Hele trits helden in tweede Avengersfilm

Black Widow (Scarlett Johansson) neemt het samen met onder anderen Iron Man en de Hulk op tegen de rationele artificiële intelligentie van Ultron.

Een dozijn superhelden en -schurken voor de prijs van één. Het Marvel-stripfilmuniversum blijft maar groeien en de films over The Avengers (Hulk, Thor, Iron Man, Captain America, een langsvliegende Spider-Man) vormen het dorpsplein waarop al die verhalen, spin-offs en insider-grapjes elkaar ontmoeten. Bij elkaar vormen al die strips, films en tv-series een multidimensionaal universum. Teruggebracht tot de tweeënhalf uur van Avengers: Age of Ultron resteert een soapy en toen-en-toenplot waarin de persoonlijke beslommeringen van de superwrekers (kun je als superheld een gezin hebben, kan de Hulk kinderen krijgen?) worden afgewisseld met gooi-en-smijtwerk en actiescènes.

Oppervlakkig gezien zit het met heel veel dingen goed in deze tweede Avengers-film: er is humor, er is spektakel en Joss Whedon en zijn team hebben heel erg hun best gedaan om de film ook nog over iets meer te laten gaan dan bioscoopsensatie. Enter de superschurk: de door Tony Stark/Iron Man ontworpen artificiële intelligentie Ultron. Die is zo rationeel dat hij wereldvrede interpreteert als het uitroeien van de mensheid (geen mensen, geen oorlog).

Behalve deze vijand van binnenin zijn er ook nog wisselende allianties met andere helden en schurken. Naast de Avengers maken we ook kennis met een tweeling met ‘enhanced’ krachten (een soort X-Men) en de geëvolueerde Vision, waardoor er nu een hele heldenhiërarchie is ontstaan.

Dat is een hoop uitleggen voor de filmmakers en dat gaat ten koste van echte verwikkelingen. Met name in de clash tussen de artificiële intelligentie van Ultron en de spierkracht van de traditionele superheld had meer gezeten. Het maakt de recente robotfilm Chappie in retrospectief tot een filosofisch hoogstandje.

Maar dan zijn er weer van die scènes als de eindstrijd op een zwevend plateau waarin alle helden in slowmotion rondom een ronddraaiende kern vliegen en de camera er tussendoor cirkelt. Dat is waar IMAX, 3D en de spektakelfilm voor zijn uitgevonden. Daar ga je zelfs nog een keertje voor terug naar de bioscoop.