Levend schaak met een vlijmscherp floret

In zwart-wit is hij niet te onderscheiden van een ridderserie, deze Floris van de eenentwintigste eeuw. Hier vliegt Job de Ruiter, het 17-jarige natuurtalent dat dit weekend zijn floret in de brede borsten van de senioren gaat steken op het NK schermen in Rotterdam. Sinds hij op zijn tiende een proeflesje deed en de instructeur hem smeekte om nooit meer weg te gaan, schermt hij. Jarenlang was hij zelfs een schermende hoboïst – of een hoboënde schermer, maar dat instrument heeft hij aan de wilgen gehangen.

Job heeft iets in zijn manier van bewegen, iets unieks – dat was wat die eerste instructeur meteen zag. Zijn trainer liet dienaangaande ooit de naam Robin van Persie vallen – Job doet alles op intuïtie. Daarover sprak hij drie jaar geleden de inderdaad intuïtieve woorden: „Ach, hmmm. Ik denk er inderdaad niet zoveel over na.” Dat is hooguit de helft van de waarheid, want als er één sport veel vraagt van de tactische vermogens van de spelers dan is het schermen. Het is levend schaken. Sneller denken dan de tegenstander kan prikken, elke keer weer, tot je op de Olympische Spelen staat.