Goed als rechter bevestigt dat staat nalatig is met CO2-uitstoot

Het klimaat verandert, maar de Nederlandse staat handelt daar niet naar. Prima dat de rechter daarover gaat oordelen, vindt Pieter Pauw.

illustratie ruben l. oppenheimer

Bij de rechtbank in Den Haag dient vandaag de zitting van de zogenoemde Klimaatzaak. Milieuorganisatie Urgenda spant de rechtszaak tegen de staat aan omdat deze de klimaatverandering weliswaar erkent, maar nalatig handelt. Urgenda vordert via de rechter veertig procent minder CO2-uitstoot in 2020 ten opzichte van 1990. Triest dat het zo ver moet komen, maar dit paardenmiddel zou de overheid kunnen dwingen om het klimaat de prioriteit te geven die het verdient.

Toevallig heeft Urgenda vorige week bijval gekregen van de Oslo Principles on Global Climate Change Obligations. Die zijn geschreven door een groep eminente juristen van over de hele wereld. De Oslo Principles stellen dat staten op basis van onder andere burgerlijk aansprakelijkheidsrecht en mensenrechten, juridisch nu al aansprakelijk zijn voor emissies in hun grondgebied.

Urgenda haalt onder andere artikel 21 van de grondwet aan, waarin de overheid de zorg wordt opgedragen voor de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu. Ook is de overheid met 194 andere landen de verplichting aangegaan emissies van broeikasgassen te verminderen en om gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen. In EU-verband heeft Nederland de conclusies van het EU-witboek klimaatadaptatie onderschreven, waarin de gevolgen van klimaatverandering voor Europa beschreven staan. Daarnaast heeft Nederland in EU-verband afgesproken dat emissies in 2030 veertig procent lager zullen zijn dan in 1990.

Maar de overheid is nalatig in de praktijk. De methaanuitstoot door afvalverwerking is geweldig gedaald, maar de CO2-uitstoot neemt nog steeds toe. Waarom handelt de overheid zo nalatig en onrechtmatig? Misschien omdat politici het liefst de weg van de minste weerstand kiezen. Het politieke systeem werkt hier niet mee: er zijn veel partijen die weinig kunnen uitvoeren omdat er te vaak verkiezingen zijn. Het ligt ook aan onze economische structuur: door de olieafhankelijkheid, overheidsschulden en de kwakkelende economie bijt de overheid zich vast in ‘business as usual’. Ook de kiezer heeft schuld, want de partijen die echt werk willen maken van klimaat, groeien nauwelijks. Blijkbaar zijn hypotheekrenteaftrek, immigratie en de AOW-leeftijd belangrijker. Kortom, de korte termijn gaat boven een gezonde welvaart op lange termijn.

In haar verdediging zegt de overheid dat de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen zo gering is, dat een sterke reductie geen effect heeft op mondiale schaal. Dat is een drogreden. Het is de graanhoop van Erasmus, maar dan omgekeerd. Vormen tien graankorrels een graanhoop? Nee. Maar als je er nog eens tien bij legt, en nog eens – wanneer is het een graanhoop? Bijna alle vervuilers kunnen zich achter hun ‘tien graankorrels’ verstoppen. Maar tezamen zorgen ze toch echt voor een enorme graanhoop – of in dit geval een enorme uitstoot van broeikasgassen. In een vergelijkbare rechtszaak van de Amerikaanse staat Massachusetts tegen de Amerikaanse Environmental Protection Agency in 2007 verwierp de rechter deze verdediging dan ook. Uiteindelijk is het belangrijkste verwijt dat de overheid vasthoudt aan een vervuilende, gevaarlijke weg terwijl de risico's bekend zijn. Als de rechter dat toelaat, lijkt het einde van de rechtsstaat zoek.

Als Urgenda de rechtszaak wint, is dit voor Nederland voornamelijk goed nieuws. Ten eerste omdat onderzoek aantoont dat de maatschappelijke baten groter zijn dan de kosten wanneer Nederland investeert in een duurzame energiehuishouding. En ten tweede omdat andere industrielanden soortgelijke rechtszaken kunnen verwachten (in België is er al een begonnen). Dat is goed nieuws voor Nederland, dat zonder dijken nu al voor de helft onder water zou staan.