Dagkalender van de Wereldliteratuur: over een jarige ‘onverbiddelijke’ bestsellerauteur

Vandaag is niet alleen de geboortedag van Pieter Jelles Troelstra en Martinus Nijhoff maar ook van de auteur van Nederlands eerste onverbiddelijke bestseller.

De ‘onverbiddelijke bestseller’ Ik Jan Cremer (een miljoen verkochte exemplaren in een halve eeuw) werd door de schrijver gepresenteerd als pure autobiografie. Cremers jeugd in tehuizen en gevangenissen, zijn bloederige ervaringen op straat en op de werkvloer, zijn avonturen in het 252_0Vreemdelingenlegioen en op de wilde vaart, zijn inventieve neukpartijen met de mooiste vrouwen ter wereld – het was allemaal, om die andere vrije jongens van zijn generatie, Jacobse en Van Es, te citeren, ‘origineel waar’.

Juist de suggestie dat alles echt gebeurd was zorgde voor schandaal en hoge verkopen. Iedereen in het Holland van vóór de seksuele revolutie bemoeide zich ermee, van minister-president Cals (‘Ik Jan Cremer vind ik van een afgrijselijke wreedheid’) tot Harry Mulisch (‘oefent aantrekkingskracht uit op arbeiders en kleinburgerlijke jongens’).

Wat de criticasters uit het oog verloren, was dat Cremer (Enschede, 20 april 1940) een dikke duim had en dat zijn boek in een lange traditie van controversiële schelmenromans stond. De voorlijke tiener Jan, op zijn dertiende ontmaagd door de buurvrouw, overleeft zijn twaalf ambachten en dertien ongelukken met glans, en eindigt als kunstenaarsbeest te midden van de bohème in Parijs, Amsterdam, Ibiza.

Vriendinnen worden in de steek gelaten, vijanden krijgen hun trekken thuis, geen autoriteit is heilig of veilig. Cremers voortdenderende stijl, zijn frontale aanval op blauw- en zwartgekoust Nederland en zijn spelletjes met fictie en werkelijkheid hadden dan ook grote invloed op de anti-autoritaire generatie die opgroeide in de jaren 60 en 70.

Voor meer afleveringen van de Dagkalender van de Wereldliteratuur, zie The Global Reader.

Pieter Steinz zit op Twitter.