Een vluchteling als huisgenoot

nrc.next interviewt zeven weldoeners. Het collectief Flüchtlinge Willkommen in Duitsland vangt vluchtelingen op door een kamer voor hen te vinden bij particulieren.

Jonas Kakoschke deelt zijn Berlijnse appartement sinds december met Bakary, een vluchteling uit Mali. Foto Lars van den Brink

Jonas Kakoschke geeft liever geen interviews. Hij is even klaar met de media. De afgelopen maanden leek het alsof iedereen hem wilde spreken, kwamen er in zijn Berlijnse appartement continu journalisten over de vloer. Na een beetje aandringen wil hij toch afspreken, op voorwaarde dat we ook praten met Golde, een van de andere initiatiefnemers. Zaterdag staan ze de hele dag op een evenement in Kreuzberg, mailt hij. „Bel maar als je er bent.”

Vier maanden geleden zette Jonas (31) zijn werk als grafisch ontwerper on hold om samen met Mareike Geiling (27) en Golde Ebding (26) Flüchtlinge Willkommen op te richten, een organisatie die asielzoekers aan een kamer helpt. Inmiddels zijn dankzij het initiatief 29 vluchtelingen uit 15 verschillende landen ondergebracht bij particulieren. De meesten in Duitsland, een paar in Oostenrijk. Dankzij alle media-aandacht is het idee overgewaaid naar andere landen, waaronder Nederland.

Het begon eigenlijk heel simpel, zegt Jonas. Toen zijn huisgenoot Mareike eind vorig jaar naar Kairo verhuisde en er tijdelijk een kamer in hun huis vrijkwam, waren ze het er al snel over eens dat de nieuwe huurder een vluchteling moest zijn. Er kwam een crowdfundingproject, vrienden en familie werd om een bijdrage gevraagd. Binnen twee weken hadden Mareike en Jonas de huur, zo’n 400 euro, bij elkaar. In december trok een 39-jarige man uit Mali – „laten we hem Bakary noemen” – bij Jonas in.

Hoe is het om je huis te delen met een vreemde?

Jonas: „Gewoon, hetzelfde als in ieder ander studentenhuis. Daar ken je de mensen met wie je woont vaak ook niet in het begin. Het is leuk om met Bakary te wonen. We koken samen, hangen rond in de keuken en kijken YouTubefilmpjes. Ik denk dat het voor ons beiden een goede ervaring is, we leren veel van elkaar. Hij heeft een heel andere kijk op de wereld. Sommige dingen die voor mij heel normaal zijn, zijn voor hem totaal nieuw.”

Bijvoorbeeld?

Jonas: „Een keer kwam hij helemaal opgewonden thuis. In de metro had hij een nieuwsbericht gezien over het legaliseren van marihuana in Duitsland. Dat vond hij onbegrijpelijk. ‘Dus jullie denken serieus over het legaliseren van drugs, maar mensen zijn illegaal?’”

Om anderen aan te moedigen hetzelfde te doen, kwam er een website: fluechtlinge-willkommen.de. „Daar kun je een formulier invullen over jezelf en je huis”, legt medeoprichter Golde Ebding uit. „Vervolgens bemiddelen we met instanties in de betreffende stad om de kamer te vullen met een passende bewoner. Die kan blijven zolang de huur gefinancierd is, met een minimum van drie maanden.”

Waar letten jullie op als jullie een vluchteling ergens plaatsen? Hoe weet je of er een match is?

Golde: „Dat weet je niet. Zoiets kun je onmogelijk inschatten van tevoren. Meestal praat ik eerst met de huiseigenaren om erachter te komen wat hun verwachtingen zijn. Sommige mensen willen bijvoorbeeld alleen een vrouwelijke vluchteling. Natuurlijk kan het weleens misgaan. Niet iedereen is voorbereid op culturele verschillen. Zo zijn Afrikaanse mensen soms de hele dag aan het koken en kan hun eten nogal sterk ruiken. Daar moet je mee kunnen omgaan.”

Is het eigenlijk legaal wat jullie doen?

Golde: „Het is in Duitsland legaal om onderdak te verlenen aan vluchtelingen met een verblijfsvergunning of die nog in een procedure zitten. Maar juist de uitgeprocedeerden hebben hulp nodig, die kunnen nergens heen. Het is raar om openlijk te zeggen dat we onderdak verlenen aan illegalen. Dat mag natuurlijk niet, maar we doen het wel. We zijn er niet door in de problemen gekomen. Nog niet.”

Krijgen jullie weleens kritiek?

Golde: „Een paar nazi-gasten hebben zich wel eens op onze site ingeschreven, zogenaamd als woningaanbieder, om daarna berichten achter te laten als: ‘Dit is dom. We gaan ervoor zorgen dat zo’n vieze vluchteling een rotleven krijgt in ons huis’. Heel flauw. En we krijgen weleens boze e-mails of Facebookberichten. Natuurlijk zijn er mensen die ons idee om het leven voor vluchtelingen gemakkelijker te maken niet steunen. Maar over het algemeen zijn de reacties positief.”

Is het huisvesten van vluchtelingen niet de taak van de overheid?

Golde: „Dat zou je zeggen, maar op dit moment neemt de overheid geen enkele verantwoordelijkheid om onderdak te verlenen, tenminste niet als het om uitgeprocedeerde asielzoekers gaat. In sommige delen van Duitsland, in Beieren bijvoorbeeld, is de opvatting: ze komen hier om ons geld en onze banen in te pikken, dus we maken het ze zo lastig mogelijk. Ondertussen blijft de vluchtelingenstroom aanhouden. Duitsland heeft vorig jaar 202.834 asielverzoeken gekregen, ongeveer 60 procent meer dan in 2013. De meeste aanvragen zijn onsuccesvol. Veel vluchtelingen worden afgewezen na ingewikkelde procedures die maanden duren. Zelfs als de overheid zich verantwoordelijk zou voelen, dan zal er de komende jaren niets veranderen voor die mensen. Er wordt alleen maar gepraat. Het levert niets op.”

Maar jullie kunnen ze lang niet allemaal redden.

Jonas: „Nee, maar ik denk wel dat Flüchtlinge Willkommen de manier waarop mensen denken over vluchtelingen kan veranderen. Het is geen project voor de massa, slechts een paar mensen zijn bereid een vluchteling op te nemen in hun huis. Maar ondertussen komen ook vrienden en familie met die vluchtelingen in aanraking. Op die manier bereiken we veel mensen.”

Hoe eindigt het voor de vluchtelingen?

Jonas: „Dat hangt af van veel factoren. Het beste scenario is dat een vluchteling ook na de afgesproken periode ergens kan blijven wonen en zich thuis gaat voelen in Duitsland. Het zou mooi zijn als hij zijn nieuwe sociale contacten en taalvaardigheden kan inzetten om zijn kans op werk en een vaste woning te vergroten. Als Mareike straks weer terugkomt en we op zoek moeten naar nieuwe woonruimte voor Bakary dan kan ik bijvoorbeeld gewoon een bericht op Facebook zetten: ‘Mijn huisgenoot zoekt een kamer, wie weet er iets?’ Dan is het stigma weg. Hij is geen vluchteling meer. Hij is mijn vriend.”