Het grote gelijk van een geslepen counterploeg

De kampioen van de eredivisie leerde van naïeve fouten in het vorige seizoen. Jonge spelers waren wijzer en bleven pieken.

De verkeersregelaars die bezoekers op koude zaterdagen uitdrukkingsloos naar hun parkeerplek leiden, deden dat nu stralend. Eindelijk was het zover. Na zeven seizoenen ergernis gloeide lichtstad Eindhoven van genoegen. Want PSV was weer de beste ploeg van Nederland. De nieuwe landskampioen.

Uiterst strak waren de gezichten van de spelers toen zij zaterdag in een erehaag van fans bij het Philips Stadion arriveerden. Precies wat de ploeg dit jaar kenmerkte: extreme focus. Alles moest wijken voor de schaal, zoals trainer Phillip Cocu zondag nogmaals benadrukte op een kolkend Stadhuisplein. Niks kon dit PSV ontregelen. Zelfs achterstanden werden omgebogen, waar de ploeg daar vorig jaar mentaal niet sterk genoeg voor was. Goed voorbeeld was de winst op Ajax in de Arena (1-3). Daar bleek al dat PSV sterker was dan in alle jaren hiervoor.

Praten over de titel? Zover was het nog lang niet. Cocu bleef het maar zeggen. Vorige week nog na de winst op PEC Zwolle. Zou Ajax daags erna verliezen van Heracles dan was PSV kampioen, maar desondanks ging Cocu niet met zijn ploeg naar die wedstrijd kijken. Dat paste niet in het schema van een topsporter. „We richten ons op de volgende wedstrijd”, zei hij.

Hij gaf nooit een krimp, net als zijn spelers, van wie sommigen alsmaar boven zichzelf bleven uitstijgen. Luuk de Jong bijvoorbeeld. Keerde teleurgesteld terug uit de Bundesliga, maar in het shirt van zijn nieuwe club PSV pakte de spits het scoren weer op. In het kampioensduel met Heerenveen kopte hij zijn achttiende en negentiende doelpunt binnen.

Maar wie was hij zonder de voorzetten van linksback Jetro Willems, die met zijn assist soms een betere aanvaller dan verdediger leek. Continu stoomde hij op. Een kap, een draai en dan een puike voorzet. Zijn terechte bijnaam: Koning van de assist.

Memphis Depay dan. Grillige figuur met vedettetrekjes, maar het moet gezegd: zijn spel was wervelend. Nu heeft Manchester United interesse en dat is niet vreemd. Depay is een speler van je nooit weet wat hij gaat doen. Tikkeltje egoïstisch, maar met twintig doelpunten wel topscorer bij PSV. Coach Cocu is dan ook realistisch: PSV kan maar beter cashen deze zomer.

Een stillere kracht was de Mexicaan Andrés Guardado. Hij was de controleur die zorgde voor evenwicht. De 28-jarige middenvelder was belangrijker dan een neutrale kijker op basis van beelden op Studio Sport zou denken. Nooit balverlies, rust aan de bal en meestal een pass vooruit. Een baken van rust in een jonge ploeg. PSV is gezegend nu Guardado definitief is overgenomen van het Spaanse Valencia.

Het was mede dankzij zijn oog voor de ruimte dat PSV uitgroeide tot een geslepen counterploeg. Geen ploeg had zo weinig passes nodig voor een doelpoging als PSV, zo bleek uit statistieken. Laf reactievoetbal, mopperden sommige opponenten, maar geef Cocu eens ongelijk. Vorig jaar koos hij voor dominant aanvalsspel, maar daarvoor was PSV nog veel te groen: de ploeg werd teleurstellend vierde.

Daarom koos hij voor een meer behouden speelstijl, waarbij de snelle buitenspelers Depay en Luciano Narsingh profiteerden van de vrijkomende ruimte. Extern was er twijfel over de kunde van Cocu, maar intern niet. Hij was blij met dat vertrouwen van PSV en beschouwt de titel als „een bevestiging van zijn werkwijze”.

Zijn wankele ploeg van vorig jaar bleek dit jaar stabiel en volwassen. Nu eens was er niemand die zich negatief onderscheidde. „Het eerste jaar was nodig”, zegt Cocu. Ervaring met falen, dat heeft zijn spelers gesterkt.