Samsoms noodkreet is nogal overdreven

Wijkverpleegkundigen zijn veel te veel tijd kwijt aan papierwerk, zei PvdA-leider Samson deze week na een stage in Spijkenisse. Veel verpleegkundigen zien dat anders: Samsom wil te makkelijk een punt maken.

Foto Maarten Brante / ANP

Een half jaar liep PvdA-leider Diederik Samsom stage bij een wijkverpleegkundige in Spijkenisse, en hij schrok. Hij zag wijkverpleegkundigen rondrennen met „enorme checklists”, die ze moeten aanleveren bij de zorgverzekeraars. Hij zag dat goede wijkverpleegkundigen niet aan verplegen toekomen, omdat ze alleen maar bezig zijn met administratie.

Klopt het schrikbeeld dat Samsom deze week schetste? We benaderden 36 wijkverpleegkundigen met een simpele vraag: wat vinden jullie van Samsoms noodkreet?

De reacties geven een zeer gemengd beeld: wijkverpleegkundigen zijn blij met de aandacht, maar herkennen zich lang niet allemaal in zijn kritiek. Hij gaat makkelijk voorbij aan verschillen tussen organisaties. De Rotterdamse wijkverpleegkundige Bart Campfens van Humanitas: „Samsom wil te makkelijk een punt maken.”

Problemen zijn er lang niet overal

Het vak van de wijkverpleegkundigen is sinds dit jaar ingrijpend veranderd. Vanaf 1 januari bepalen zij welke zorg, en hoeveel uren zorg, een patiënt nodig heeft. ‘Indiceren’ is de vakterm. Voorheen deden grote ‘indicatiekantoren’ dat, en was de wijkverpleegkundige alleen druk met verplegen. Nu moeten wijkverpleegkundigen vóór 1 mei alle patiënten opnieuw hebben gesproken, en hebben besloten hoeveel zorg nodig is. Ook verwijzen ze patiënten zonodig door naar specialisten.

Die deadline – 1 mei – is Samsom een doorn in het oog. „Schrappen”, zegt hij. En inderdaad, in een aantal regio’s levert de deadline grote problemen op. In enkele Rotterdamse wijken merken wijkverpleegkundigen dat ze niet meer aan het gewone werk toekomen, omdat ze vooral bezig zijn met het ‘herindiceren’ van patiënten. Het kan wel drie uur duren om voor een patiënt te bepalen welke zorg nodig is.

Hettie Bolier, wijkverpleegkundige van Humanitas in Hoek van Holland, is helemaal vrijgemaakt om te gaan indiceren, maar heeft grote moeite om alle indicaties op tijd af te krijgen. Deze week kreeg ze weer twee nieuwe cliënten toegewezen die een indicatie moeten krijgen. Toen ze dat hoorde dacht ze: „O, nee. Ik ben nog lang niet klaar met de andere herindicaties.”

Caroline Smeets van Careyn in Zuid-Beijerland: „De deadline voor de indicaties is veel te krap.”

Opvallend is dat alle wijkverpleegkundigen die werken bij Buurtzorg Nederland, de grootste aanbieder van wijkverpleegkundige zorg in Nederland, helemaal geen moeite hebben met die deadline. Ze hebben de indicaties zelfs al bijna allemaal afgerond. Jos de Blok, directeur van Buurtzorg: „Wij zijn vorig jaar al begonnen met de voorbereiding en onze ict is zodanig ingericht dat een gemiddelde ‘indicatie’ ongeveer 45 minuten duurt. Wij maken ons geen zorgen.”

Samsom kreeg op dit punt ook al kritiek van branchevereniging Zorgverzekeraars Nederland, die zegt dat sommige zorgverzekeraars deze ‘deadline’ al hebben versoepeld. Een woordvoerder: „Het is een zachte deadline. Als wijkverpleegkundigen het écht niet halen, kunnen we altijd opschuiven.”

Ook over verzekeraars overdrijft hij

Ook Samsoms tweede grote punt van kritiek wordt door de wijkverpleegkundigen zelf genuanceerd. De partijleider zegt: zorgverzekeraars willen de wijkverpleegkundigen te veel controleren. In de praktijk leidt dat volgens hem tot ellenlange lijsten met ‘kwaliteitsindicatoren’ die de verpleegkundigen moeten aanleveren. Allemaal om te bewijzen dat hun patiënten écht de zorg nodig hebben die ze krijgen. Samsom stelt zelfs dat verzekeraars „een fundamentele bedreiging” zijn voor de zorghervormingen van het kabinet.

Van de wijkverpleegkundigen komen inderdaad voorbeelden die zijn verhaal ondersteunen. Een wijkverpleegkundige vertelt dat ze moet bijhouden hoe lang het aantrekken van een steunkous duurt (10 minuten), en dat ze ook uitgebreide ‘zorgleefplannen’ moeten opstellen – dat gaat ten koste van de tijd die ze aan zorg besteedt.

Maar dat is niet het enige verhaal. Anja Tolboom van Cordaan in Amsterdam: „Zorgverzekeraars? Ik merk niets van zorgverzekeraars.” En Aukje van Zimmeren, wijkverpleegkundige van Buurtzorg in Dinxperlo, ziet juist de voordelen van de kwaliteitsindicatoren die aan de zorgverzekeraars gestuurd moeten worden. Ze noemt het een „verrijking van mijn vak”, en zegt – net als veel andere wijkverpleegkundigen – dat het juist goed is dat zij nu moeten laten zien waarom patiënten de zorg krijgen waarvoor de zorgverzekeraars betalen.

Beroepsvereniging V&VN had ook al gemengde gevoelens bij het statement van Samsom. De politicus heeft een punt, stelt voorzitter Henk Bakker, maar echt vreselijk gaat het er in het veld niet aan toe: „Wij horen geen dramatische verhalen.”