Stammoeder van de Oranjes strooide graag met snoepgoed

Dit jaar is Maria Louisejaar in Friesland; 250 jaar geleden overleed de populaire Duitse prinses en stammoeder van de huidige Oranjes.

Reiskofferservies Foto Stichting Historische Verzamelingen van het Huis Oranje-Nassau

Ze was een people’s princess avant la lettre. En ze is de rechtstreekse stammoeder van de huidige Oranjes. Maria Louise van Hessen Kassel (1688-1765) redde de Oranjedynastie van de ondergang. Was ze in 1711, na de dood van haar man stadhouder Johan Willem Friso, vanuit Leeuwarden naar haar geboortegrond in het Duitse Kassel teruggekeerd, dan zaten we nu zonder koningshuis. „Tenminste zonder de Oranjes”, zegt conservator Marlies Stoter van het Fries Museum.

Dit jaar is in Friesland uitgeroepen tot Maria Louisejaar: 250 jaar geleden overleed de Duitse prinses. Er zijn diverse exposities, manifestaties en symposia als eerbetoon aan de prinses.

Vrij onbekend is dat de voorouders van koning Willem Alexander bijna twee eeuwen in ‘hofstad’ Leeuwarden hebben geresideerd. Dat zit zo: de Hollandse tak van de Nassaus was met de dood van koning Willem III, stadhouder van Holland, in 1702 uitgestorven. De Friese Nassaus waren er nog wel. De zesde Friese stadhouder, Johan Willem Friso, trouwde in 1709 met de Duitse Maria Louise. De Friezen noemden haar Marijke meu (tante Marijke). Ze was geliefd door haar eenvoud: in de kerk kon het gewone volk haar groeten. Als ze in haar koetsje door Leeuwarden reed, strooide ze snoepgoed naar de kinderen.

Slechts twee jaar duurde het huwelijksgeluk. Op haar 23ste werd Maria Louise weduwe, toen haar man Johan Willem Friso in het Hollands Diep verdronk. Ze was toen zwanger van haar tweede kind.

Ze omringde zich met goede adviseurs en had diplomatiek overleg met de Hollandse regenten.

Mede daardoor werd haar zoon Willem IV in 1747 erfstadhouder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Maria Louise bewoont dan al jaren het stadspaleis in Leeuwarden, nu onderkomen van keramiekmuseum Princessehof. Bezoekers kunnen daar haar authentieke eetkamer met blauwdamasten gordijnen binnengaan. Het grote haardscherm zou nog door haarzelf geborduurd zijn.

In een andere intieme kamer hangen portretten van de Oranje-Nassaus en zijn de tientallen huisregels te lezen die Maria Louise voor haar hofhouding opstelde. Stipt om 12.00 uur ’s middags en om acht uur ’s avonds moest er worden gegeten. Ze had 34 „bedienden en personen”. De personen waren de kamerjonkheer en twee freules die met haar aan tafel mochten. Verspilling ging ze tegen. Elke avond moesten alle kaarseneindjes verzameld worden voor hergebruik.

Twee keer was ze regentes (eerst voor haar zoon Willem IV van Oranje-Nassau en daarna in 1759 voor haar kleinzoon): een unicum in de Nederlandse geschiedenis. Marijke meu stierf op 9 april 1765 in Leeuwarden, op 77-jarige leeftijd. Honderden bedroefde Friezen sloegen de rouwstoet gade. Op de expositie is een stukje van de oranje zijde van de bekleding van haar lijkkist te zien. Ze ligt bij haar man begraven in de Grote Kerk in Leeuwarden.