Het was te lekker weer voor Lars Boom

Weer won Lars Boom niet op zijn favoriete koers. Hij werd verslagen door de Duitser John Degenkolb, de eerste renner sinds 1986 die in één jaar zowel Milaan-Sanremo als Parijs-Roubaix wint.

Lars Boom (in het blauw) eindigde als vierde tijdens Parijs-Roubaix. Foto Michel Spingler/AP Photo

De wind waait hard over de dorre, woestijnachtige akkers in het noorden van Frankrijk. Stof stuift op als aan het begin van de middag een paar auto’s over de beruchte kasseienstrook bij het dorpje Gruson rijden, Carrefour de l’Arbre. Het hobbelige polderweggetje is met vijf sterren ingedeeld in de zwaarste categorie kasseienstroken. In de kant van de weg wordt wijn en bier gedronken, salade niçoise gegeten en er trekt barbecuerook over de tarwevelden. Wielergeluk in de Franse lentezon.

Parijs-Roubaix is in volle gang. Hier in Gruson – 15 kilometer ten zuiden van de finishplaats – is het aan het begin van de middag nog een paar uur wachten voor de renners voorbijtrekken. Op een grasveldje aan het einde van de 2.100 meter lange kasseienstrook volgen de toeschouwers op een groot scherm de wielerwedstrijd – volle koelboxen in de aanslag.

Lopen over de ruwe stenen bij Carrefour de l’Arbre is al een kwelling. Laat staan fietsen. Als je ergens laat in de race kapot gaat – na 253 kilometer koers, waaronder 52 kilometer kasseien – is het hier. Overal zitten scherpe punten, butsen en groeven. Diepe kuilen in de randen van het krappe paadje, door het jaar heen het terrein voor zware landbouwtrekkers, maken het extra zwaar. Hoor het gerammel van het frame en de derailleur als de junioren stoempend Roubaix proberen te halen.

De koers was niet hels genoeg

Hier is vaak de beslissende demarrage, zo kort voor Roubaix. ‘De zone van de waarheid’, zo staat de kasseienstrook bekend. Als iemand dat weet is het Lars Boom (29), geboren voor de overlevingsklassieker Parijs-Roubaix. Vorig jaar was de strook opgenomen in de vijfde etappe van de Tour de France. Boom soleerde in een slagveld naar een heroïsche etappezege. Hij had die julidag precies de weersomstandigheden waarin hij excelleert: veel regen. Dan kan Boom – die ook veldrijder is – zijn crosstalent op de modderige, slibberige weggetjes goed gebruiken.

Hij hoopt al jarenlang op nat weer bij Parijs-Roubaix. Maar dat komt maar niet. Ook gisteren had hij pech met het weer. De koers was eigenlijk niet hels genoeg voor hem, veel te zonnig. En te veel tegenwind. Zandkorrels zitten vastgekoekt op zijn gezicht, zweetdruppels stromen erover. Een blonde bos krullen komt onder het petje vandaan, terwijl hij een Heineken-biertje uit een blikje drinkt. In het wielerstadion van Roubaix is hij net in de sprint verslagen door de Duitser John Degenkolb. Degenkolb is de eerste renner sinds Sean Kelly (in 1986) die in één jaar zowel Milaan-Sanremo als Parijs-Roubaix wint. Vierde is Boom na een pokerfinale, zijn beste prestatie in de Hel van het Noorden.

In de chaos op het middenterrein vindt hij zijn vriendin Niké en hun dochtertje. Het hele seizoen staat in het teken van deze koers, zijn trainingschema was er speciaal op afgestemd. Tijdens een trainingskamp in het Spaanse Calp in december was Boom vastberaden, zegt Lieuwe Westra, teamgenoot bij het Kazachstaanse Astana. „Dit was de koers van Lars. Hij wilde hier winnen.”

Boom reed sterk, hij zat veel voorin. Op dertien kilometer voor de finish plaatste hij een kleine aanval, zonder succes. „Het was lastig door de wind. Je kan wel aanvallen, maar je gaat nergens naartoe”, zegt hij. Boom perste er nog een sprintje uit – maar tegen spurtspecialist Degenkolb kon hij niet op. Weer geen winst in zijn favoriete koers. Komt hij nog een keer terug om te winnen? „Jazeker.” Voor hem is het hopen op een natte aprildag in Noord-Frankrijk.

Boom verkeert momenteel in een onzekere periode bij zijn ploeg. Mogelijk wordt Astana binnenkort geweerd uit het profpeloton. De internationale wielerunie UCI wil de licentie van de ploeg terugtrekken. Astana, waarvoor ook Tourwinnaar Vincenzo Nibali rijdt, kwam vorig jaar meerdere keren in opspraak wegens doping. Eerder deze maand zijn er door de licentiecommissie van de UCI hoorzittingen gehouden, de uitspraak wordt eind volgende week verwacht. Voorlopig kan de dure Kazachstaanse ploeg (budget van zo’n 15 miljoen euro) blijven koersen.

„Mwoah, ik zit er niet zo over in”, zegt Lieuwe Westra. De tweede Nederlander bij Astana is niet bang dat hij straks opeens niet meer kan rijden vanwege de licentieproblemen. „Wij mogen er ook niet over praten. Ik heb er wel vertrouwen in.” Hij heeft er niet over gesproken met Aleksandr Vinokoerov, de algemeen manager van de ploeg. Westra rijdt sinds vorig jaar voor Astana maar is nog nooit in Kazachstan geweest, hij woont in Monaco. „Ik vlieg nu naar Nice en dan ga ik naar huis.”

Dat doet hij met een kapotte linkerknie. Westra kwam na 150 kilometer twee keer hard ten val en moest opgeven. „Ik kan wel janken”, zegt hij, waarna hij vloekt. De 32-jarige Fries laat het verband om zijn linkerknie zien. „Die ligt finaal open.” Hij kon vanuit de lichtblauwe Astana-bus de finale kijken. „Dit is niet mijn koers. Hier moet ik niet wezen.” Parijs-Roubaix: je houdt ervan, of je haat het.