6.000 doden, 14.000 gewonden, 1 miljoen ontheemden

Een jaar geleden begon de oorlog in Oekraïne. Ondanks overleg in Berlijn laaiden deze week de gevechten weer hoog op. Wat is er allemaal gebeurd sinds de bevolking in steden als Charkov, Donetsk en Odessa het voorbeeld hoopten te volgen van de Krim?

foto afp

„Eén ding weet ik zeker: wij gaan deze oorlog winnen”, zegt Joeri Bereza, commandant van het Oekraïense vrijwilligersbataljon Dnepr-1, in zijn hoofdkwartier in Dnepropetrovsk. „Wij verdedigen immers ons eigen land.” Hij heeft net uitgebreid een ondergeschikte uitgefoeterd. „De Russen hebben enorme hoeveelheden militair materieel aangevoerd, maar ze beginnen door hun menselijke reserves heen te raken”, zegt Bereza. „De lokale bevolking die wilde vechten is dood en ook de Russische patriotten raken op.” Terwijl hij dit zegt, wordt bij de steden Donetsk en Marioepol gewoon doorgevochten.

De oorlog in de Donbas is een jaar oud. Het officiële dodental is volgens de VN ruim de 6.000 gepasseerd, er zijn 14.000 gewonden en meer dan een miljoen vluchtelingen. Wat weten we inmiddels van de rol van Rusland in deze hybride oorlog, die door het Kremlin wordt afgedaan als een interne Oekraïense burgerkrijg? Een chronologische reconstructie.

April 2014, de opstand begint

Na de geruisloze Russische annexatie van de Krim op 18 maart 2014 hoopte de pro-Russische bevolking in Oekraïense steden als Charkov, Donetsk en Odessa op een eigen variant van het Krimscenario. Demonstraties en bezettingen breidden zich begin april razendsnel uit in Oost-Oekraïne, dat een voedingsbodem is voor een opstand. Onduidelijk bleef of mensen inlijving wilden of meer autonomie.

Op aandrang van lokale activisten kwam de Russische voormalige FSB-kolonel Igor Strelkov met 52 commando’s vanuit de Krim naar de Donbas om leiding te gaan geven aan die opstand. De Moskoviet Strelkov, die eerder in Tsjetsjenië, Bosnië en Transnistrië vocht, heeft zelf nooit gezegd dat de opdracht uit het Kremlin kwam. Het commando dook in de nacht van 11 op 12 april op in Slavjansk, ten noorden van Donetsk. De volgende ochtend namen zij het politiebureau in en deelden wapens uit aan lokale opstandelingen. Inwoners van Slavjansk verzekerden mij dat de commando’s Russische professionals waren. Dat was te horen aan hun taalgebruik en te zien aan de geroutineerde manier waarop ze met wapens omgingen. De opstand sloeg aan; binnen twee weken werden de Volksrepublieken Donetsk en Loegansk uitgeroepen.

De Oekraïense regering werd door de opstand overvallen. Ze kondigde een Anti-Terroristische Operatie af en stuurde troepen naar het gebied, die zich lieten overdonderen door boze landgenoten op wie ze niet wilden schieten. Bovendien was Kiev bang een Russische interventie uit te lokken. De Volksrepublieken hadden de wind in de zeilen. De Moskouse consultant Aleksandr Borodaj werd de eerste premier van de Volksrepubliek Donetsk, Strelkov werd minister van Defensie. Moskou steunde de opstand moreel en materieel, maar een invasie bleef uit.

Wel trok Rusland een grote troepenmacht samen aan de grens bij Charkov. De Russische televisie ontketende een oorlogshysterie van krankzinnige proporties tegen de „fascistische junta” in Kiev, die in de Donbas een ‘genocide’ zou voorbereiden op de Russischtalige bevolking.

17 juli, de MH17 wordt neergehaald

Toen de Russen niet binnenvielen, sloeg Kiev het beleg voor Slavjansk. Steeds dringender riep Strelkov het Kremlin via de sociale media op troepen te sturen, maar dat gebeurde niet. Op 5 juli namen de Oekraïeners Slavjansk in en Strelkov vluchtte naar Donetsk. Na het neerhalen van de MH17 op 17 juli verving Moskou de Russische top van de Volksrepubliek Donetsk, die ‘geoekraïniseerd’ moest worden. Strelkovs positie was al onhoudbaar na zijn onvoorzichtige bericht op het Russische Facebook („we hebben weer een vogeltje uit de lucht geschoten”).

In de zomer werden in het gebied steeds meer Russische patriotten, kozakken, Tsjetsjenen en ‘soldaten met verlof’ gesignaleerd. Het werven van patriotten in Rusland gebeurde openlijk: toen een Rus uit Jekaterinburg de overheid vroeg zijn ronselpraktijken te legaliseren, kreeg hij als antwoord: „Wij kunnen uw verzoek niet honoreren, maar danken u voor uw patriottisme.” Het tekent Ruslands tactiek: aanmoedigen, maar officiële betrokkenheid blijven ontkennen. Volgens de ronselaar dienden de Russische ‘humanitaire hulpkonvooien’ om wapens en vrijwilligers Oekraïne in te smokkelen.

Augustus, Rusland grijpt militair in

Na de val van Slavjansk begon het Oekraïense leger aan zijn opmars. Half augustus was het grondgebied van de beide Volksrepublieken aanzienlijk geslonken. Toen de Oekraïners Donetsk praktisch hadden omsingeld, greep Rusland voor het eerst met eigen troepen in. Volgens Oekraïense, Russische en NAVO-bronnen kwamen een paar duizend Russische soldaten half augustus met tanks en zware artillerie de grens over. De Oekraïense grenstroepen sloegen op de vlucht maar soldaten van de vrijwilligersbataljons raakten omsingeld in het stadje Ilovajsk. Poetin stelde voor hen via een corridor te laten vertrekken, maar toen de Oekraïners Ilovajsk verlieten werden zij op 29 augustus door de Russen neergemaaid. Honderden Oekraïeners kwamen om, onder meer van bataljon Dnepr-1 van Joeri Bereza. In september vertelde hij me dat de Russen zelfs geen consideratie hadden met de Russische soldaten die door de Oekraïners gevangen waren genomen. Na de actie verdwenen de Russen over de grens.

In het ziekenhuis van Dnepropetrovsk sprak ik dit najaar met tien Oekraïense bataljonssoldaten die bij Ilovajsk gewond waren geraakt. Stuk voor stuk zeiden zij bestookt te zijn door Russische troepen. Hun commandanten waren razend op de Oekraïense legerleiding. Luitenant-generaal Petro Litvin had al op 23 augustus aan de legertop in Kiev gemeld dat Russische troepen de grens waren gepasseerd, maar de generaals waren te druk met de militaire parade voor de Onafhankelijkheidsdag van 24 augustus. Litvin liet vervolgens zijn grenstroepen in de steek.

Op 25 augustus toonden de Oekraïners tien Russische soldaten die gevangen waren genomen. Ze kwamen uit de Zuid-Russische stad Rostov, waar ze te horen hadden gekregen dat ze „op oefening” gingen. Volgens Poetin waren ze „verdwaald”. Op 28 augustus publiceerde de NAVO satellietbeelden waarop luchtdoelraketten waren te zien bij Krasnodon in rebellengebied. Ze sprak van een „aanzienlijke escalatie” en van „extra bewijs dat Russische gevechtstroepen, uitgerust met professionele zware wapens, binnen Oekraïens grondgebied opereren”. Het doel van de inval was de „separatistische troepen” te versterken en bevoorraden „in een schaamteloze poging het momentum van de strijd te wijzigen, dat op dit moment in het voordeel van de Oekraïense strijdkrachten uitpakt”, aldus de NAVO.

De Russische militair analist Igor Soetjagin, die werkt bij het gezaghebbende Britse Royal United Services Institute for Defense and Security Studies, publiceerde onlangs de namen en nummers van de Russische militaire eenheden die vochten bij Ilovajsk. Volgens hem zijn in de Donbas af en aan 9.000 Russische troepen aanwezig. Dat is onmogelijk te controleren, aangezien de troepen de pers mijden, geen herkenbare insignes dragen, zich mengen onder de rebellen en snel de grens over verdwijnen. Op internet doken vanaf vorige zomer meer en meer filmpjes en foto’s op van tankcolonnes, militaire vrachtwagens benzinetrucks en zwaar wapentuig, vaak met overgeschilderde militaire kentekens.

Twee weken geleden sprak ik in Kiev met de jurist Dima (31) uit vrijwilligersbataljon Donbas. Hij overleefde de zeven uur durende slachtpartij bij Ilovajsk en werd door Russische soldaten gevangen genomen. Tegen hun belofte in leverden ze hem en zijn kameraden uit aan de rebellen, die hen twee maanden vasthielden in een kelder bij de veiligheidsdienst in Donetsk, waar een Russische FSB’er de leiding had.

„Het was de hel”, zei Dima. Mensen werden verhoord en in elkaar geslagen, er was geen sanitair en nauwelijks voedsel. „Er zaten echte sadisten bij de rebellen die je lieten merken dat ze alles met je konden doen.”

Na twee maanden werden de krijgsgevangenen teruggebracht naar Ilovajsk waar ze de ruïnes moesten opruimen. Eind vorig jaar werd Dima uitgewisseld bij een krijgsgevangenenruil. „De hele operatie in de Donbas wordt geleid door Rusland”, zei Dima. De rebellen hebben daarover een absolute zwijgplicht. „Als je erover begint worden ze woedend.”

5 september, het eerste ‘vredesakkoord’

De slag bij Ilovajsk werd een keerpunt in de oorlog: de Oekraïense president Porosjenko sloot op 5 september een ‘vredesakkoord’ (Minsk-1). De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa moet met 500 waarnemers in het enorme gebied toezien op naleving, maar kan de 400 km lange open grens niet controleren. De OVSE kan niet officieel bevestigen dat er Russische troepen in het gebied zijn, zegt woordvoerder Michael Bociurkiw in Kiev, maar waarnemers zien vaak „ongemarkeerde militaire konvooien, vele met zware wapens als houwitsers en raketlanceerinstallaties” van bijvoorbeeld de Russische Kamazfabrieken, evenals „mannen in uniform zonder herkenningstekens, die spreken met een Russisch accent”.

Omdat Rusland OVSE-lid is, zitten er ook 20 Russen in het team, die volgens Bociurkiw „volstrekt onpartijdig” zijn. Commandant Bereza moet daar hartelijk om lachen. „De OVSE is zo lek als een mandje. Telkens als haar waarnemers in aantocht zijn, zwijgen de wapens. Hoe denkt u dat dat komt?” Oekraïne mag als conflictland geen deel uitmaken van de missie.

Na een telefonische afspraak tussen Poetin en Porosjenko werd in het najaar in Debaltsevo een Joint Center for Control and Coordination (JCCC) gestationeerd, waarin Oekraïense én Russische generaals ook toezien op de wapenstilstand. De Russische generaal Aleksandr Lentsov, die een land vertegenwoordigt dat partij is in de oorlog, kan zich zo volstrekt vrij door de Donbas verplaatsen. Bociurkiw wil slechts kwijt dat dit „quite a unique situation” is, maar achter de schermen hoor je dat de OVSE er razend over is. Een BBC-journaliste vroeg generaal Lentsov onlangs bij de grenspost Novoazovsk waarom de OVSE belemmerd wordt bij de grenscontroles. „Die klachten zijn volstrekt nieuw voor mij”, zei de Rus, terwijl OVSE’er Alexander Hug zich naast hem zichtbaar stond te verbijten.

Eind 2014, de oorlog laait weer op

Eind 2014 laaide de oorlog in volle hevigheid op bij het vliegveld van Donetsk en het spoorwegknooppunt Debaltsevo. Na zware druk van Duitsland en Frankrijk werd op 12 februari een nieuw staakt-het-vuren getekend, Minsk-2. De inkt was nog niet droog of de rebellen zetten, opnieuw met forse steun van het Russische leger, de aanval in op Debaltsevo, dat na dagen van felle gevechten werd veroverd. Bij deze flagrante schending van Minsk-2 werd de OVSE op afstand gehouden. Dat is simpel, zegt Bociurkiw: de rebellen zijn verplicht de waarnemers een veiligheidsescorte te geven. Die komt gewoon te laat, zodat de OVSE niet kan uitrukken. Tijdens de veldslag was generaal Lentsov enige dagen spoorloos verdwenen uit het JCCC-kantoor in Debaltsevo.

3 maart 2015, Russische soldaat doet zijn verhaal

Er is een belangrijke bron voor de betrokkenheid van het Russische leger bij de val van Debaltsevo. In het ziekenhuis van Donetsk vertelde de zwaargewonde Dorzji Batomoenkoejev (20) uit de Russische republiek Boerjatië aan de Russische Novaja Gazeta gedetailleerd hoe zijn eenheid van 300 beroepssoldaten naar Rostov was gebracht voor „militaire oefeningen”. Iedereen wist dat het uiteindelijke doel Oekraïne was. Op een avond kroop hij in zijn tank en kreeg hij bevel gas te geven; de volgende ochtend was hij in Donetsk. Dat de OVSE deze troepenverplaatsingen niet ziet is dus logisch: om veiligheidsredenen werken de waarnemers niet ’s nachts. Batomoenkoejevs tank werd bij Debaltsevo in de fik geschoten, hij overleefde ternauwernood.

Volgens de Boerjaat werkten de Russische troepen niet samen met de rebellen. „Dat vinden de opstandelingen veel te gevaarlijk, ze laten ons het zware werk doen.” Na afloop van de strijd keerden de rebellen terug voor de triomfantelijke filmshots voor de Russische tv. Batomoenkoejev vocht uit overtuiging tegen de „fascisten”. Zijn moeder zei later dat het interview helemaal niet heeft plaatsgevonden, al verklaart ze niet hoe haar zoon met zware brandwonden in een ziekenhuis in Donetsk is beland. Het is een patroon: familieleden van gesneuvelde soldaten – de schattingen van organisaties van soldatenmoeders lopen in de honderden – worden onder druk gezet of krijgen 70.000 euro in ruil voor stilzwijgen. Bij het Russische Rostov is inmiddels een groot kerkhof met een paar honderd verse graven ingericht.

Hoe nu verder?

Tot woede van nationalisten als Igor Strelkov heeft het Kremlin voorlopig besloten dat de Donbas deel van Oekraïne moet blijven. Zolang het land een binnenlands conflict heeft kan het niet toetreden tot de NAVO. Het is in Poetins belang dat Oekraïne een failed state wordt. Maar intussen heeft Rusland zijn handen vol aan het disciplineren van elkaar bestrijdende rebellenbendes. Tientallen ongehoorzame opstandelingen zijn al geliquideerd. De rest wordt getraind door Russische militairen om een zelfstandige legermacht te gaan vormen.

Rusland zal zich ook actief moeten bemoeien met het opzetten van een bestuursstructuur en de wederopbouw van de economie. Eind dit jaar moeten er volgens Minsk-2 in de Donbas lokale verkiezingen worden gehouden om de afgedwongen decentralisatie te legaliseren.

De vraag is hoe lang de Russen de oorlog in de Donbas kunnen blijven financieren. „Het is duidelijk dat het Kremlin over onvoldoende militaire en financiële middelen beschikt om militaire operaties op het huidige niveau meer dan een jaar vol te houden”, schrijft analist Soetjagin. De oorlog in de Donbas laat zien dat de modernisering van het deplorabele Russische leger nog lang niet voltooid is, zei de gezaghebbende militair journalist Pavel Felgenhauer onlangs in Moskou. Dat geldt nog sterker voor het Oekraïense leger. De lukrake inzet van zware artillerie leidt tot veel burgerslachtoffers. Rusland was eigenlijk nog niet klaar voor dit conflict, aldus Felgenhauer, maar zal nooit „Oekraïne toestaan een westers bondgenoot te worden, zodat Amerikaanse en Duitse tanks en raketten straks bij Poltava staan.”

Laura Starink is journalist en oud-correspondent voor NRC in Moskou