The Prodigy bouwt woest feest met rauwe dance-rock

Dat het concert van de Britse band The Prodigy een woest feest zou worden, was tevoren al duidelijk. Het publiek op vrijdagavond in de uitverkochte HMH was uitgelaten en vol verwachting om de peetvaders van de beuk-dance, die sinds 2010 niet in Nederland optraden, live te zien. Vlak voor het licht uitging tipte men elkaar: ‘veters vast’. Het duwdansen begon metteen met de ratelende beats van Breathe, een van de grootste hits.

In de muziek van The Prodigy versmelt dance met rock. De combinatie van hiphopbeats, hardrockriffs en snerpende synthesizers, door muzikaal brein Liam Howlett begin jaren negentig ontwikkeld, leverde hits op als Poison, Firestarter en Breathe. Live was The Prodigy destijds een opwindende act: met Howlett in zijn synthesizer-cockpit, aangevuld door een voltallige band, en de hooligan-kreten van ‘mc’ Keith Flint.

Op de pas verschenen, zesde cd The Day Is My Enemy, zijn de ingrediënten ongeveer hetzelfde. Al ligt overdrijving op de loer: Howlett wil steeds schriller en ruiger klinken. Het publiek vrijdag reageerde onwennig op nieuwe nummers als Nasty en Rok-Weiler, maar begroette de klassiekers met wolvengehuil.

Het podium was moeilijk te onderscheiden door tegenlicht en drukke kleurpatronen. Tussen de rookwolken door renden de muzikanten en de nog altijd rauw schreeuwende Keith Flint. Het geluid was penetrant maar verrassend veelkleurig, dankzij de rock van de gitaristen, en de loeiende sirenes van Howletts synthesizers - alsof er twee groepen tegelijk bezig waren.