Een vals, rooskleurig beeld van prostitutie

In een onderzoek naar prostitutie komen alleen vrouwen aan het woord met wie het redelijk goed gaat. Renate van der Zee fileert een dubieuze studie.

Foto Thinkstock

Soms lijkt het wel alsof we in Nederland willens en wetens verkeerd worden geïnformeerd als het over prostitutie gaat. Vorige week kwam het ministerie van Veiligheid en Justitie met een rapport getiteld ‘Sekswerkers aan het woord’, over de sociale positie van prostituees in Nederland.

Het leek op het eerste gezicht een vrij geruststellend rapport. De meeste prostituees die ervoor waren geïnterviewd, zeiden namelijk dat ze tevreden waren. „Binnen de onderzoekspopulatie lijkt niet of nauwelijks sprake te zijn van misstanden of gedwongen sekswerk”, jubelden de onderzoekers van bureau Regioplan, dat deze mooie opdracht van het ministerie had gekregen.

Dat lezende zou je denken: waar maakt iedereen zich toch zo druk over in Nederland? Het gaat toch goed in de Nederlandse prostitutiesector? Maar als je het rapport beter bekijkt, zie je dat er iets raars mee aan de hand is. De onderzoekers spraken namelijk alleen met een selecte groep prostituees. Ze waagden zich niet aan interviews met vrouwen uit de illegale prostitutie. Ze spraken met name vrouwen uit seksbedrijven met een vergunning, zelfstandige escorts en thuisprostituees. En van die vrouwen spraken ze voornamelijk degenen die het relatief goed voor elkaar hadden.

Het onderzoek is dus totaal niet representatief. Daar komt nog iets bij: de overgrote meerderheid van de prostituees in Nederland komt uit arme landen, wat betekent dat deze vrouwen kwetsbaar zijn voor uitbuiting. Maar de helft van de vrouwen die voor dit onderzoek werden geïnterviewd, hadden juist de Nederlandse nationaliteit.

„Naar verwachting hebben wij gesproken met de ‘bovenlaag’ van de sekswerkers in Nederland, ofwel: de sekswerkers met een relatief goede sociale positie”, melden de onderzoekers zelf ook aan het einde van het rapport.

Pardon? Je schrijft een rapport over de sociale positie van prostituees en je interviewt alleen de vrouwen die een relatief goede sociale positie innemen? Dat is net zoiets als zeggen: jongens, we gaan onderzoek doen naar de sociale positie van arme mensen in Nederland, maar we interviewen alleen degenen die iets meer te besteden hebben. Of: we gaan kijken naar de positie van Poolse champignonpluksters, maar we bezoeken alleen de bedrijven waar ze goed behandeld worden. Dan krijg je dus een veel te rooskleurig beeld. En het ernstige is dat de Nederlandse overheid haar beleid op dat rooskleurige beeld baseert.

Ik denk overigens niet echt dat bureau Regioplan ons willens en wetens verkeerd heeft willen informeren. Ik denk eerder dat het een kwestie is van kiezen voor de makkelijkste optie. De groep prostituees die er relatief goed aan toe is, is eenvoudig te bereiken. Deze vrouwen zijn eerder bereid tot een interview dan vrouwen die het minder goed doen of in de problemen zitten.

Emotioneel zwaar

Als je werkelijk iets wilt weten over de sociale positie van prostituees moet je veel diepgravender onderzoek doen. Het is prima als onderzoekers daar geen zin in hebben. Maar zet dan eerlijk op het voorblad: dit is een onderzoek naar de sociale positie van de bovenlaag van de Nederlandse prostituees.

Niettemin staan er wel wat interessante dingen in het rapport. Bijna de helft van de ondervraagde prostituees blijkt het werk soms emotioneel zwaar te vinden en eenderde komt weleens in ‘aangrijpende situaties’ terecht. En meer dan de helft van de prostituees denkt soms of vaak aan uitstappen. Gezondheidsproblemen waarmee ze het vaakst te kampen hebben zijn gespannenheid of opgefokte gevoelens, somberheid en eenzaamheid. Dat geeft te denken. Als dit alleen al geldt voor de bovenlaag van de prostituees, hoe moet dat dan zijn voor al die anderen?

Bendes van mensenhandel

Twee dagen na het verschijnen van dit rapport kwam het nieuws naar buiten dat op de Amsterdamse Wallen zeker acht Hongaarse bendes met mensenhandel bezig zijn. In totaal blijkt het om ruim honderd bendeleden te gaan. Even voor de duidelijkheid: dit zijn geen criminelen die in de illegaliteit te werk gaan. Deze mensenhandelaren buiten vrouwen uit in de legale prostitutie. Hun slachtoffers staan achter ramen waarvoor keurig een vergunning is aangevraagd. Maar die vrouwen zijn natuurlijk niet geïnterviewd door Regioplan. Dat zouden hun pooiers nooit goed vinden. Hun stem wordt niet gehoord. En zo kan het sprookje dat het in de Nederlandse prostitutie allemaal wel meevalt gewoon blijven voortbestaan.