Octopus heeft geen vast loopje

Geen dier kruipt zoals een octopus. Zijn acht armen bewegen zich grillig, vrijwel onafhankelijk van elkaar. Israëlische neurobiologen die de kruipwijze van de gewone octopus (Octopus vulgaris) onderzochten, beschreven hun observaties vrijdag in Current Biology.

Octopussen kruipen door zichzelf weg te duwen. Een arm die een ‘stap’ gaat zetten maakt zich eerst kort. Daarna zetten de zuignappen zich vast en strekt de arm zich. Zo duwt de octopus zichzelf vooruit.

Alle dieren, van paarden tot spinnen, zetten hun poten neer in een vaste volgorde, zoals een galop of draf. De octopus niet. De Israëliërs vonden geen enkel patroon in de armvolgorde van de octopus.

Dat ligt aan de bijzondere anatomie van de octopus, denken de biologen. De armen van de octopus zijn deels autonoom: ze worden ieder aangestuurd door een aparte zenuwknoop.

De octopus heeft wel voorkeursarmen. Het weekdier zet zich meestal af met zijn achterste vier armen. De octopus beweegt ook vaak enigszins dwars, in een hoek van 45 graden ten opzichte van zijn kijkrichting.

Maar zoals een geschutskoepel kan draaien terwijl de tank blijft rijden, is bij de octopus kijkrichting en kruiprichting niet gekoppeld, schrijven de biologen. Het dier kan zijn lijf draaien terwijl het dezelfde kant op blijft kruipen.