Tennissters komen dankzij teamspirit de wereldgroep in

Tegen Australië lieten de Nederlandse tennissters zien waartoe ze in staat zijn, als ze fysiek en mentaal in orde zijn.

Kiki Bertens die gisteren won van de Australische Casey Dellacqua. Foto Koen Suyk/anp

Was het maar elke week Fed Cup. Dan viel er op maandag steevast te schrijven over Nederlandse tennissters met zelfvertrouwen, overlevingsdrang en glorieuze overwinningen. Gisteren lieten de vrouwen van Fed Cup-captain Paul Haarhuis wederom zien waartoe ze in staat zijn als ze mentaal en fysiek in orde zijn. Australië – zonder de geblesseerde topspeelster Samantha Stosur, de nummer 25 van de wereld – werd in vier partijen verslagen, waardoor Nederland voor het eerst sinds 1998 weer in de wereldgroep zal spelen. Begin volgend jaar treft het één van de sterkste landen ter wereld uit een poule van acht.

Het beslissende punt werd gistermiddag, net als in de twee eerdere ontmoetingen met Japan en Slowakije, gemaakt door Arantxa Rus. Ze verzilverde haar vierde matchpoint tegen de nummer 45 van de wereld, Jarmila Gajdosova (0-6, 7-5 en 7-5).

Juist Rus (24), afgegleden naar nummer 217 op de wereldranglijst, staat symbool voor de staat van het Nederlandse vrouwentennis. In een oranje shirt, als ze de hele week de beschikking hebben gehad over een coach, een fysiotherapeut, een dokter en een bespanner, presteert ze het onmogelijk geachte, maar zodra ze een week later zonder begeleiding uitvliegt voor toernooien in den vreemde, is de eerste ronde vaak al de eindbestemming voor Rus.

Niet in paniek

En dat is de crux bij deze generatie tennissters. Als Rus er volgende week op een gravelbaan in Mexico weer alleen voor staat, zou ze een wedstrijd als die van gisteren waarschijnlijk niet winnen, legde Haarhuis de vinger op zere plek. Rus knikte instemmend toen de bondscoach die woorden uitsprak. „Dat denk ik ook”, zei ze eerlijk. „Nu kan ik nog even snel iets vragen aan Paul op de bank. Bij een 6-0, 2-0 achterstand zie je dat ik wel rustig kan blijven en niet in paniek raak.” Want Rus had aanvankelijk niets in te brengen tegen Gajdosova. Pas in de negende game haalde ze haar eerste punt binnen. De speelster uit Monster richtte zich daarna op, kantelde de wedstrijd en won de derde set, nadat ze bij een stand van 5-3 al twee matchpoints had laten liggen.

The spirit of Fed Cup, betitelde Haarhuis de prestatie van de Nederlandse tennissters, op wie hij „ongelofelijk trots” was. De Nederlandse vrouwen begonnen met Haarhuis aan zes van de zeven ontmoetingen als underdog, maar wisten telkens te winnen. Het Fed Cup-team voelt als een veilige omgeving voor speelsters als Rus, Kiki Bertens, Michaëlla Krajicek en Richel Hogenkamp. Het klikt tussen spelers en coach, de onderlinge sfeer is goed en er is teamgeest. Dat maakt onvermoede krachten los. „Het is fijn om hier te zijn”, vertelde Bertens, die met twee zeges het grootste aandeel had in de Nederlandse overwinning. Zaterdag won Bertens eveneens van Gajdosova, gisteren was ze in de openingspartij te sterk voor Casey Dellacqua (6-2 en 6-3). Het was haar elfde overwinning in twaalf enkelspelen in de Fed Cup. „Het is hard werken, maar we doen dat in een ontspannen sfeer”, probeerde Bertens haar succes te verklaren. „We hebben een gezellige groep.”

Geldschieter

Of Haarhuis de komende zes weken, tijdens het gravelseizoen, niet mee kan reizen om zijn pupillen te ondersteunen? Zijn werkzaamheden laten dat niet toe. „De bond wil het wel, maar ik kan niet dertig weken per jaar reizen”, zei hij met spijt in zijn stem. Wel zal Haarhuis deze maand nog op zoek gaan naar een geldschieter om de tennissters, nu met de status van deelnemer in de wereldgroep, van begeleiding te voorzien.

Die status voelde nog wat onwerkelijke gisteren. Zeker omdat Nederlands best geplaatste speelster, Bertens, terug te vinden is op plek 86 van de wereldranglijst. Plaatsing voor de wereldgroep camoufleert daarom een hoop, maar het zegt ook iets over de geestdrift, het doorzettingsvermogen en het soms betwiste talent dat in deze generatie schuilgaat. „Qua ranking hebben we daar nu niets te zoeken”, beseft captain Haarhuis. „Maar qua teamspirit wél. Dat hebben we inmiddels wel bewezen.”