bedrijf dat willens en wetens de veiligheid van de bewoners in het aardgasgebied veronachtzaamde.

Het klonk ruiterlijk wat NAM-directeur Gerald Schotman gisteren verklaarde. „Ik betreur het ten zeerste dat de aardbevingen voor zoveel mensen tot problemen leiden en ik wil daarvoor mijn excuses aanbieden.” Onderzoek naar de veiligheidsrisico’s had eerder en diepgaander moeten gebeuren, erkent de NAM, maar het doet dat wel „met de kennis van vandaag”. De reactie die het gaswinningsbedrijf gisteren, na twee maanden, publiceerde op het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) is er vooral een van tegenspraak en defensie. Dat geldt in het bijzonder voor de mededeling waarmee de OvV op 18 februari zijn onderzoek letterlijk samenvatte: Veiligheid geen rol bij gaswinning Groningen.

‘Huizinghe, augustus 2012’ zal de geschiedenis ingaan als de aardbeving die ieders ogen opende. Als de harde klap die een einde maakte aan de opvatting dat de gaswinning wel aardschokken veroorzaakte die tot schade konden leiden, maar geen persoonlijk gevaar voor de bewoners opleverde. Tot die tijd, redeneert de NAM, mocht het bedrijf ervan uitgaan dat de seismische risico’s beperkt en aanvaardbaar waren. Op basis van eigen en vooral ook van extern wetenschappelijk onderzoek, verricht door KNMI, TNO en het Massachusetts Institute of Technology. De NAM is het, samengevat, dus oneens met de belangrijkste conclusie van het OvV-rapport.

Zonder twijfel kan de NAM niet de schuld van alle aardgasellende in de schoenen worden geschoven. De exploratie van de aardgasbel in het Noorden was een politiek besluit dat jarenlang alom op instemming kon rekenen: goed voor de verwarming van huizen, goed voor de economie van Groningen, goed voor de schatkist, goed voor de welvaart in Nederland.

Maar de schuldvraag is nu niet het belangrijkste, althans, zolang hij geen rol gaat spelen bij de schadevergoeding waarop de getroffen Groningers recht hebben en bij juridisch getouwtrek daarover. De schade ís aangericht, de veiligheid voor de bewoners ís broos. Het antwoord daarop kan alleen maar zijn dat zij moeten kunnen rekenen op een ruimhartige vergoeding. Voor het herstel van hun huizen, voor de preventieve maatregelen om verdere schade te voorkomen. En voor de waardedaling van hun bezit, die het gevolg is van wonen in een gebied waar de veiligheid in het geding is.