Rechter: boek over Rabo vernietigen

De rechter laat een negatief boek over Rabo vernietigen, omdat bankmedewerkers met naam worden genoemd.

Rabobank pleegt kunstroof, maakt jacht op de collecties van kunsthandelaren en Rabobank-medewerkers intimideren en achtervolgen hun klanten. Dat is de strekking van het boek De Verpanding.

Vrijdag oordeelde de voorzieningenrechter in Den Haag dat alle exemplaren in de winkels en op voorraad moeten worden vernietigd. Reden is dat bankmedewerkers met naam worden genoemd, wat volgens de rechter een inbreuk is op persoonlijke levenssfeer. Er komt waarschijnlijk een geanonimiseerde herdruk.

Vorige week belandde De Verpanding nog op plaats zestien in de lijst van best verkochte boektitels. De kopers worden verzocht het boek terug te sturen. Het geld krijgen ze terug.

Schrijfster Paulien Derwort beschrijft in De Verpanding hoe bankafdeling Bijzonder Beheer, die bedrijven in zwaar weer begeleidt, bij twee kunsthandelaren met schuldproblemen, Tessa van Veen en Wim Koperberg, te werk ging.

Van Veen vertelt dat bankmedewerkers schilderijen in haar museum van de muur wilden halen en hoe de bedrijfsrecherche haar en haar man een half jaar achtervolgde. Met haar man richtte zij een stichting op die in het bezit is van bijna vijfhonderd kunstwerken van schilder Pieter van Goudzwaard. Kunstwerken van hem stelde zij ten toon in een museum in Zeeuws-Vlaanderen. Voor het museumpand en een woning sloot ze een hypotheek af, die ze niet kon terugbetalen.

„Het boek laat zien dat Rabobank heel ver gaat om beslag te leggen op de bezittingen van schuldenaars”, zegt Van Veen.

Rabobank daagde Stichting Restschuld Eerlijk Delen (RED), die opdracht gaf voor het boek, en uitgever Boektotaal. De bank heeft vooral problemen met het noemen van haar medewerkers met naam en toenaam. „Zij worden moedwillig in een kwaad daglicht gesteld”, zegt woordvoerder René Loman van de bank, „met de bedoeling de personen in kwestie onder druk te zetten.” De privacy van de medewerkers was volgens de bank in gevaar gekomen. Door personen te koppelen aan „uit de lucht gegrepen verzinsels” maakt het boek inbreuk in de persoonlijke levenssfeer. De rechter was het met de bank eens.

Rabobank verwerpt het boek als „tendentieus, onjuist en onvolledig”, maar „iedereen mag schrijven over Rabobank wat hij wil”. De bank – en de rechter – staat heruitgave toe als medewerkers worden geanonimiseerd.

Advocaat van de stichting en van uitgever Folkert Boonstra vergelijkt het vonnis met een „middeleeuwse boekverbranding”. Hij verwacht dat uitgever Boektotaal De Verpanding geanonimiseerd zal herdrukken. Volgens Van Veen bewijst het terughalen van het boek dat bankiers zich achter de bank kunnen verschuilen. „De namen zijn puur functioneel. Er staat niet ‘hij is een klootzak’, maar een beschrijving van hun daden.”

Advocaat Boonstra beroept zich op de bankierseed die sinds 1 april verplicht is: „Bankiers moeten verantwoording afleggen aan de samenleving en daarom ook op persoonlijke titel aanspreekbaar zijn. Als zij zelf vinden dat ze correct handelen, wat is er dan op tegen dat hun naam wordt vermeld?” Rabobank vindt dat een medewerker ervan uit moet kunnen gaan dat hij zijn werk kan doen zonder met naam en toenaam in de media te worden genoemd.

Van Veen ziet ook voordelen van het vonnis. „Publicitair doet ons dit alleen maar goed. Ons verhaal is al door de media verspreid.” En: „Dit is nog een slap aftreksel van de werkelijkheid. Het boek is een lieve versie.” Het is nog niet bekend of Stichting RED en uitgever Boektotaal in hoger beroep gaan.