AutoRAI is er niet voor de nieuwste auto’s, je kunt wel de oudere aaien

Dit jaar is de eerste AutoRAI in vier jaar. En, staat er veel nieuws? Nou nee.

Opbouw van de AutoRai, die vrijdag begint en voor het eerst in vier jaar weer wordt gehouden. Foto Jerry Lampen / ANP

Bijna alle merken, van Audi tot Rolls-Royce, zijn present. Alleen de Chrysler-Fiat-groep (Fiat, Jeep, Chrysler, Alfa Romeo) achtte aanwezigheid niet opportuun in de ”transitiefase” van het concern – over dat woord is vergaderd. De Amsterdamse RAI staat ouderwets vol en er is een uitgebreid randprogramma met klassieke auto’s, testritten in AutoRAI Buitenpark en een ‘racehal voor snelheidsduivels’. De beurs begint vrijdag en duurt tot en met zondag 26 april.

Er is dus weer licht voor het tweejaarlijkse evenement, gehouden sinds 1899. De branche kan wel een opsteker gebruiken. Het aantal verkochte auto’s in Nederland steeg in het eerste kwartaal met 2,9 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van 2014, de toestand van de automarkt blijft deplorabel – lege bedrijfspanden op voormalige autoboulevards getuigen ervan. In 2011 werden nog 555.000 auto’s verkocht, vorig jaar 387.552.

Laurens van den Acker, ontwerpchef van Renault, zei het op de RAI van 2011 zo: „Mensen komen naar een autoshow om te dromen.” Alleen: wie zit op droomauto’s te wachten? De Porsche-rijder bleek resistent tegen de crisis, maar niet mensen die voor een Toyota Aygo van tien mille een financiering moeten afsluiten. Vier van de vijf auto’s die in Nederland het meest zijn verkocht, zijn kleintjes, al voert de iets grotere Golf de ranglijst aan. En steeds meer mensen kopen een tweedehandsauto. Die kunnen op de AutoRAI alleen maar dromen.

Grote buitenlandse beurzen

Maar een autobeurs van stand moet ook nieuws bieden, en daarvoor ben je op de AutoRAI aan het verkeerde adres. Er staat geen nieuwe Opel Astra, geen nieuwe Renault Clio, geen nieuwe Volvo V70. Die zijn er ook niet, maar de industrie zou ze sowieso voor geen geld ter wereld op de RAI introduceren. Daar zijn de grote buitenlandse autobeurzen als die van Frankfurt, Genève, Parijs, Tokio en Detroit voor. Daar word je gezien op markten die tellen. De AutoRAI is geen factor.

Primeurs moest je op de AutoRAI van 2011 al met een lantaarntje zoeken. En ook toen ging het niet om wereldnieuws maar fiscaalvriendelijk sprokkelwerk als een speciaal voor de Nederlandse markt afgeknepen Ford Focus diesel met 14 procent bijtelling. Dat is nu niet veel anders.

De enige echte klapper is de nieuwe VW Transporter T6, geen droomauto maar een bedrijfsbus. Wereldprimeur is een groot woord voor een gepimpte Opel Adam of een Peugeot 308 met de langverwachte fiscaalvriendelijke dieselmotor. De importeur slaakt een zucht van verlichting, maar het is gewoon de auto die hier al een jaar te koop is.

Veel nieuwkomers kennen we al van andere shows. Het enige voordeel van een beurs als de AutoRAI is dat we ze in het echt kunnen zien en de stoelen uitproberen, aan de knoppen kunnen draaien en heel soms, een piepklein stukje rijden. Voor wie dat leuk vindt is de RAI een feest. En er is gelukkig wel het een en andere te bewonderen: de nieuwe Bentley GT, de BMW X6 M, Aston Martins, de Lamborghini Aventador en de Ford Focus RS.