Twentse creativiteit vereist in crisistijd

FC Twente keert terug naar de realistische omvang van een provincieclub. Dat hoeft niet fataal te zijn, leert de recente geschiedenis van clubs in crisis.

Illustratie Aniek Thijmes

Met een bekeken lob passeerde Wesley Verhoek gistermiddag Twentedoelman Nick Marsman. Go Ahead Eagles in de zonnige Adelaarshorst op voorsprong tegen het aangeslagen elftal van de schuldenclub in crisistijd – het kon er nog wel bij. Vanaf februari tot gistermiddag behaalde de Enschedese club zes punten, precies evenveel als er intussen zijn afgenomen door de KNVB als gevolg van wanbeleid.

Tja, Verhoek. Ook nog zo’n jongen die in 2012 een contract van 4,5 jaar tekende bij Twente toen alles nog kon in Enschede. Na een half jaar waren ze alweer uitgekeken op de aanvaller. Staat hij nu nog op de loonlijst eigenlijk? Zwarte humor van de persvoorlichter: „Er zijn spelers in de eredivisie die niet bij ons onder contract staan.”

Verhoek werd geruild voor Jerson Cabral van Feyenoord, die dit seizoen bij Willem II zijn wedstrijden speelt op huurbasis maar door Twente nog steeds fors betaald wordt – tot en met 1 juli 2016.

Tekenend voor de Twentse obesitas. Allemaal „dood geld”, zei financieel directeur Gerald van den Belt, dat zomaar wegloopt uit de clubkas. In zijn streven om de bedrijfsvoering te normaliseren is de dreiging van faillissement niet heel ver weg. Maar FC Twente laat, zoals het aforisme luidt, een goede crisis niet onbenut voorbijgaan.

Flirten met de ondergang

Inspiratie genoeg in recente jaren. Natuurlijk de toen regerend landskampioen AZ, dat na het faillissement van eigenaar Dirk Scheringa in 2009 voor een ontstellende bezuinigingsoperatie stond. Kampioen to be PSV, dat in 2011 nog flirtte met de ondergang en een schuld van 50 miljoen moest wegwerken. En natuurlijk Feyenoord, dat het hoofd boven water hield door de Vrienden van Feyenoord, en dankzij een talentvolle generatie beloond werd voor zuinig beleid met oog voor de toekomst.

Van den Belt noemde vrijdag in een persconferentie deze voorbeelden „interessant”. Maar de acute nood werd in Eindhoven gelenigd door een omstreden gronddeal, onderwerp van een onderzoek naar staatsteun door de Europese Commissie, waarbij de gemeente à 48 miljoen euro de grond onder het stadion en trainingscomplex kocht. De Enschedese wethouder Eelco Eerenberg heeft gezegd dat hij iets soortgelijks voor Twente „niet van deze tijd” acht, maar de gemeente denkt wel mee met de FC. Hoe moet nog blijken.

Het AZ-scenario dan maar? De parallellen zijn saillant: van challengers uit de provincie tot aan de ingrepen in de vrouwenvoetbaltak aan toe. AZ stopte daar mee, FC Twente plaatst de vrouwentak in een stichting waar het nog (maar) een ton per jaar in zal investeren.

Sinds het faillissement van Scheringa plaatste de Alkmaarse club zich elk jaar voor Europees voetbal. De opbrengst uit spelersverkoop werd voor eenderde geherinvesteerd in de selectie, waardoor die met passen en meten redelijk op peil bleef. Voor de rest ging de stofkam door de organisatie. „Het klinkt gek, maar ik gun iedere club een curator”, zei toenmalig AZ-directeur Toon Gerbrands eens.

Zonder scouts op talentjacht

Na het vertrek van de als cijfergoochelaar ontmaskerde voorzitter Joop Munsterman is ook de stofkam door FC Twente gegaan, zij het zonder curator. Achttien werknemers worden ontslagen, waaronder die bij de scoutingafdeling. Profscouting „hoorde bij de topclub, de internationale club FC Twente”, zei Van den Belt in zijn toelichting. Die club is Twente dus niet meer. Hoe het opdoeken van de profscouting zich verhoudt tot het voornemen om weer ruwe diamanten naar Enschede te halen, spelers die de opmars van Twente vorig decennium kenmerkten, is nog de vraag. Duidelijk is dat het destijds ook lukte zonder significante scoutingtak. Van de aan te stellen technisch directeur zal creativiteit in crisistijd worden geëist.

Twente boog gisteren de achterstand om tegen de Eagles (3-1), met een formidabel optreden van de 19-jarige Peruaan Renato Tapia. Zoals ook de invalbeurten van Felipe Gutiérrez deze week werkten als balsem voor de gekwetste Twentse ziel. Trainer Alfred Schreuder heeft nog geen idee wie er deze zomer allemaal vertrekken, al dan niet met zachte dwang. Eén troost: volgens Van den Belt hoeven er maar twee dure jongens weg. Dat valt dan weer mee.