Verontwaardiging over bankiers, heerlijk

Illustratie Hajo

Wie verontwaardigd is over hoge inkomens richt zich niet tegen bankiers maar op de positie in de eigen groep, aldus Paul Frentrop (bestuurder van het Nederlands Corporate Governance Genootschap).

Tussen de verkiezingen voor de Provinciale Staten en Pasen spoelde een golf van verontwaardiging over het land, of moet ik zeggen door de media. Dit keer was de boosdoener een passage op pagina 244 van het jaarverslag van ABN Amro Group NV over het boekjaar 2014.

De hele Tweede Kamer toonde zich verontwaardigd over het vermelde salaris van de raad van bestuur: zeshonderdduizend euro. Een beetje voetballer komt voor dat bedrag echt zijn bed niet uit, maar het betrof hier zes bankiers. Die hadden ‘de crisis’ veroorzaakt, waren met belastinggeld ‘gered’ en toonden zich nu volslagen ‘wereldvreemd’ terwijl de gewone bankmedewerkers ‘op de nullijn zaten’.

Het weekeinde na Pasen overleed de emotie-onderzoeker Nico Frijda wiens boek The Emotions (1986) geldt als de wereldstandaard voor de studie naar onze drijfveren. Laten we in dat kader eens bekijken wat verontwaardiging eigenlijk is. Deze wordt vaak gezien als een vorm van boosheid, maar is dat niet. Bij boosheid gaan de wenkbrauwen gefronst omlaag, is de blik strak gericht op de boosdoener en wijst de vinger priemend in diens richting.

Lees verder (€)