Chavez en Obama begrepen er weinig van

Eduardo Galeano (1940-2015)

Uruguayaanse auteur Galeano: een prominente intellectuele stem in Latijns-Amerika.

Eduardo Galeano in 2012 Foto EPA

Met de dood van Eduardo Galeano, gisteren op 74-jarige leeftijd, is een van de prominentste linkse intellectuelen van Latijns-Amerika gestorven.

De Uruguayaanse schrijver verwierf die status met Las Venas Abiertas de América (De aderlating van een continent), zijn in 1971 gepubliceerde en dadelijk klassiek geworden aanklacht tegen de vijf eeuwen uitbuiting die zijn continent had moeten ondergaan. Galeano („ik wilde een politiek-economisch werk schrijven, al had ik daar de opleiding niet voor”) koppelde dat aan een warm pleidooi voor het weren van buitenlandse (vooral Amerikaanse) kapitalistische invloed. Het boek combineerde het politieke elan van de Cubaan Castro en de Chileen Allende met het literaire elan van auteurs als García Márquez, juist toen progressief Europa het continent ontdekte.

Na de val van de Muur werd Galeano’s economische analyse bij het oud vuil gezet, wat volgens de schrijver blijk gaf van een pijnlijk eurocentrisme. Hij wijdde zich ook aan de literatuur, met als belangrijkste werk de driedelige Kroniek van het vuur, een fragmentarisch epos over de geschiedenis van Latijns-Amerika. Als literator blonk Galeano, die ook graag over voetbal schreef, vooral uit in de kleine observatie – al zocht hij zijn miniaturen vaak uit op hun politieke relevantie. Zes jaar geleden verscheen Las venas abiertas even op de bestsellerlijsten van amazon.com, nadat de Venezolaanse president Chávez het cadeau had gedaan aan Barack Obama. In een reactie zei Galeano : „Ik denk dat ze er allebei niet veel van zullen begrijpen.”