Hier kun je tenminste gedachteloos over straat

Barbara Stok (45), bekend geworden met openhartige, autobiografische strips, heeft wereldwijd succes met Vincent over Van Gogh. Deze week verscheen De omslag, over de Groningse kunstenaar H.N. Werkman. „Nu heb ik wel genoeg van kunstenaars.”

Tekst Joke Mat Foto Kees van de Veen

Onverwacht geluk

„Over H.N. Werkman wist ik dat hij drukker was en dat hij in de oorlog is gefusilleerd – wat de meeste Groningers over hem weten. Zijn einde is al vaak beschreven, mijn boek gaat over de omslag van zakenman naar kunstenaar nadat zijn drukkerij failliet was gegaan. Het onverwachte geluk dat voortkomt uit een grote tegenslag, dat is een thema dat ook nu nog mensen kan aanspreken. Mensen als Werkman en Van Gogh hadden een groots leven, niet te vergelijken met mijn eigen leven. Ik probeer dichtbij hen te komen, hun leven terug te brengen tot het dagelijkse. Vincent wilde ik ook eerlijk neerzetten, zoals ik denk dat hij echt was, niet op een voetstuk.”

Metropolitan

„Met Vincent reis ik de hele wereld over. Deze maand geef ik lezingen in Athene, Toronto en het Metropolitan Museum of Art in New York. Het boek is in tien of elf talen vertaald. Vooral de Koreaanse vertaling doet het goed in de boekenkast.”

Smartphone

„Het is geweldig dat het zo goed gaat, tegelijk is het nu moeilijk de rust te bewaren die ik nodig heb om te werken. Dat vind ik toch al een opgave in deze tijd. Ik heb expres geen smartphone. Mijn vrienden klagen, neem er nou een, kunnen we appen. Ik doe het niet. Al die mailtjes ook. Ik zou het liefst mijn hele leven nooit meer een mailtje hoeven lezen en beantwoorden. En dan heb je ook nog Facebook en Twitter. Ik twitter af en toe, maar laat het al gauw weer verslonzen. Als je persoonlijke dingen wilt lezen kun je mijn strips lezen. Daarin heb ik het in een mooie vorm gegoten. Ik heb niet snel ergens een mening over. Ik hou van langer stilstaan bij onderwerpen, er een boek over lezen, en nog een en nog een. In plaats van snel iets opzoeken op Google of Wikipedia. Ik hou van traag. En traagheid is wat ik nodig heb.”

Tekstballonnetjes

„Een stripboek begint met een idee, dat ik uitwerk in een scenario. Als een soort beeldhouwer vul ik langzamerhand steeds meer details in. Het is altijd een puzzel in hoeveel plaatjes het verhaal kan worden verteld. Als ik dat weet maak ik de dialogen, die ik eerst nog tien keer inkort omdat er maar heel weinig tekst in de ballonnetjes past. Dan ga ik tekenen. Mijn man Ricky, die grafisch ontwerper is en ook strips heeft getekend, kleurt mijn strips in op de computer. Ik help hem dan weer bij zijn muziek, ik drum in zijn band. We werken allebei thuis. Ons huisje heeft twee slaapkamers, in de ene zit hij, onder de hoogslaper, in de andere ik. We hebben wel afspraken gemaakt: na ons ochtendoverleg niet de hele dag bij elkaar binnenlopen en om vijf uur stoppen. Mijn ouders hebben ook altijd samen een bedrijf gehad, in ladders en steigers. Mijn vader was directeur, mijn moeder deed de boekhouding. Ze zijn nu gepensioneerd en zeilen elke zomer naar Noorwegen of Zweden.”

Hitlersnorretje

„Om Werkman te kunnen tekenen ben ik over hem gaan lezen. Net als bij Van Gogh kon ik putten uit zijn brieven, die gebundeld zijn. Ik heb nauw samengewerkt met het Groninger Museum en Werkmandeskundige Anneke de Vries. Zij drukt zelf als hobby, met lood, lettertje voor lettertje. Daar ben ik bij gaan staan om te voelen hoe dat vroeger ging. Werkman bleek een soort maffe heer, altijd in driedelig pak. Met kleur probeer ik dat dan iets artistiekeriger te maken. Hij had ook gevoel voor humor. Toen hij briefpapier liet drukken in zijn eigen drukkerij, vergat iemand daar zijn telefoonnummer op te zetten. Hij werd niet boos maar zei: Nou, dat scheelt weer telefoontjes. Een groot deel van zijn leven had hij zo’n hitlersnorretje. Dat wilde ik hem niet aandoen, dus ik heb hem getekend met de wat vollere snor die hij ook een tijdje heeft gehad.”

Jan, Jans en de kinderen

„Ik denk wel dat ik als striptekenaar een unieke eigen stijl heb. Een beetje naïef, met een klare lijn. Als je wilt vergelijken: Ergens tussen Peter van Straaten en Jan Jans en de Kinderen, de voorloper van de autobiografische strip. Peter van Straaten zet vaak een sfeer neer. Geen grap, maar er zit toch humor in. Ik ben vooral beïnvloed door alternatieve Amerikaanse strips, die ik ontdekte toen ik een jaar of twintig was. Over seks, drugs en rock ’n roll. Zo heel anders dan de strips die ik kende uit mijn kindertijd: Kuifje, Guust Flater. Het ging over echte mensen die een kater hadden, naar bandjes gingen, net als ik. En er zat iets van maatschappijkritiek in. Ik verwerk in mijn strips thema’s als milieu, onthaasting, overconsumptie, bewakingscamera’s. Laatst heb ik voor Vrij Nederland een pagina gemaakt over de gasbevingen.”

Charlie Hebdo

„Cartoons vind ik leuk om te lezen maar het is een ander vak. Ik ben niet van de korte grap, ik hou van iets meer afstand, van observaties, en dan ben je al snel weg van de actualiteit. De aanslag op Charlie Hebdo was verschrikkelijk, maar dat mensen in Nederland de straat opgingen vond ik wat overdreven. Een paar weken later gebeurde er iets soortgelijks in Kopenhagen en toen deden ze dat niet. De grote betoging in Parijs vond ik wel weer indrukwekkend. Dat was logisch, omdat het daar was gebeurd.”

Wandelstok

„Als kind wilde ik schrijver worden, en later journalist. Ik ben begonnen als verslaggever en fotograaf voor huis-aan-huiskranten. De knullige lokale gebeurtenissen. Een bejaarde man die zijn wandelstok kwijt was. Een echtpaar dat zoveel jaar getrouwd was en de burgemeester op bezoek kreeg. Soms moest ik zelfs foto’s maken voor advertenties. Ken je die pagina’s met allemaal auto’s? Dat was echt een dieptepunt. Auto, klik. Auto, klik. En dan de doka in, je moest het zelf ontwikkelen. Het leuke van het werk: in het weekend van kanariepietententoonstelling naar grasbaanrace gaan. Voor de mensen van de kanariepieten was dat het centrum van de wereld. En de grasbaanraces voor de mensen daar. Daar kon ik wel van genieten. Ook trouwens van die man met zijn wandelstok. Hij was echt in tranen, het was een wandelstok die van zijn overleden vrouw was geweest. En hij is teruggekomen, door mijn stukje. Dan heb je toch iets goed gedaan.”

Groningen

„Ik heb een jaar in Den Haag gewoond en een jaar in de VS, verder altijd in Groningen. Amsterdam, waar ik ook vaak kom, is me te druk, te hectisch en ook te hip. Van die hippe koffiezaakjes, heel bijzonder ingericht. Er is ook altijd wel een chagrijn op straat die zegt dat ik moet doorlopen. In Groningen kun je gedachteloos over straat fietsen zonder dat je wordt aangereden. Ik ben in tien minuten bij mijn zeilbootje en in vijftien minuten in het bos. En o ja, de huren zijn een stuk lager. Ik zou niet buiten de stad willen wonen, dat vind ik weer te rustig. ”

Filosofen

„Van kunstenaars heb ik nu wel genoeg. Mijn eerstvolgende boek is weer een autobiografische bundel, en dan wil ik graag overstappen op filosofen. Ik ben erg geïnteresseerd in de oudheid, filosofie staat eigenlijk dichter bij me dan schilderkunst. Filosofen zijn bekend van hun gedachten. Hoe dat weer te geven in een strip – dat wordt een sprong in het diepe. Ik denk dat ik voor een wat onbekende filosoof ga, niet een Plato of Socrates. Dan kan ik mijn fantasie wat meer laten gaan.”