Dit vind jij irritant aan je collega’s - en zij aan jou

Businessman holding a broken pencil in his hand --- Image by © Stock4B/Corbis Corbis

Je kunt ze niet uitkiezen en je kunt niet om ze heen: je collega’s. Ongetwijfeld erger jij je wel eens op de werkvloer. Wat vinden we het meest irritant?

Hoogleraar sociale psychologie Roos Vonk deed hier onderzoek naar. Vandaag verschijnt haar boek Collega’s en andere ongemakken.

Die collega die nooit iets uitvoert, oncollegiaal gedrag, we ergeren ons er rot aan. Maar zelf? Nee, zelf zijn we zo niet. Dit is de top vijf van onze grootste ergernissen.

Maar dan de eigenschappen waarvan wij denken dat onze collega’s zich bij ons aan ergeren. Die top vijf ziet er heel anders uit. ‘Niks’, komt er ook in voor.

De deelnemers aan het onderzoek zijn via social media en websites geworven. Vonk geeft zelf aan dat de uitkomsten daarom niet per se representatief zijn voor alle werkende Nederlanders, maar wel een goed beeld geven. De ondervraagden komen uit diverse sectoren en hebben verschillende posities.

Hoe kan het nou dat we zo anders over onze collega’s denken dan over onszelf? In haar boek geeft Vonk daar meer uitleg over. Drie mogelijke verklaringen:

1. Je hebt het niet door

De grootste ergernissen ontstaan vaak niet opzettelijk. Dat een domme collega bijvoorbeeld zelf overtuigd is dat-ie prima presteert, is volgens Vonk simpel te verklaren. Hoe dommer en onbekwamer je bent, hoe meer je jezelf overschat. Als je weinig begrijpt van je taak als manager, kun je zomaar denken dat je er goed in bent.

En feedback,daar moet je juist naar luisteren. Je collega’s hebben vaak een realistischer beeld van je kunnen dan jijzelf. In je eigen beoordeling neem je volgens Vonk ook onuitgevoerde plannen mee. Optimistisch ga je daarbij uit van best case-scenario’s. Alleen heb je dat nog niet daadwerkelijk laten zien. Jouw opvatting is dus niet realistisch, maar dat heb je vaak niet door.

2. Hypocriet

Vind je wel eens dat je wat eerder naar huis mag omdat je keihard gewerkt hebt? Vast wel. Maar als een collega ineens vroeg weggaat, vind je al snel dat diegene de kantjes ervan afloopt. Hypocriet dus. Het oordeel over onszelf is dus milder dan over collega’s. Bij hen vinden we gedrag sneller ‘foute boel’ en onbetrouwbaar. Het ironische volgens Vonk is dat juist het strenge oordelen over collega’s vaak terecht is, maar het soepele denken over onszelf niet.

3. Persoonlijk versus praktisch

Vonk constateert dat mensen vermoeden dat het persoonlijke eigenschappen zijn die irritatie wekken bij collega’s. Ze noemen hun eigenwijsheid, kritische instelling, onzekerheid, perfectionisme en eerlijkheid - eigenschappen die overigens ook goed kunnen zijn. Maar als het gaat om irritante eigenschappen van anderen, worden deze niet genoemd.

Wat volgens Vonk op de werkvloer vooral vervelend gevonden wordt, zijn eigenschappen die praktisch van aard zijn. Je hoeft dus niet een compleet ander mens te worden. Gewoon goed luisteren, je niet te veel met anderen bemoeien, niet luidruchtig kauwgom kauwen en geen irritante hoestje laten horen. En kantoorhumor? Dat is op eigen risico.