Column

De vuilnisman, de vakkenvuller en de bankier

Economie is hot. Aangezien ik altijd te laat ben, heb ik een goede graadmeter: wat leest mijn afspraak gedurende het wachten? Op dit moment is dat Dit kan niet waar zijn, waarin Joris Luyendijk de financiële wereld ‘ontmaskert’.

In Amsterdam vond vrijdag de jaarlijkse Filosofie Nacht plaats. Het trending thema was ongelijkheid. Politiek filosoof Bleri Lleshi was uit Brussel gekomen om een stortvloed aan cijfers over ongelijkheid te delen. 34 procent van zijn stadsgenoten leeft onder de armoedegrens, terwijl Brussel ook één van de rijkste regio’s van Europa is. Lleshi wijdt die ongelijkheid aan de neoliberalisten. Zij zeiden in de jaren zeventig en tachtig: armoede is niet het belangrijkste probleem. Vrijheid is het allerbelangrijkst. En bij vrijheid hoort een kleine overheid. Maar wie zegt dat verzorgd worden en vrij zijn niet samen gaat? De overheid stimuleert burgers tot ‘participatie’ om te kunnen besparen op de gezondheidszorg. Lleshi vindt besparen uiterst dom. Investeren is beter. „Door besparingen is de gemiddelde Griek 40 procent armer dan vijf jaar geleden.”

Stel je die 40 procent voor in het dagelijks leven: hoe vol zit je na 60 procent van je lunch?

Natuurlijk waren ook Rutger Bregman en Jesse Frederik aanwezig. Zij schreven het essay Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers. Hoeveel iemand verdient, is altijd gebonden aan een idee over ‘goed’ en ‘waardevol’. Alleen is die moraal nu verstopt. We doen alsof winst een objectief criterium is. Maar toen Ierse bankiers maandenlang staakten, was er niets aan de hand. Wanneer vuilnismannen staken, breekt de pleuris uit.

Soufian en zijn collega’s zouden zo’n staking moeten proberen. De 19-jarige vakkenvuller stal vorige week de internetharten van Nederland met zijn speech voor Ahold-topman Dick Boer. Om te verdienen wat Boer in één jaar verdient, moet Soufian 299 jaar fulltime werken. Soufian vroeg zich af waarom hij als volwassene een jeugdloon krijgt. Met dat loon kan hij slechts de helft van zijn nette pak betalen. Ter illustratie ontkleedde hij zich deels. Een mooi beeld.

Zonder vulploegmedewerkers functioneert Albert Heijn niet meer als supermarkt.

Ik ben benieuwd wat er gebeurt als topman Boer zijn taken neerlegt. Eerlijk gezegd weet ik niet eens wat zijn werk inhoudt. Nu wordt die onduidelijkheid doorgaans als bewijs van waarde uitgelegd, maar is dat terecht? Iemand in het publiek vroeg of ‘hard werken’ niet ook een beloning verdient? „Met een theepot op je hoofd op één been een rondje door de zaal hupsen is ook hard werken”, reageerde Bregman.

Nu het lente is, heb ik als laatkomer weer een standaard excuus: de brug stond open. „Geeft niet”, zegt mijn afspraak dan. Geruststellend wordt het boek van Joris Luyendijk omhoog gehouden.

Kon je magen maar vullen met woorden.