Krijgen scholieren nog wel genoeg kansen?

Het percentage scholieren dat na het vwo naar de universiteit gaat daalt, staat in het jaarlijkse verslag van de inspectie. En leerlingen komen niet meer zo snel op een hoger niveau.

Het goede nieuws: leerlingen blijven minder vaak zitten. Foto David van Dam

Leerlingen blijven minder vaak zitten en halen sneller hun diploma. Goed nieuws. Maar er is ook een nadeel: iets minder leerlingen gaan naar het vwo. Dat staat in het jaarlijkse Onderwijsverslag van de Onderwijsinspectie.

Middelbare scholen zijn steeds strenger bij het bepalen van het schoolniveau van een kind, zo blijkt. Dat levert de leerling een snellere schoolcarrière op, maar het leidt dus ook tot minder plaatsingen op het hoogste schoolniveau.

De striktere selectie van middelbare scholen zie je overal terug, zegt Monique Vogelzang. Zij is sinds begin dit jaar inspecteur-generaal van het onderwijs. „Je ziet dat middelbare scholen kinderen bij binnenkomst al bij een bepaald niveau indelen. De brede brugklassen met meerdere niveaus verdwijnen steeds vaker. En de categorale scholen zijn juist met een opmars bezig.”

Dat leidt ertoe dat kinderen minder snel op een lager niveau belanden. Op een categorale school is immers geen lager schooltype voorhanden. Maar, zegt Vogelzang, het zorgt er ook voor dat leerlingen niet ‘opstromen’. Dat opstromen gebeurt sowieso een stuk minder. Het ouderwetse stapelen, van mavo naar havo, of van havo naar vwo, is fors afgenomen. „Leerlingen van het vmbo-t gaan sneller naar het mbo en havisten naar het hbo.”

Snel een goed diploma halen

Vogelzang wil de ontwikkelingen kritisch volgen. Want, zegt ze, aan de ene kant zie je dat het maximale onderwijsniveau na jaren van groei is gestabiliseerd. „Dat dat gebeurt, is logisch.” Maar tegelijk is het onderwijssysteem ook een stuk minder flexibel geworden. „Willen we dat? Krijgen kinderen dan nog wel genoeg kansen? Denken we nog aan de laatbloeiers? En geven we de best presterende leerling wel voldoende mogelijkheden? Of laten we die te vaak op safe spelen? Vragen om in de gaten te houden.”

Scholen zeggen vaak dat ze strikter zijn geworden omdat ze door de inspectie worden afgerekend op zogenoemde „afstromers” – leerlingen die afzakken naar een lager niveau. Vogelzang: „Natuurlijk heeft ons toezicht effect. Maar we belonen scholen ook voor kinderen die juist opstromen.” Categorale scholen spelen volgens haar in op de wens die veel ouders hebben voor hun kind: snel een goed diploma halen.

Op safe spelen

In het verslag van de inspectie staat ook dat de instroom in het wetenschappelijk onderwijs lijkt af te vlakken. Er stromen minder hbo’ers door naar de universiteit. En vwo-leerlingen hebben in 2013 iets vaker dan andere jaren gekozen voor een hbo-studie. „Het kan zijn dat deze studenten hebben geanticipeerd op de verwachte invoering van het studievoorschot. Ze wilden wellicht op safe spelen door voor een hbo-studie te kiezen.”

Het mbo doet het goed, blijkt verder. Niettemin neemt de kans op een baan voor mbo’ers af; dat heeft vooral met de economische ontwikkelingen te maken. Ook voor hbo’ers zijn de kansen op de arbeidsmarkt verslechterd.

Het valt de inspectie sowieso op dat de verschillen tussen scholen en tussen opleidingen groot zijn. Vooral onder lerarenopleidingen zijn de verschillen groot. Hoe dat komt, wordt onderzocht.

„Variëteit in het onderwijs is goed”, zegt Vogelzang. „Maar we moeten wel nadenken over wanneer we de verschillen acceptabel vinden en wanneer niet meer.”