Verdi, een ongekende hitmachine

Redacteur Merlijn Kerkhof laat iedere dinsdag zien wat de schoonheid van klassieke muziek is. Vandaag: operaheld Giuseppe Verdi.

Je hoort eigenlijk zelden nog boegeroep bij klassieke concerten. In Nederland volgt na bijna ieder concert applaus. Ook na een matige uitvoering kun je nog staande ovaties verwachten. Waarom? Respect voor de musici. We passen ons aan. Gewoonte.

Er is eigenlijk nog maar één plek waar je nog lekker ‘boe’ kunt roepen als je een uitvoering drie keer niks vindt. De opera.

Begin deze maand klonk er weer ouderwets boegeroep bij een première. Bij De Nationale Opera in Amsterdam werd Verdi’s Macbeth uitgevoerd. De regie viel niet in de smaak. Ook de pers was vernietigend. Trouw vond het ‘zouteloos’, de Volkskrant noemde de inkleuring van de Duitse regisseur Andrea Breth ‘fantasieloos’: „Het zou eens verboden moeten worden koorzangers in een opera uit te dossen als partizanen, Hezbollahstrijders of separatisten.”

Ik snap best dat zo’n ‘vertaling naar het heden’ niet bij iedereen in de smaak valt. Maar ongeacht hoe het er allemaal uitziet, zeg ik: ga tóch. Het is zeker belangrijk, het decor, de uitdossing van de zangers, of de regie het bloederige verhaal recht doet. Maar uiteindelijk gaat het om de muziek van Giuseppe Verdi (1813-1901). Die is geweldig.

Verdi was een van de belangrijkste operacomponisten van de negentiende eeuw. Een theaterman, geboren in de buurt van Parma, die voortborduurde op de Italiaanse traditie waarin de zangtechniek eindeloos werd opgerekt en verfijnd, maar die ook de Franse stijl van grand opéra met zijn grootschalige scènes en koren absorbeerde.

Eigenlijk geldt voor al zijn muziek dat zij in dienst staat van het drama en vol zit met lyriek. Verdi’s muziek is zo sterk, dat zij de verhalen en teksten volledig overschaduwt. Hoe goed die ook waren – hij was groot liefhebber van Shakespeare (Macbeth!) en, hoewel zelf agnost, bijbelverhalen.

En dan is er nog iets met die Verdi: hij was een ongekende hitmachine. Een dubbel-cd zou voor zijn greatest hits-compilatie niet volstaan, zoveel catchy aria’s, duetten en koorstukken heeft hij geschreven. ‘Va, pensiero’, het ‘slavenkoor’ uit zijn opera Nabucco. De mars uit Aida die nog geregeld door voetbalstadions galmt (en die ik ook de bezetters van het Maagdenhuis kan aanbevelen). Het vrouwonvriendelijke ‘La donna è mobile’ uit Rigoletto ken je misschien uit een pizzareclame, en het drinklied ‘Libiamo ne’ lieti calici’ uit La traviata is waarschijnlijk de bekendste aria ooit.

Maar om echt te beseffen hoe goed Verdi is, moet je ze beluisteren in hun context. Moet je kunnen horen op welke momenten hij die delicate klankweefsels en nietsontziende oorwurmen inzet. Daarom: vergeet die Hezbollahpakjes. Luister.