Burgemeesteres van de Govert Flinck

Oma Toni (96) overleed deze week, drie weken na een steekpartij. Ze woonde 80 jaar in haar straat bij de Albert Cuyp.

Elke dag maakte Oma Toni haar vaste rondje in De Pijp, met haar rollator. Zo ook op die fatale 19 maart. Foto Thomas Schlijper

Dat Amsterdammers hun buren niet zouden kennen? Onzin. Oma Toni kende iedereen, en iedereen kende Oma Toni. Wie haar het beste kende? De ober in de lunchroom wijst naar de beautysalon verderop. De beautysalon wijst naar de bloemenstal op de markt. Volgens de bloemenstal moeten we bij de kipkraam zijn en die wijst weer naar een buurvrouw. En zo, bijna ongemerkt, loopt de journalist het rondje dat Toni Heeremans elke dag liep. Met haar rollator.

Ook op 19 maart liep de 96-jarige Heeremans haar rondje. En juist toen was er niemand in de buurt: het moment dat ze op de hoek van de Govert Flinckstraat en de Van Wou tegen een verwarde 24-jarige Arnhemmer opbotste, die haar vervolgens aanviel en neerstak. „Ze was voor de duvel nog niet bang”, zegt kleindochter Nienke Schipper. „Ze riep nog: wat doe je nou? Je doet me pijn!” Het lukte Heeremans nog naar huis te lopen en 112 te bellen. Deze week overleed ze in het ziekenhuis door complicaties. De dader meldde zich een paar uur na de steekpartij bij de politie en zit in hechtenis.

„Ze woonde al bijna tachtig jaar in de Govert Flinckstraat”, zegt buurman Rense van der Hoek. „Dan kun je wel spreken over een burgemeesteres.” Schipper omschrijft haar als een „sterke, eigenwijze tante, in positieve zin”. Een andere buurman kan zich herinneren dat hij Oma Toni een keer gelukkig nieuwjaar wenste. „Ze vond het maar raar dat mensen dat één keer per jaar tegen elkaar zeiden. ‘Zoiets wens je elkaar toch elke dag?’, zei ze dan.”

Volgens kleindochter Schipper bracht Heeremans de familie bij elkaar. „Met verjaardagen werden alle stoelen naar de tuin gesleept en bakte ze appeltaart. Dan zat de hele familie er en werden er schuine moppen getapt. Een Amsterdams gebeuren.”

De buurt en de stad, dat was „haar alles”. „Zodra ze kon, ging ze de straat op, om met iedereen een praatje te maken. De laatste maanden was haar wandeling al een wandelingetje geworden. Ze had een zware griep achter de rug en een rotte rug .”

Met de buurt was het plan gemaakt om een straatfeest te organiseren als ze uit het ziekenhuis kwam. De langslopende postbode vertelt dat hij de laatste weken meer dan 3.000 brieven bezorgde met steunbetuigingen. En de kipkraam op de Albert Cuyp liet een stuk vlees bezorgen in het ziekenhuis.

Decennialang runde oma Toni met haar man vanuit huis een papierhandel. ‘Papierhandel Heeremans’ staat nog op de voormalige etalage. In de oorlog ruilden ze vloeipapier, dat gebruikt werd voor sigaretten, voor eten. De grote veranderingen in De Pijp de afgelopen jaren „daar snapte ze helemaal niets van”, zegt Schipper. „Dat in deze voormalige achterbuurt, de buurt van André Hazes, opeens de huizenprijzen de pan uitrezen, dat ging er bij haar niet in.” Maar ze vond het ook leuk, zegt Schipper, en stond op goede voet met de yuppen in de straat.

Twee marktkooplui maakten deze week Oma Toni’s rondje. Langs de kramen en de huizen. Van de opbrengst is een rouwkrans gekocht.