Strandmuziek van oude Beach Boy

Brian Wilson in maart bij de première van de gedramatiseerde documentaire Love & Mercy over de tijd vanPet Sounds enGood Vibrations, de muziek die hem tot popgenie maakte. Love & Mercy komt in juni uit. foto Michael Buckner/Getty Images

Wie Brian Wilson anno 2015 een genie wil noemen, moet met de mantel der liefde bedekken dat de belangrijkste man van de Beach Boys al lang geen briljante plaat meer heeft gemaakt. Na het meesterwerk Pet Sounds (1966) sleepte de band zich door de jaren met albums waarop Wilson een ondergeschikte rol speelde. Met Mike Love aan het hoofd en zonder hun reisschuwe leider hielden de Beach Boys zich decennialang op in het lucratieve oldies-circuit. De verloren gewaande Smile-sessies, die in 2011 eindelijk officieel het licht zagen, lieten 44 jaar na dato horen hoe briljant Wilson de Beach Boys kon laten klinken.

Een nieuw soloalbum van Brian Wilson (72) brengt geen grote ommekeer. De woordspelige titel verwijst naar het feit dat No Pier Pressure eerst bedoeld was als opvolger op het laatste Beach Boys-album That’s Why God Made The Radio (2012). Door het zoveelste zakelijke geschil met neef Mike Love werd het een soloplaat van de opnieuw van zijn eigen band vervreemde Wilson. Onder die treurige omstandigheden heeft producer Joe Thomas er alles aan gedaan om zonder Wilsons peers (familie) toch een zo authentiek mogelijke Beach Boys-sound rond de vocaal wat strammer geworden Wilson op te trekken.

In de zorgvuldig vormgegeven liedjes wemelt het van clichés over zwoele zomernachten, zonsondergangen boven de oceaan en wrakhout op het strand. Het hoornintro van One Kind Of Love is een nauwgezette pastiche van God Only Knows en Sail Away bevat zoveel verwijzingen naar oude nummers dat het bijna een persiflage is. De krampachtige dansbeat in Runaway Dancer is misplaatst en gastvocalisten Sebu, Kacey Musgraves en Peter Hollens klinken als verdwaald bij het verkeerde plaatproject. Alleen zangduo She & Him in On The Island voegt werkelijk iets toe aan muziek die voor één keer de dromerige sfeer oproept van Brian Wilsons beste strandmuziek.

Hoewel het album vol staat met verdienstelijke meerstemmige zang, heeft Brian Wilson het moeilijk met de afwezigheid van zijn overleden broers Carl en Dennis Wilson. „GOSH I wish you could have sung on this record with me”, schrijft hij op de cd-hoes. De hereniging met Beach Boy Al Jardine in twee liedjes levert de enige briljante momenten op van No Pier Pressure. Juist in hun understatement brengen Whatever Happened en Tell Me Why een echo van alles wat de groep op hun best zo subtiel en gelaagd maakte. Door hun bitterzoete weemoed springen ze eruit op een album dat te nadrukkelijk probeert een naïef en contemporain popgevoel op te roepen.

De Beach Boys die blijmoedig met hun surfplank naar het zonovergoten strand lopen bestaan niet meer. Brian Wilson klinkt veel oprechter als hij mijmert over voorbije tijden, met muziek die door een flets zonnetje wordt beschenen.