Akari wil geisha worden

Zelfs binnen Japan zijn geisha’s omgeven door mysterie. Het beroep wint weer aan populariteit bij jonge vrouwen, wier ouders vaak schrikken van hun keuze. Akari liet zich niet weerhouden.

Tekst en fotografie Kjeld Duits

Een jaar geleden was ze nog een doodgewone Japanse scholiere die selfies maakte voor het sprookjeskasteel van Tokyo Disneyland. Maar vandaag draagt Akari een kunstig gevormd kapsel vol accessoires en wordt ze aangekleed in een peperdure zijden kimono.

Na tien maanden training wordt Akari een maiko, een geisha in opleiding. In een spaarzaam ingerichte kamer in haar geishahuis zit ze op de met traditionele rijstmatten belegde vloer. Een oshiroya-san, letterlijk een ‘witmaker’, is zorgvuldig Akari’s gezicht aan het opmaken. Hij begint met een witte laag.

„Het is moeilijk het wit voor een maiko goed te krijgen”, zegt Keichi Wada, de oshiroya-san. „Het is totaal anders dan schmink voor het theater. Je moet heel nauwkeurig te werk gaan want de klant zit zo dichtbij.” Om ervoor te zorgen dat het witte gezicht er niet plat uitziet, brengt hij met een zacht roze kleur diepte en vorm aan. Hij mengt de kleur op de rug van zijn linkerhand.

Akari’s moeder zit bewonderend toe te kijken hoe haar dochter wordt omgetoverd. „Ik heb al een week niet geslapen”, zegt ze. „Heeft ze alles wel geleerd, vroeg ik me steeds af.” Aanvankelijk was ze er tegen toen Akari haar vertelde dat ze geisha wilde worden. „Het is een wereld die ik totaal niet ken, een verborgen wereld.” Ze had een vertekend beeld. „Ik hoorde over mizuage”, zegt ze, ontmaagding door een klant die daar geld voor betaalt.

„Dat komt niet voor, dat komt niet voor”, zegt de onthutste geisha Fumimari, die ook in de kamer zit. Ze zwaait met haar rechterhand voor haar gezicht om haar woorden kracht bij te zetten. Zelfs in Japan zijn er nog veel mensen die denken dat geisha’s veredelde prostituees zijn.

Akari’s moeder weet inmiddels beter, maar de mythe is moeilijk uit te roeien. „In het moderne Japan hebben geiko en maiko twee functies”, zegt Kumiko Nishio, een hoogleraar aan Kyoto Women’s University, die veel onderzoek verricht naar de rol van geisha in de Japanse samenleving. Geiko is de naam die in Kyoto wordt gebruikt voor geisha. „Ze zijn een symbool van de Japanse cultuur. En ze zijn een soort gastvrouw gedurende officiële diners en geishafeestjes.”

„Terwijl de klanten eten, serveren geiko en maiko drank en praten ze met hen”, legt Yoshimi Kosaka uit. Ze is een voormalige maiko, nu in training om Yoshifumi, het geishahuis waar Akari werkt, over te nemen. „Ze voeren ook traditionele dansen uit, spelen de shamisen (traditioneel Japans snaarinstrument), zingen met de klanten en spelen speciale spelletjes.” Eeuwenlang zijn deze van generatie op generatie geisha en maiko overgedragen.

De traditionele cultuur en de gesloten wereld van de geisha schrikt veel Japanners aanvankelijk af. „Ik dacht dat ik me niet zou vermaken, dat het een moeilijke wereld was om binnen te komen”, zegt Kenji Yamada die in de juridische sector werkt. „Maar in de loop van de jaren besefte ik dat het heel ontspannen en leuk is.”

Hij bezoekt Yoshifumi om twee redenen, legt hij uit. „Allereerst om mijn zakenrelaties beter te leren kennen door samen te dineren en tijd door te brengen. Maar later als we vrienden zijn geworden, ook om elkaar gewoon te ontmoeten.”

Hoewel geisha het imago hebben louter mannen te bedienen, zijn er ook veel vrouwelijke gasten, en zelfs koppels. „Voor vrouwen zijn er veel dingen om te leren hier”, zegt Sakurako Naito, een zakenvrouw uit Tokio die al jaren een trouwe gast is van geishahuis Yoshifumi. „Je ervaart hier ongelooflijk verfijnde en artistieke uitvoeringen door zichzelf respecterende knappe vrouwen”, legt ze uit. „En dat is geen vleierij.”

Terwijl de oshiroya-san Akari opmaakt, komt herhaaldelijk bezoek de kamer binnen om haar geluk te wensen. Voornamelijk andere maiko uit dezelfde geishawijk. Elke keer buigt de op haar knieën zittende Akari diep, met haar handen bijna plat op de vloer voor zich. „Okini, oneesan”, zegt ze steeds respectvol, Kyoto-dialect voor „dank je, zuster”. Alle maiko en geisha noemen elkaar zuster, de eigenaressen van de geishahuizen worden aangesproken met moeder, ‘okaasan’.

Akari’s moeder kijkt er met een trotse lach naar. „Ze is geboren en getogen in Tokio, en nu praat ze het dialect van Kyoto”, zegt ze half verbaasd. Het melodieuze dialect is een belangrijk deel van het imago. Tijdens de leerperiode worden de meisjes, die uit heel Japan komen, er streng op aangesproken als ze het fout uitspreken.

Al het bezoek wordt onmiddellijk de kamer uitgeloodst naar de kamer ernaast waar een lage tafel vol staat met feestelijke gerechten. Terwijl de maiko hier zachtjes met elkaar praten en hapjes eten, ontvangen ze allemaal een enveloppe met wat geld. Die verdwijnen snel en discreet in de lange mouwen van hun mooie kimono’s.

Na een uur is de oshiroya-san klaar, en gaat Akari naar een andere kamer waar ze door drie mensen in de verschillende lagen van haar kimono geholpen wordt.

Vergeleken met het opmaken, gaat het aankleden razendsnel. In een kwartier is Akari klaar. Nu begint het belangrijkste onderdeel van de dag. De geisha Fumimari, die eerder zo onthutst reageerde, wordt de officiële oneesan, letterlijk ‘oudere zus’, van Akari. Zij zal haar begeleiden totdat zij over een jaar of vijf een geisha wordt.

Het paren van een nieuweling met een ervaren iemand is geen zeldzaam verschijnsel in Japan. Je ziet het op school, op werk, in verenigingen en clubs. Maar vooral in de wereld van geisha wordt het serieus genomen. Fumimari neemt een grote verantwoordelijkheid op haar schouders. Ze zal er op aan worden gekeken als Akari grote fouten maakt.

Zo officieel is de band tussen de twee dat ze zelfs gepaard worden in een traditionele huwelijksceremonie. In de kamer waar de geisha en maiko hun klanten vermaken staan twee kleine tafeltjes vol gerechten met een symbolische betekenis. Een in zout gebakken zeebrasem vertegenwoordigt felicitaties. Kleefrijst met rode sojabonen symboliseert geluk.

Akari en Fumimari nemen tegenover elkaar plaats. De ceremonie is kort en eenvoudig. Er wordt nauwelijks gepraat. Een bejaarde geisha biedt twee keer een klein schaaltje met rijstwijn aan dat ze langzaam opdrinken. Dan is het alweer afgelopen. Het voedsel wordt niet aangeraakt. Maar de twee zijn nu onverbrekelijk met elkaar verbonden.

Wanneer Akari’s moeder haar na de ceremonie voor het eerst in de prachtige kimono ziet, barst ze uit in tranen. „O, je bent zo mooi.”

Na het ‘huwelijk’ komt het openbare gedeelte van de dag. Fumimari en Akari gaan op ronde langs alle geisha- en theehuizen in hun wijk. Akari gaat zichzelf voorstellen met haar nieuwe maiko-naam, Fumiyoshi. De naam Akari gebruikt ze na vandaag niet meer. Haar nieuwe naam is gedeeltelijk gebaseerd op de naam van haar oneesan, Fumimari, wier naam weer gedeeltelijk gebaseerd is op die van haar oneesan. Zo blijft de kern van een naam in gebruik.

Zodra ze de houten buitendeur openschuiven begint een honderdtal camera’s verwoed te klikken. De misedashi, het debuut, van een nieuwe maiko is bijzonder en een enorme groep geisha-fans heeft zich verzameld voor Yoshifumi. Ze omringen Akari alsof ze een filmster is en volgen de twee als ze van geishahuis naar geishahuis lopen. Akari is er door overweldigd. „Ik weet niet wat te zeggen”, fluistert ze doodverlegen. Als ze uren later terugkomt in haar kamer heeft ze tijd nodig om weer bij te komen. „Dat was een gekke ervaring”, zegt ze zacht.

Toch is deze dag de verwerkelijking van een droom voor haar. „Ik raakte voor het eerst geïnteresseerd toen ik Kyoto bezocht met mijn ouders”, legt ze uit. De voormalige Japanse hoofdstad heeft vijf speciale geishawijken en is de enige stad in Japan waar maiko en geisha nog een grote rol spelen. „Ik bezocht Kyoto nog een keer tijdens een schoolreisje en had toen de kans een geiko te ontmoeten”, zegt ze. „Haar gratie, de manier waarop ze zich gedroeg. Ik voelde me er toe aangetrokken. Ik wilde worden zoals zij.”

Het lijkt een onwaarschijnlijke keuze voor een modern meisje, maar Akari is niet de enige die haar toekomst zoekt in deze opleiding uit het verleden. „Veertig jaar geleden waren er nog maar twintig maiko over in Kyoto”, zegt hoogleraar Kumiko Nishio. „Maar de afgelopen tien jaar zijn er veel bijgekomen. Nu zijn er zestig tot tachtig.” De herlevende populariteit is te danken aan het toenemende toerisme, en aan een nieuw imago. „Op de televisie, in films, en zelfs in manga en romans manifesteren geiko en maiko zich als werkende vrouwen”, legt ze uit. „Je zou kunnen zeggen dat ze een soort idolen zijn.” Vrouwen beheersen deze wereld van de geisha, mannen spelen enkel een rol als klant of leverancier. „Het is een makkelijke werkplek voor vrouwen”, zegt Nishio, „een plek voor vrouwelijke ondernemers”.

Het is een wereld waar je zeer moeilijk binnenkomt. Er zijn weinig beschikbare plekken en de opleiding is zwaar. Tien maanden lang moet een meisje dat maiko wil worden in de leer bij een geishahuis. Ze is tegelijkertijd hulp en leerling, met lessen voor zang, dans, en een hele reeks traditionele instrumenten. Het overvolle schema biedt weinig vrije tijd en slaap. Tijd voor jongens en vriendinnen is er niet.

„Vijftig procent van de meisjes houdt er mee op voordat ze maiko worden”, legt Akari’s okaasan uit. De laatste keer dat haar geishahuis een maiko had, is alweer zes jaar geleden. Het opleiden van de meisjes is een grote investering, dus ze moet voelen dat een meisje het aankan en een belofte in zich draagt. Toch gaat het vaak fout. „Soms vraag ik me af of ik te streng ben”, zegt ze beduusd. Maar al snel lacht ze over wat ze net heeft gezegd.

Dit is immers geen tijd voor twijfel. Haar nieuwe maiko Fumiyoshi is vol belofte en heeft reeds een onwaarschijnlijke metamorfose ondergaan. „Mijn manier van denken is aan het veranderen”, zegt Fumiyoshi. „Ik besteed meer aandacht aan de behoeften van anderen. Ben attent aan het worden. Mijn leven is compleet veranderd.”

De grootste veranderingen voor Fumiyoshi komen nog. „Als je eenmaal maiko bent, kom je op een podium te staan”, zegt voormalige maiko Yoshimi. „Je ontmoet allerlei verschillende mensen en je maakt dingen mee die studenten niet kunnen ervaren. Toen ik maiko was, werd mijn wereld enorm verruimd.”