Wat zocht hij eigenlijk bij Pegida?

Er is geen enkele beweging in Europa die inhoudelijk zo dicht bij Geert Wilders staat als Pegida. Al wil de PVV-leider geen Nederlandse variant van Pegida.

Na de aanslagen op Charlie Hebdo in Parijs was Geert Wilders ervan overtuigd dat de Europese revolutie tegen de islam niet meer te stoppen was. „De geest is uit de fles”, zei hij, de „mensen pikken het niet meer”. De belangrijkste aanwijzing? Die zag hij niet in de massale demonstraties in Parijs en elders voor de vrijheid van meningsuiting. Wilders zag vooral een gouden toekomst van twee anti-islambewegingen: het Front National in Frankrijk en Pegida in Duitsland.

Maar sinds die episode in januari is er iets veranderd. Wilders hoor je niet meer over geest, fles en revolutie. In debatten in de Tweede Kamer en op verkiezingscampagne voor de Provinciale Staten werd hij juist opvallend mat, voor zijn doen. Niet mild: aan de islam was nog steeds niets goed. Maar hij sprak niet meer over ‘oorlog’ tegen de islam, zei niet meer zo hard dat álle moskeeën dicht moesten. Wel beschuldigde hij premier Rutte en PvdA-leider Samsom er alvast van ‘bloed aan de handen’ te hebben, mocht er ooit een een aanslag komen in Nederland. En hij betuigde, met enige regelmaat, via Twitter, zijn instemming met Pegida.

En nu stond hij daar, een thuiswedstrijd in Duitsland.

Front National heeft andere wortels

Al bleef het tot gisteren bij een Twitterrelatie, toch is er geen beweging in Europa die inhoudelijk zo dicht bij Wilders staat als de Dresdener grassrootsbeweging. Er wordt ook elders weleens voor hem geklapt, want Wilders reist vaker door Europa om zijn boodschap te verspreiden. Zo kreeg hij vorig jaar de zaal mee in Lyon bij Marine Le Pen. En begin deze maand werd hij toegejuicht bij het FPÖ in Wenen, nadat hij daar zijn vaste verhaal had verteld: dat Europa ‘gedeïslamiseerd’ moet worden, dat het de islam eigen is terroristen voort te brengen en dat de Koran verboden moet worden.

Maar voor FPÖ en Front National is Wilders met zijn islamobsessie ook een beetje een nieuwlichter, zeker voor de oudere leden. Hun partijen hebben andere wortels: radicaal-rechts nationalisme en antisemitisme, met een voorkeur voor autoritair leiderschap. Wilders is voor hen een sympathieke bekeerling tot het gevecht buiten de mainstream: een van oorsprong liberale middenpoliticus die afdrijft van het centrum. En dat alles voor zijn kruistocht tegen de islam – die voor hen juist weer nieuwer is, en een interessant politiek wingebied.

Maar bijvoorbeeld Marine Le Pen heeft ook een ander belang, dat ertoe leidt dat zij soms ook wel een verzoenend zinnetje spreekt over de islam: zij wil geaccepteerd worden, macht veroveren. Het is niet ondenkbaar dat zij op een gegeven moment afstand zal nemen van Wilders, als vriendschap met hem electoraal voor haar te gevaarlijk wordt.

Terwijl Pegida lekker hardcore is

Met Pegida is dat simpeler: de Duitse vrienden van Wilders zijn hardcore rebellen, net als hij. Pegida is een duizendkoppige Wilders: allemaal boze mensen die graag een stapje verder gaan dan netjes wordt gevonden. Zuivere woede is mooier dan compromissen, het eigen gelijk gaat boven erkenning. Partijen die hopen macht te krijgen, vrezen de uitwassen van Pegida – zie hoe Alternative für Deutschland afstand houdt.

Wilders is juist thuis bij Pegida; hij is wel gewend aan politiek isolement, en uitwassen bij de PVV heeft hij tot nu toe gewoon doorstaan.

Maar tegelijk is er geen partij minder ‘Pegida’ dan de PVV: van alle nationaal-populisten in Europa opereert juist Geert Wilders het minst binnen een beweging die ‘van onderop’ uitdijt als een volksbeweging van ontevreden burgers.

Dat komt door hemzelf: Wilders heeft geen behoefte aan een beweging, hij wil een vehikel dat hem in staat stelt zijn strijd vol te houden. Hij zei het zelf vorig jaar in maart, toen een reeks PVV’ers uit protest uit de partij was gestapt nadat Wilders zijn aanhang „minder minder minder” Marokkanen in Nederland had beloofd. Op de trappen van de Tweede Kamer verklaarde hij toen gejaagd dat hij niet wist of er meer partijgenoten bij hem zouden weglopen. Maar één ding wist hij wel. Of de PVV in de Tweede Kamer nu „met 13, 10 of 5” is: „Geert Wilders zal doorgaan.”

Waarom? „Om ons gezamenlijk project voor onze cultuur, voor onze identiteit en tegen de uitwassen van het multiculturalisme en de islamisering”, zei hij toen.

Voor Wilders maakt het in die zin niet uit of er nu 30.000 of 700 fans in Dresden stonden, of hij lang of kort kon spreken, of hij hierna wordt vervolgd door de Duitse justitie. De Europese revolutie is niet gekomen, maar hij voert een strijd van de lange adem – om ideeën. Nog niet zo lang geleden hoorde je vaak over tegenstellingen tussen ‘autochtoon’ en ‘allochtoon’. Hij spreekt liever over ‘moslim’ versus ‘Nederlands’, beziehungsweise ‘Duits’. Eens kijken hoeveel mensen dat overnemen.