Een blikje Bintang-bier kun je bijna nergens meer kopen

Duizenden kleine winkels in Indonesië mogen geen bier meer verkopen. Tot woede van onder meer Heineken.

Kleine winkels en afhaalrestaurants in Indonesië mogen sinds vorige week geen alcohol meer verkopen. Grote supermarkten en horecagelegenheden nog wel. Foto AFP

Het kwaad is verdwenen uit het koelvak van de helverlichte Alfamart op Jalan Benda Raya, een drukke straat in Zuid-Jakarta. Weg zijn de blikjes Guinness, de flessen Bali Hai en de sixpacks Bintang, het populairste bier van Indonesië en eigendom van Heineken. Daarvoor in de plaats zoete aardbeien- en chocolademelk.

De jonge verkoper van de kleine winkel lacht verontschuldigend. „Bintang? Dat mag niet meer”, zegt hij. Indonesische wetgevers zijn de strijd tegen alcohol begonnen. Een wetswijziging beperkt het aantal plekken waar alcohol verkocht mag worden tot restaurants, hotels en grote supermarkten. Doel is om verslaving en drankgebruik onder jongeren tegen te gaan. Duizenden kleinere 7-Elevens, Indomarets en Alfmarts mogen opeens geen bier meer verkopen.

Grote brouwers, zoals Heineken, zijn boos. „Wij maken ons ernstige zorgen over de onduidelijkheid over de wet in Indonesië”, zegt Mark Campbell, directeur woordvoering van Heineken in Azië, vanuit Singapore. „Deze regels, die almaar restrictiever worden, zullen leiden tot grotere problemen met zelf gestookte en illegale alcohol met schadelijke effecten voor het land.”

Dat Heineken openlijk kritiek heeft op de Indonesische regering, die zulke directheid haat, is veelzeggend. Heineken heeft veel te verliezen. Indonesië heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een veelbelovende groeimarkt voor de Nederlandse brouwer.

Islam als beperkende factor

De afgelopen tien jaar nam de gemiddelde bierconsumptie in Indonesië met 50 procent toe, blijkt uit statistieken van onderzoeksbureau Canadian. Per jaar drinkt een gemiddelde Indonesiër een liter bier. Dat is een schijntje vergeleken met niet-islamitische landen als Singapore (21 liter per persoon per jaar) of Vietnam (34 liter). Maar de omvang van de bevolking (245 miljoen inwoners), de gemiddelde leeftijd (nog geen dertig) en de gemiddelde verwachte inkomensstijging (van 3.000 dollar per jaar nu naar 8.000 over tien jaar) maakt Indonesië een interessant land voor Heineken.

Het grote voordeel vergeleken met andere bevolkingsrijke Aziatische landen als Japan en de Filippijnen is dat Heineken in Indonesië via Bintang marktleider is met een aandeel van circa 50 procent. Topman Roland Pirmez van Heineken Indonesië noemde het land vorig jaar in deze krant een van de landen met het meeste potentie. „De beperkende factor is de islam”, zei Pimez toen. De Belgische Heineken-baas lijkt gelijk te krijgen.

Zonder kleine supermarkten wordt het moeilijker voor Heineken om die jonge, rijkere Indonesiër bier te verkopen. Ook wordt het lastiger om op vakantie-eiland Bali de ruim 2 miljoen toeristen te bereiken. Het is nog onduidelijk of er voor Bali een uitzondering op de regels komt. „Wij willen hierover graag in gesprek treden met de overheid. Maar tot dusver is het niet gelukt contact te krijgen”, zegt Heineken-woordvoerder Campbell.

Twee islamitische partijen vinden de nieuwe regels te slap. Zij hebben een wetsvoorstel ingediend om Indonesië droog te leggen. De twee partijen bezitten samen nog geen 15 procent van de parlementszetels, maar het wetsvoorstel wordt wel serieus behandeld en gaat over een populistisch-moralistisch thema (geloof, bescherming volksgezondheid) dat zomaar bredere steun kan krijgen.

Indonesië is de afgelopen tijd in de ban van het herstellen van goede zeden en moraal. Er wordt een driftige strijd tegen drugs, kleine criminaliteit en pedofilie gevoerd. Een alcoholhetze past in dat straatje.

Maar er is ook verzet. Er staan 200.000 banen op het spel, waarschuwt de voorzitter van de Indonesische brouwersvereniging. Het zal een klap zijn voor het investeringsklimaat, zegt een werkgeversbaas. Alcohol wordt bovendien zwaar belast in Indonesië. Een fles Balinese Chardonnay – die alleen heel koud enigszins te drinken is – kost evenveel als een fles dure whisky in Nederlandse slijterijen. Jaarlijks int de staat omgerekend circa 290 miljoen euro aan belasting op alcohol, een inkomstenbron die de overheid niet kwijt wil.

Niet toevallig zijn het hoge bestuurders die zich verzetten tegen drooglegging. Gouverneur Basuki Tjahaja Purnama van Jakarta, van christelijk-Chinese komaf, ontstak in woede over het onderwerp. „Niemand is ooit gestorven aan het drinken van bier. Mensen sterven aan illegaal gestookte alcohol. Wat moeten we dan nog meer verbieden? Hoestdrank.”