Is wet voor vaste banen mislukking?

Uitzendkrachten

Doen bedrijven uitzendkrachten de deur uit omdat dat na 1 juli duurder wordt? De Tweede Kamer wil opheldering.

De onbereikbaarheid van vaste banen heeft te maken met de prijs en het risico, zegt uitzendkoepel ABU. FOTO ROBIN VAN LONKHUIJSEN-ANP

Biedt de nieuwe Wet werk en zekerheid wel ‘werkzekerheid’, of juist niet? Over die vraag debatteert de Tweede Kamer morgen, naar aanleiding van de rel over het „lozen” van uitzendkrachten door ING. De bank zet tijdelijke werknemers die bijna recht hebben op een vast contract op straat, berichtte de Volkskrant vorige week op basis van een intern memo van de bank. Hoe zit het met de ‘bijwerkingen’ van de nieuwe ontslagregels?

1 Wat is de bedoeling van de wet?

De Wet werk en zekerheid, voortgekomen uit het sociaal akkoord tussen kabinet, werkgevers en vakbonden uit 2013, moet de doorstroming op de arbeidsmarkt verbeteren en de positie van flexwerkers verbeteren. Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, PvdA) wil ontslag „sneller, goedkoper en eerlijker” maken. De huidige kantonrechtersformule vervalt. Iedereen die langer dan twee jaar bij een bedrijf werkt, ook uitzendkrachten, krijgt recht op een ‘transitievergoeding’: eenderde tot een half maandsalaris per dienstjaar, tot maximaal 75.000 euro of een jaarsalaris. Die regels gaan op 1 juli in. De wet moet ook „doorgeschoten flexibilisering” tegengaan. Tijdelijke werknemers moeten eerder een vaste baan krijgen: na drie contracten in twee jaar, in plaats van in drie jaar. Uitzendkrachten kunnen na anderhalf jaar werken nog zes contracten in vier jaar krijgen.

2 Waarom is de Tweede Kamer boos?

Het beleid van ING om geen uitzendkrachten meer in vaste dienst te nemen omdat dit „arbeidsrechtelijke risico’s” met zich meebrengt, staat haaks op de geest van Asschers wet. Volgens CNV’er Henry Stroek gebeurt hetzelfde bij verschillende uitzendbedrijven en bedrijven in de agrarische sector, de voedingsmiddelenindustrie en zelfs de Belastingdienst. „De uitzendkrachten worden geloosd, vervolgens zie je de vacatures op internet verschijnen en dan worden ze vervangen door nieuwe en vaak goedkopere krachten”, zegt hij. „Wat ik het kwalijke vind, is dat de uitzendbedrijven tot nu toe buiten schot blijven. Zij zouden zich moeten inspannen om uitzendkrachten die moeten vertrekken, ergens anders aan vergelijkbaar werk te helpen.” Rechtsbijstandverzekeraar DAS zegt al langer dat werkgevers het ontslag van vaste werknemers uitstellen, omdat dit na 1 juli goedkoper voor ze wordt.

3 Klopt het dat meer bedrijven de nieuwe wet ontduiken?

Asscher was er voor gewaarschuwd. De Raad van State vroeg zich al af of de wet niet „contraproductief” zou werken en de positie van flexwerkers „slechter” zou worden. De Eerste Kamer was kritisch en het Centraal Planbureau afwachtend. Harde cijfers zijn er alleen niet. ING probeerde zich nog te verweren door te wijzen op een lopende reorganisatie, waarbij 1.075 flexwerkers en 1.700 vaste werknemers hun baan verliezen. Maar niet alle bedrijven die uitzendkrachten de deur wijzen kunnen zich hier achter verschuilen: door de aantrekkende economie ligt het totale aantal uitzenduren juist 11 procent hoger dan vorig jaar, maakte branchevereniging ABU gisteren bekend. Zowel de ABU als collega NBBU bevestigt dat opdrachtgevers hun aantal flexwerkers nog eens kritisch bekijken in aanloop op 1 juli, maar weten niet of uitzendkrachten op grote schaal worden gedumpt. Vakbond FNV zegt buiten de ING-rel geen opvallende signalen te krijgen. Ondubbelzinnige cijfers over het mogelijke uitstel van ontslag van werknemers zijn er ook niet. Uitkeringsinstantie UWV zag het aantal ontslagaanvragen door bedrijven vorig jaar wel spectaculair dalen met 29 procent naar 47.300. Maar dat komt door economisch herstel, zegt het UWV.

4 Kán de wet de flexibilisering van de arbeidsmarkt tegengaan?

De bonden zeggen: het moet wel, want werkgevers hebben het sociaal akkoord getekend. Werkgevers zeggen: wij moeten arbeid goedkoper maken om te kunnen concurreren. Harde cijfers over de flexibilisering zijn er wel. In 2003 bestond minder dan een kwart van de werkenden uit flexwerkers en zzp’ers, nu gaat het om één op de drie, volgens eendeze week verschenen UWV-rapport. Van de werklozen die als uitzendkracht gaan werken, heeft na een jaar pas 1 op de 20 een vast contract. „Deze wet verkleint het verschil tussen flex en vast, maar alleen economische groei kan banen scheppen”, zegt ABU-directeur Jurriën Koops. „De onbereikbaarheid van vaste contracten heeft te maken met de prijs en het risico voor werkgevers. Dat klinkt hard, maar het is de realiteit.”