Een simpele film over het platteland, maar het werkt

In La famille Bélier (zie ook pagina 23) is het leven nog intiem, knus en kleinschalig. Paula is een puber en het enige gezinslid dat kan horen en spreken in een boerenfamilie: haar vader, moeder en broertje zijn doof. Zij is de verbinding met de buitenwereld. Hoe moet dat verder met het gezin als Paula haar zangtalent ontdekt en auditie wil doen voor een zangopleiding in Parijs?

Als het Franse toeristenbureau de elementen van de film had mogen aandragen, was er waarschijnlijk hetzelfde uitgekomen: platteland, koeien, kaas en chansons; dit is het gedroomde Frankrijk van het tweede huisje.

Komedie is een lastig genre dat over de landsgrenzen vaak niet werkt. Bienvenue chez les Ch’tis was vooral grappig voor wie de regionale stereotypen goed kende. La famille Bélier lijkt in dat opzicht betere kaarten te hebben. Het verhaal is simpel en ook manipulatief. Het doof zijn is wel erg opgewekt afgeschilderd: doof zijn is géén handicap, maar een ‘eigen wereld’ met een eigen cultuur, zo heet het in de film met nadruk.

Gewaagder is dat de moeder aan haar dochter opbiecht dat ze eigenlijk gehoopt had op een doof kind, zodat ze elkaar beter zouden begrijpen.

Simpel of niet, het werkt. Zakdoeken mee voor de grote emotionele climax waar de film naartoe werkt.