Deze foto’s zijn moeilijk voor Nederland

Sinds zaterdag is World Press Photo in Amsterdam te zien. Inclusief MH17-fotografie.

Een van de beelden van de in Oekraïne neergestorte MH17, nu tentoongesteld tijdens de World Press Photo in Amsterdam Foto Jérôme Sessini

Een foto met een slachtoffer van de MH17-vliegramp tentoonstellen. Hoe shockerend is dat voor Nederlanders? Wie de expositie van World Press Photo (WPP) in de Nieuwe Kerk in Amsterdam bezoekt, wordt bij binnenkomst meteen geconfronteerd met een fotoserie over de ramp met de MH17 (1ste prijs, Hard Nieuws). De serie werd vorig jaar gemaakt voor Time Magazine en De Standaard door fotograaf Jérôme Sessini, die werkt voor foto-agentschap Magnum.

Op twee van de geselecteerde beelden uit de fotoserie zijn slachtoffers te zien. Een groot afgedrukte print toont het lichaam van een passagier die nog zit vastgegespt in een stoel in een tarweveld. Zijn gezicht is afgewend, maar de armen, jeans en een wit hemd zijn zichtbaar. Op een kleiner formaat is een foto afgedrukt van een, vermoedelijk, vrouwelijk slachtoffer dat door het dak van een huis is gevallen.

Naast deze beelden hangt nog een andere fotoserie van Sessini (2de Prijs, Hard Nieuws) die de fotograaf maakte tijdens de protesten op het Maidanplein in de Oekraïense hoofdstad Kiev. Een van de foto’s toont een zwaargewonde man die is geraakt door een sluipschutter.

Na de ramp waren de Nederlandse media zeer terughoudend met het tonen van stoffelijke resten van slachtoffers van de ramp. Waarom toont WPP deze foto’s nu toch?

„Er hangen op de expositie ook beelden met slachtoffers op het Maidanplein”, zegt WPP-directeur Lars Boering. „Er is ook een foto van een man die uit een greppel wordt getrokken voordat hij sterft aan ebola. Mag dat dan wel?”

De discussie over dit soort ethische grenzen komt volgens hem ieder jaar terug. „Ik begrijp dat deze foto’s moeilijk zijn voor Nederland, maar er zitten ieder jaar heftige foto’s in de uitslag”, zegt Boering. De slachtoffers van de ramp met de MH17 zijn volgens hem niet herkenbaar in beeld gebracht. „Bovendien begint deze tentoonstelling in Nederland maar het gaat daarna naar veertig verschillende landen waar men het anders ervaart.”

Gaat WPP te ver? Stichting Vliegramp MH17 geeft geen reactie op de vraag. Maar Martijn Kleppe, onderzoeker bij de Erasmus Universiteit en gespecialiseerd in persfotografie, wijst erop dat dit soort gruwelijke beelden altijd discussie losmaken. „Zodra een ramp dichtbij komt, kunnen we er niet tegen. Time plaatste deze foto’s vorig jaar al online, alleen in Nederland hebben we het in de media niet teruggezien. Het is interessant dat WPP ons nu confronteert met dit soort beelden.”

Pierre Crom, die in Oekraïne fotografeerde voor ANP, NRC en persbureau Hollandse Hoogte en dit jaar de Zilveren Camera won met zijn serie over MH17 heeft met Sessini gewerkt in Oekraïne. „Hij wil laten zien hoe afschuwelijk oorlog is. Ik ben het wel met hem eens.” Zelf was Crom door ANP gevraagd geen stoffelijke resten te fotograferen. „Ik heb dat wel gedaan maar niet in het aanbod meegestuurd.” In zijn winnende fotoserie is slechts één been van een slachtoffer te zien. „Wat is onherkenbaar? Een nabestaande kan misschien toch een kledingstuk herkennen.”