Column

Gratis Red Bull voor de happy few

Rolinde Hoorntje spot trends en tipt. Deze week: de artiest die steeds afhankelijker wordt van de diepte van de zakken van zijn sponsors.

Afgelopen weekend was DGTL, de tweedaagse aftrap van het festivalseizoen. Duizenden bezoekers meerden aan op de NDSM-werf in Amsterdam. ‘Make art not €’ stond er ironisch genoeg op de muur langs het festivalterrein. Hoogtepunt op zaterdag was de rode Red Bull-kraan. Ik schrijf het hier zo expliciet omdat ik vorige week in mijn column wel over een rode hijskraan schreef, maar vergat te vermelden dat het om een reclamecampagne ging.

Het energiedrankje had de kraan turned into designhotel ‘overgenomen’ voor een ‘brand activation’. De hele kraan - drie suites á 535 euro per nacht inclusief slangleren behang en gouden fonteintjes – was afgehuurd om zijn artiesten te pluggen. En het merk. Of was het andersom?

Anyhow, onderaan de kraan werd gevochten om de zilveren polsbandjes. Je mocht niet naar binnen tenzij je a) werkte bij Red Bull, b) vrienden was met Red Bull, c) journalist was, d) dj, rapper of het goed deed op de foto. De kraan scheidde het kaf van het koren, het festivalvee van de trendsetters. Beneden sloeg het Action-volk een jaarsalaris stuk aan DGTL-munten. Boven was er gratis Red Bull voor de ‘happy few’. Strak van de cafeïne stonden daar 50 ‘young influentials’ schouders te wrijven op pakweg 25 vierkante meter. Beneden was er ontzielde techhouse voor de alleseter; de kraan was een toevluchtsoord voor liefhebbers van kwaliteitsmuziek. Muziekfestivals zijn een marketingparadijs, en corporates zijn de nieuwe maffia. En niet alleen in Nederland.

Op Coachella, het Amerikaanse muziekfestival dat deze week in Californië begint, heeft H&M een 360° selfie-studio. En Garnier wast je haar in een pop-upkapsalon. Spullen, daar red je het niet meer mee in 2015. Slogans: te direct. Zelfs logo’s zijn te opzichtig. Voor de jongste generatie imagobewusten moet een merk worden geactiveerd met een ‘event’.

Millennials betalen niet meer voor muziek, dat doen de merken. Daarmee verdwijnt de directe relatie tussen afnemer en product. Het bereik van een artiest wordt zo steeds afhankelijker van de diepte van de zakken van zijn sponsor. Het geld voor een videoclip moet ergens vandaan komen. Hoe onderscheid je je anders als zolderkamerproducent?

Merken bepalen wie er komt bovendrijven in het groeiende muziekaanbod. En natuurlijk kijk ik liever naar Red Bulls-livestream van een goede dj-set dan een lelijke banner op een festival. Maar Red Bull is de uitzondering. Het heeft bijna twintig jaar ervaring, kennis en smaak. Er is een apart bedrijf dat producers als Flying Lotus kiest voor zijn jaarlijkse academy. Wat gebeurt er nu merken met minder kennis zich ook storten op de dancemarkt? De kraan was aan, maar ik vrees voor de rest.