Vanaf vandaag kun je melk en boter op de Amsterdamse beurs kopen

Foto ANP

Een bijzondere dag op het Damrak. Na jaren keert de agrarische termijnhandel terug op de oudste beurs ter wereld. Euronext lanceert vandaag zuivelderivaten voor boter, magere melk- en weipoeder.

Waar is dat goed voor?

Derivaten zijn termijncontracten en zorgen voor zekerheid. Met de derivaten leggen partijen vast om voor een x-bedrag, op een x-moment, een x-hoeveelheid boter, magere melk-of weipoeder te verhandelen. Op die manier dekken ze zich in tegen prijsschommelingen.

Prettig voor de zuivelbedrijven die de grondstoffen produceren. Prettig voor de bedrijven die boter en het melkpoeder verwerken in bijvoorbeeld ijs.

Schommelt de prijs zo hard dan?

Ja, vooral de afgelopen jaren. Per 1 april is bovendien het Europese melkquotum afgeschaft en daardoor worden de zuivelprijzen nóg onvoorspelbaarder. “Die prijsschommelingen gaan nooit meer weg”, voorspelt woordvoerder René van Buitenen van de Nederlandse Zuivelorganisatie.

Kun je de boter ook echt krijgen?

Dat is wel het idee. Daarom spreek je bijvoorbeeld af dat de boter bij levering in dozen van 25 kilogram zit.

In de praktijk zal het nauwelijks voorkomen en gebruiken de betrokken partijen de contracten gewoon als zekerheid. “Al denk ik dat iemand wel een keer gaat proberen om de boter of melkpoeder bezorgd te krijgen om te zien of het systeem betrouwbaar is”, zegt Nicholas Kennedy die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van grondstofderivaten bij Euronext.

Dat de onderliggende producten wel geleverd kunnen worden, zorgt volgens Euronext voor het hoofddoel: het creëren van een referentieprijs voor de drie zuivelproducten zodat je net als bijvoorbeeld bij goud kan zeggen wat melkpoeder kost.

Dat is trouwens ook het grote verschil met de concurrerende Duitse zuivelderivaten van derivatenbeurs Eurex. Die zijn niet gekoppeld aan daadwerkelijke levering van producten en dat maakt de prijs volgens kenners minder betrouwbaar.

Waarom in Amsterdam?

Imagotechnisch is de lancering van de oer-Hollandse derivaten een slimme zet. Voor de recente beursgangen van NN, Refresco en Bols kreeg het Damrak wat weg van een vreemdelingenlegioen waar zelfs een Angolees bouwbedrijf een notering zocht.

Toch zegt Kennedy dat de introductie van de zuivelderivaten niet als een imago-instrument moet worden gezien. Amsterdam is een logische plek omdat de zuivelhandel typisch Noord-Europees is en via de havens van Hamburg, Antwerpen en Rotterdam loopt. Net zoals het logisch is dat de graanderivaten in Parijs verhandeld worden omdat de fysieke graanmarkt in Frankrijk is.

Is hier wel vraag naar?

De Amsterdamse beurs kent een lange geschiedenis met agrarische derivaten. Te beginnen met tulpen in de 16de eeuw. Maar met het sluiten van de aardappeltermijnmarkt in 2006 verdween de laatste agrarische handel. Daarvoor was ook de termijnhandel voor varkens, biggen en eieren gesloten. Allemaal vanwege gebrek aan vraag.


Is die er nu wel? Euronext Parijs bood een aantal jaar geleden derivaten voor mager melkpoeder aan maar dat mislukte. “We waren te vroeg”, zegt Kennedy. De marktprijzen schommelden toen nauwelijks. Komt bij dat om de melkprijs goed weer te geven je ook de elementen proteïne, lactose en vet mee moet nemen, vandaar dat de mix van drie nodig is. Van Buitenen:

“Bij de ontwikkeling is het zuivelbedrijfsleven betrokken geweest dus je mag veronderstellen dat er een behoefte is.”